Hoop doorbraak Kobani na komst peshmerga

Tweehonderd strijders arriveren in door IS belegerde grensstad

Strijders naar Kobani
Strijders naar Kobani

Onder grote aandacht van de internationale pers zijn gisteren honderden Syrische rebellen en Iraaks-Koerdische strijders aangekomen in de belegerde Syrische grensstad Kobani. Ze gaan daar Koerden helpen het beleg van terreurgroep Islamitische Staat (IS) te breken. Het is de vraag of ze de strijd om de stad, die al weken duurt, zullen doen kantelen.

Met de nodige bombarie werden de 150 peshmerga uitgezwaaid in Erbil, de hoofdstad van Iraaks-Koerdistan. Een deel landde gisteren in de stad Sanliurfa, in het zuidoosten van Turkije, waarna ze onder legerescorte naar de Syrische grens reden. Een andere groep reed in een konvooi met zware wapens vanuit Noord-Irak via Turkije naar Kobani. Ze werden als helden onthaald door Turkse Koerden die langs de route stonden.

Behalve van de peshmerga krijgt het Koerdische verzet in Kobani ook versterking van vijftig strijders van het Vrije Syrische Leger (FSA), de gewapende tak van de gematigde oppositie die wordt gesteund door Turkije en het Westen. Dit is een experiment: het Westen hoopt dat het FSA samen met de Koerdische militie in Syrië de opmars van IS kan stuiten.

Kobani is de eerste test. Koerdische strijders van de YPG (de zusterorganisatie in Syrië van de Turks-Koerdische guerrillabeweging PKK) houden al weken ternauwernood stand tegen een offensief van IS, dat ongeveer de helft van Kobani in handen zou hebben en de stad van drie kanten omsingelt. Daar hebben tientallen Amerikaanse luchtaanvallen en de dropping van zwaardere wapens geen verandering in kunnen brengen.

Daarom groeide de internationale druk op Turkije om de grens te openen voor wapens en versterkingen. Maar Turkije wilde alleen Syrische rebellen en Iraakse peshmerga doorlaten en geen strijders van de PKK. Turkije ziet die groep als een terroristische organisatie die deze wapens kan inzetten tegen de Turken.

Of een paar honderd Syrische en Iraakse strijders wel het verschil zullen maken, hangt onder meer af van de effectiviteit van hun wapens. De peshmerga zullen niet in de frontlinie meevechten, maar hebben alleen een ondersteunende rol. Ze hebben artillerie, zware machinegeweren, raketwerpers en kanonnen meegenomen. Dit soort zware wapens ontbeerde het Koerdische verzet tot nu toe tegen de tanks en pantservoertuigen van IS.

Maar luchtaanvallen blijven onontbeerlijk. De VS hopen in Kobani dezelfde succesvolle tactiek toe te passen passen als in Noord-Irak. Daar is IS uit enkele stadjes verdreven door een combinatie van luchtaanvallen en een grondoffensief van peshmerga, shi’itische milities en het leger. Het Syrische regime juicht de komst van de peshmerga in ieder geval toe, want „IS is de vijand van de menselijkheid”.

Ook bij de honderdduizenden Syrische Koerden in Turkije, die uit Kobani en omgeving zijn gevlucht door de strijd, zijn de verwachtingen hooggespannen. „We verwachten dat ze IS uit Kobani verjagen zodat we terug naar onze huizen kunnen”, zei Ahmed Boza uit Kobani tegen persbureau AP.