‘Op het podium mag ik een diva zijn’

Zangeres Florieke Beelen (27) is mezzosopraan. Deze week neemt ze deel aan masterclasses bij Christa Ludwig en Jard van Nes, binnenkort zingt ze haar derde kleine rol bij De Nationale Opera.

Foto Maurice Boyer

Hoe zou je je werk/jezelf omschrijven?

„Ik ben klassiek zangeres, een hogere mezzosopraan. Vooral opera’s van Mozart passen nu goed bij mijn stem. Maar ik zing ook graag lied: Mahler, Rachmaninov, Franse liederen van bijvoorbeeld Duparc en Debussy. Ik denk dat ik flink veel doorzettingsvermogen heb, naast nuchterheid en enthousiasme. Ik wil veel.”

Wie is je grootste voorbeeld?

„Joyce DiDonato: een rasartieste die met haar enorme charisma op het podium als vanzelf alle aandacht naar zich toe zuigt. Dat wil ik ook! Dat ik heel nuchter ben opgevoed, hielp daarbij aanvankelijk niet. Niemand gaat naar de opera om een doodgewoon meisje te zien die alles relativeert. Maar inmiddels gaat het beter. Ik maak een onderscheid: in het dagelijks leven doe ik normaal, op het podium mag ik een diva zijn.”

Wat is de belangrijkste les die je geleerd hebt?

„Te zingen met mijn ‘echte stem’. Toen ik twintig was, klonk ik als dertig. Maar dat ‘bijkleuren’ is nergens goed voor, leerde ik van mijn lerares Charlotte Margiono. Als je gewoon met je eigen stem zingt, kom je dichter bij je emoties en ben je als vertolker ook authentieker.”

Heb je droomrollen?

„Dido van Purcell, Charlotte in Werther van Massenet, Concepción van Ravel in L’heure espagnole. Zij droomt van een minnaar naast haar man, maar vindt hem niet. Als ik zó’n extreem karakter geloofwaardig kan acteren, heb ik mijn verleden als meisje uit Nederweert definitief afgeschud.”

Wanneer verwacht je je doorbraak?

„Die hangt vaak af van omstandigheden die je niet in de hand hebt, zoals een invalbeurt voor een zieke. Als ik na een auditie de rol niet krijg, trek ik me dat niet al te zeer aan. Ze casten een ‘type’, en als ik dat type niet ben, dan is dat zo.”

Wat is favoriete muziekstuk?

Così fan tutte van Mozart vind ik geweldig en ik houd ook erg van Mahler. De Rückert Lieder, de Lieder eines fahrenden Gesellen. Dat ik daaraan deze week mag werken met Christa Ludwig en Jard van Nes is geweldig; zij excelleerden in dat repertoire.”

Houd je alleen van klassieke muziek?

„Nee, ik luister ook graag naar 3FM en naar jazz. Zelf ben ik als zangeres begonnen in een popbandje. Beroemd zijn we niet geworden. We traden vooral op in ‘De Bosuil’ in Weert.”

Wat was de belangrijkste gebeurtenis in je carrière tot zover?

„Mijn eerste rolletje bij De Nationale Opera. Want nu is daar voor de tweede keer weer een nieuwe rol uitgekomen, in Il viaggio a Reims van Rossini. Een kleine rol, maar toch.”

Wat wil je bereiken?

„Ik hoop me breed te ontwikkelen, in veelomvattend repertoire. Opera, lied én oratorium. Daarvoor wil ik alles geven. Ik heb eerst een master economie gehaald, maar koos voor het zingen. Mocht mijn carrière als zangeres niet van de grond komen, dan vind ik de organisatorische kant van het muziekleven ook heel interessant.”

    • Mischa Spel