Europeanen zijn zich niet bewust van wat hen dreigt

Het is ongepast dat de EU in tijd van oorlog in Oekraïne zo aan het bezuinigen is. Poetin kan nu achteroverleunen, meent George Soros.

Illustratie manny francisco

Het bestaan van Europa wordt door Rusland op de proef gesteld. De Europese leiders en hun burgers zijn zich niet ten volle van deze uitdaging bewust of weten niet hoe ze die tegemoet moeten treden. Ik wijt dit aan het feit dat de EU in het algemeen en de eurozone in het bijzonder na de financiële crisis van 2008 de weg zijn kwijtgeraakt.

De begrotingsregels die op dit moment in Europa gelden, hebben veel wrevel bij de bevolking gewekt. Anti-Europese partijen hebben bij de laatste verkiezingen voor het Europees Parlement veel zetels behaald, maar tot voor kort konden ze niet op een reëel alternatief voor de EU wijzen. Nu biedt Rusland een alternatief dat een wezenlijke bedreiging vormt voor de waarden en beginselen waarop de Unie oorspronkelijk is gegrondvest.

Het berust op het gebruik van geweld dat zich uit in repressie in eigen land en agressie in het buitenland, en dat in strijd is met de rechtsstaat. Het schokkende is dat het Rusland van Poetin zich in een aantal opzichten superieur aan de EU heeft getoond – flexibeler en steeds weer met onverwachte verrassingen. Daarmee heeft Moskou een tactisch voordeel gekregen, althans op korte termijn.

Europa en de VS zijn – ieder om hun eigen redenen – vastbesloten elke rechtstreekse militaire confrontatie met Rusland uit de weg te gaan. Rusland doet zijn voordeel met hun terughoudendheid. In strijd met zijn verdragsverplichtingen heeft Poetin de Krim ingelijfd en separatistische enclaves in Oost-Oekraïne gevestigd. Toen de regering in Kiev die onlangs is aangetreden de kleinschalige oorlog in Oost-Oekraïne van de door Rusland gesteunde separatisten dreigde te gaan winnen, viel Poetin met reguliere grondtroepen Oekraïne binnen. Hij schond hiermee de Russische wet waaronder dienstplichtigen niet zonder hun toestemming in het buitenland hoeven te dienen.

Het vervolg laat zich voorspellen. Poetin zal de verkiezingsuitslag van afgelopen zondag gebruiken om de Oekraïense president Petro Porosjenko gas en andere aanlokkelijke voordelen te bieden, mits hij een premier benoemt die voor Poetin aanvaardbaar is. Poetin kan dan achterover leunen en de economische en financiële ineenstorting van Oekraïne afwachten. Ik vermoed dat hij misschien een grote uitruil zal voorstellen waarin Rusland de VS tegen IS zou helpen – door Syrië bijvoorbeeld niet de S-300- raketten te leveren die het heeft beloofd om zo de Amerikaanse overheersing in de lucht in stand te houden. Rusland zou zijn gang mogen gaan in het ‘nabije buitenland’, zoals veel van de landen die aan Rusland grenzen worden genoemd. En erger nog: president Obama zou weleens op zo’n uitruil kunnen ingaan.

Dit zou een tragische vergissing zijn, met vergaande geopolitieke gevolgen. Zonder de dreiging van IS te onderschatten, zeg ik dat het behoud van de onafhankelijkheid van Oekraïne voor dient te gaan; anders zou zelfs de alliantie tegen IS uit elkaar vallen. De val van Oekraïne zou een enorm verlies zijn voor de NAVO, de EU en de VS. Een zegevierend Rusland krijgt zo meer invloed binnen de EU en vormt dan een grote bedreiging voor de Baltische staten.

In de huidige Europese houding tegenover Oekraïne ontbreekt het besef dat de Russische aanval op Oekraïne indirect ook een aanval is op de EU en haar beginselen. Het mag duidelijk zijn dat het ongepast is voor een land, of een samenwerkingsverband van landen, om in tijd van oorlog een bezuinigingsbeleid te voeren zoals de EU dat doet. Alle beschikbare middelen dienen in de defensie-inspanning te worden gestoken, ook als dit tot begrotingstekorten leidt. Het wordt tijd dat de EU-lidstaten wakker worden en zich gedragen als landen die indirect in oorlog zijn. Ze zijn beter af door Oekraïne te helpen zich te verdedigen dan door zelf te moeten vechten. De innerlijke tegenstrijdigheid tussen een staat van oorlog en een voorgezet bezuinigingsbeleid moet hoe dan ook worden opgeheven.

Het IMF moet een financiële injectie van minstens 20 miljard dollar aanbieden, met de belofte van meer als dit nodig is. Vier miljard dollar zou dienen om de achterstallige Oekraïense betalingen te compenseren, 2 miljard voor het herstel van de kolenmijnen in het oosten die nog onder beheer van de centrale overheid staan en 2 miljard voor de aankoop van extra gas voor de winter. De rest zou de valutareserves van de centrale bank aanvullen.

Het wordt tijd dat de EU kritisch naar zichzelf kijkt. Er moet iets met de Unie mis zijn als het Rusland van Poetin zo succesvol kan zijn. De EU-bureaucratie heeft niet meer het monopolie op de macht en heeft weinig om trots op te zijn. Ze moet leren eendrachtiger, flexibeler en efficiënter te zijn. En de Europeanen moeten eens goed naar het nieuwe Oekraïne kijken. Daarmee kunnen ze de oorspronkelijke geest herkrijgen die tot de EU-oprichting heeft geleid. Door Oekraïne te redden, redt de Unie ook zichzelf.