Politiek: enquête woningcorporaties toont failliet zelfregulering aan

Voorzitter van de Tweede Kamer Anouchka van Miltenburg neemt het eindrapport van de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties in ontvangst uit handen van de voorzitter van de commissie Roland van Vliet (2e R).
Voorzitter van de Tweede Kamer Anouchka van Miltenburg neemt het eindrapport van de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties in ontvangst uit handen van de voorzitter van de commissie Roland van Vliet (2e R). ANP / Martijn Beekman

Politieke partijen zijn het erover eens dat het stelsel voor woningcorporaties op de schop moet. Ook vinden ze dat er beter toezicht moet komen. Dat blijkt uit de reacties op het rapport van de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties dat vandaag is gepresenteerd.

Het rapport valt niet mee, zegt VVD’er Roald van der Linde in een reactie.

“Ik zie dat het toch wel veel erger was dan we met zijn allen dachten. Als je het rapport leest: de een koopt een stoomboot, de ander speelt voor Sinterklaas en de huurders zitten met de Zwarte Piet.”

Failliet

Volgens Jacques Monasch (PvdA) toont het rapport ‘het failliet van de zelfregulering’ aan. Ook GroenLinks vindt dat de corporatiesector op de schop moet en dat het toezicht ‘heel snel’ moet worden verbeterd.

GroenLinks wil dat minister voor Wonen Stef Blok (VVD) ruimte creëert zodat groepen huurders zelf een woningcoöperatie kunnen starten. De ChristenUnie wil ook meer inspraak voor huurders bij corporaties.

Nare gevolgen

“Het rapport toont in mijn optiek echt aan dat de hele sociale volkshuisvesting is vermarkt en verzelfstandigd met alle nare gevolgen van dien”, zegt Sadet Karabulut (SP) in een reactie. Alle verantwoordelijke bestuurders, politici en toezichthouders hebben hun maatschappelijke taak ‘zwaar verwaarloosd’.

“En dat moet nu anders. Sociale volkshuisvesting moet weer sociaal worden en van de huurders.”

De SP’er staat achter de aanbeveling om huurders meer macht te geven. De PVV laat weten niet verbaasd te zijn over de conclusies en stelt dat het corporatiebestel ‘grondig herzien dient te worden’. (Novum)