Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

Hard oordeel over falen ‘arrogante’ PvdA in Den Haag

De Haagse PvdA was arrogant en wist niet wat er in de eigen achterban leefde.

Bij de PvdA in de stad Den Haag heerste de afgelopen jaren een vechtcultuur. Wethouders stelden zich arrogant en afstandelijk op, de persoonlijke verhoudingen in de raadsfractie waren verziekt, er ontbrak een aansprekend politiek verhaal en de partij had geen flauw idee wat er in de eigen achterban leefde. Ook heerste er een grote „afhankelijkheid” van „etnische doelgroepen”, wat door de buitenwacht zou kunnen worden gezien als „cliëntelisme”.

Dat concludeert bestuurskundige Pieter Tops in een intern partijrapport dat onlangs verschenen is. Op verzoek van de Haagse afdeling evalueerde een commissie onder zijn leiding de zware nederlaag van de PvdA bij de raadsverkiezingen van maart dit jaar. In Den Haag ging de partij van 10 naar 6 zetels; vier jaar geleden kelderde ze al van 15 naar 10.

Het rapport, te lezen op de website van de afdeling, velt een hard oordeel over de Haagse PvdA. Tops omschrijft de persoonlijke verhoudingen als volgt: „Wethouders die hun eigen gang gingen en niet of nauwelijks tot normaal overleg bereid of in staat waren. Een fractie die in kampen uiteen was gevallen [..] Moeizaam overleg tussen fractie en wethouders. Geen leiderschap – van wie dan ook – dat op cruciale momenten ‘de boel bij elkaar wist te houden’. En een gebrek aan respect waarmee vaak over anderen in de PvdA gesproken wordt”.

Als katalysator voor de verslechterde verhoudingen, schrijft Tops, werkte de opstelling van de PvdA omtrent het Spuiforum. De manier waarop de PvdA-wethouders de bouw van dit omstreden cultuurpaleis doordrukten getuigde van een „betrekkelijk technocratische en gesloten bestuursstijl”. De PvdA gedroeg zich als „de partij van de wolkenkrabbers, de zweefbruggen en cultuurpaleizen.”

Zonder diens naam te noemen lijkt Tops de huidige PvdA-leider en wethouder Rabin Baldewsingh aan te wijzen als een van de hoofdschuldigen voor de malaise. „Aansprekend leiderschap is niet per strekkende meter voorradig.” Baldewsingh zegt „ontzettend blij” te zijn met het rapport en het te zien als steun voor zijn politieke koers. „We gaan weer mensen en niet bakstenen centraal stellen. Ik ga leiderschap tonen de komende tijd”.

Oud-raadslid Gerard Verspuij, die met zijn partij botste over het Spuiforum, denkt dat Baldewsingh juist „een blokkade” vormt voor herstel van de PvdA. „Hij is al zestien jaar verantwoordelijk voor een beleid van: met de rug naar de kiezers staan. En een meerderheid van de huidige fractie heeft zich daar nooit tegen verzet”. Vanavond bespreekt de afdeling de bevindingen van de commissie.

Het rapport-Tops is niet de eerste kritische zelfreflectie bij de PvdA. Onlangs schetste een werkgroep van de PvdA Friesland ook al een somber beeld van de organisatie en electorale vitaliteit van de partij. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart behaalde de PvdA landelijk haar slechtste resultaat tot dan toe. In peilingen voor de Tweede Kamer schommelt de partij op dit moment tussen 12 en 17 zetels – meer dan een halvering van het huidige aantal.

De commissie-Tops doet aanbevelingen om de PvdA in Den Haag er weer bovenop te helpen. De partij moet meer aandacht hebben voor burgers en minder voor het „bestuurlijke circuit”. „Solidariteit” en „een fatsoenlijke samenleving” moeten kernwaarden worden. Ook van belang: meer humor. „Als je een beetje om jezelf en elkaar kunt lachen, werkt het vaak zo veel prettiger”.