Opinie

Nooit vloeide er zo veel bloed bij Sir Alan

In de boardroom van ‘The Apprentice’ (BBC1).
In de boardroom van ‘The Apprentice’ (BBC1).

Om te weten hoe het kapitalisme ervoor staat in zijn Europese hoofdstad Londen, moet je naar The Apprentice (BBC1) kijken. En dan is er in het tiende seizoen van het gevecht van jonge ondernemers om met topaap Sir Alan Sugar in zaken te mogen gaan, reden tot enige bezorgdheid.

Het stramien is hetzelfde, alleen mogen er in de jubileumeditie twintig in plaats van zestien jongeren elkaar de tent uitvechten. Zoals bekend gaat er veel mis bij het uitvoeren van de opdrachten en proberen de dames op hakken en de heren in maatpakken in de boardroom een ander voor hun fouten te laten opdraaien. Er moet er immers één ontslagen worden. Maar het zijn er ook wel eens twee. En in de aflevering van gisteren zelfs drie, een nieuw record.

Deel van de aantrekkelijkheid van de Britse invulling van de internationale succesformule is het contrast tussen de no-nonsense opvattingen van de selfmade tycoon en de zelfingenomenheid van de volgende generatie. Sir Alan houdt niet van advocaten en intellectuelen, en al helemaal niet van praatjesmakers, die hun pretenties niet waar maken.

Maar zo zout als dit jaar heeft hij het niet eerder gegeten. De arrogantie en lofzangen op eigen capaciteiten zijn stuitend, terwijl nog geen enkele van de jongens en meisjes ook maar iets heeft gedaan dat zijn goedkeuring kan wegdragen.

Tot overmaat van ramp kwamen de Britse kranten deze week met onthullingen over het verleden van sommige kandidaten. Laat de Daily Mail maar graven: Salomon maakte ooit een sekstape, James bezit een strafblad wegens openbare geweldpleging (hij beet bij een caféruzie in iemands oor) en tijdens de opnamen kreeg hij een verhouding met medekandidaat Lauren.

Nee, de City heeft geen erg goede naam meer bij het publiek. Interessanter is te ontdekken waar ze precies falen.

De opdracht van gisteren was volgens Sir Alan bij uitstek toegesneden op de 21ste eeuw. Twee teams moesten binnen 48 uur een video op YouTube zetten. Wie het minst aangeklikt werd, moest zich komen verantwoorden.

Beide teams gingen grappig doen, zoals wel vaker op YouTube. Wat daar succes scoort wordt niet bepaald door kwaliteit van de inhoud, integendeel. Vaak lijkt te gelden: hoe meliger, hoe beter. Maar de grondwet luidt dat het authentiek moet zijn. De grootste sproetenkop of pruilbakvis kan er rijk worden van huisvlijt, maar wie zich aanstelt of anderszins doet alsof, valt onmiddellijk door de mand.

Het door een aspirant-televisieproducente geleide team verzuimde het filmpje een titel te geven. Verder dachten ze te werken voor een doelgroep van 18-30 jaar, terwijl experts het niveau eerder inschatten op dat van 8-10-jarigen.

De Londense jeunesse dorée is het contact met zelfs de virtuele werkelijkheid aan het kwijtraken. Maar in één opzicht zijn ze in het Verenigd Koninkrijk veel verder dan in het oude Europa. Er wordt geen enkel moment, zelfs niet als subtekst, gerefereerd aan de gevarieerde etnische herkomst van de kandidaten. Die is volstrekt vanzelfsprekend: je faalt niet omdat je Colombiaan bent of een hoofddoek draagt, maar omdat je niet levert wat je belooft.