Eurocommissaris: lidstaten op 17 oktober op de hoogte van naheffing

Jacek Dominik, de Poolse eurocommissaris die verantwoordelijk is voor de begroting, tijdens een persconferentie.
Jacek Dominik, de Poolse eurocommissaris die verantwoordelijk is voor de begroting, tijdens een persconferentie. Foto EPA/ Olivier Hoslet

De ophef die is ontstaan over de naheffingen die enkele EU-landen, waaronder Nederland, hebben gekregen heeft de Europese Commissie verrast. Dat heeft eurocommissaris Jacek Dominik, verantwoordelijk voor de Europese begroting, gezegd. Volgens hem waren de lidstaten sinds 17 oktober op de hoogte.

De uitlatingen van Dominik lijken in strijd met verklaringen van premier Mark Rutte (VVD) en minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem (PvdA). Volgens hen heeft Nederland op ambtelijk niveau om opheldering gevraagd over de naheffing, nadat de cijfers op 17 oktober waren meegedeeld.

UPDATE 16.19 uur  Het ministerie van Financiën wil niet reageren op de mededelingen van de Europese Commissie, zegt een woordvoerder tegen persbureau Novum. Morgen gaat er een brief naar de Tweede Kamer, die om opheldering heeft gevraagd.

Verrassing

Zowel minister Dijsselbloem van Financiën als premier Rutte zeiden verbaasd te zijn over de naheffing. Niet zozeer dát er een bedrag extra betaald zou moeten worden - er was al wel duidelijk dat dat eerder bekend was bij de landen - maar dat het bedrag zo hoog is uitgevallen. Dijsselbloem zei gisteren in het tv-programma Nieuwsuur dat hij wel van plan is te gaan betalen, maar dan moet het bedrag echt kloppen.

Volgens Dominik is dat zo: de naheffingen zijn gebaseerd op cijfers die door de nationale statistiekbureaus - in het geval van Nederland het CBS - zijn aangeleverd en vervolgens zijn gecontroleerd door het Europese statistiekbureau Eurostat. Dominik benadrukte volgens persbureau Novum dat de hoogte van de afdrachten geregeld wordt herzien. Sommige landen moeten geld betalen, sommige krijgen geld terug. Beduidend meer landen krijgen trouwens geld terug, waaronder Frankrijk (ruim een miljard) en Duitsland (779 miljoen).

Cameron wil niet betalen

In tegenstelling tot Nederland is Groot-Brittannië niet bereid te gaan betalen. Het kreeg de grootste naheffing van de Europese Commissie, ruim 2,1 miljard. Hij zwoer de “onrechtvaardige” rekening op “elke mogelijke manier” te zullen aanvechten. Tegenover zijn collegaleiders zou hij een gematigder toon hebben aangeslagen en alleen zijn zorgen hebben geuit over de deadline, die al zo vroeg is, schrijft Reuters.

Aan zijn woedebui zal ongetwijfeld de politieke situatie in eigen land ten grondslag liggen, schreven Philip de Witt Wijnen en Stéphane Alonso zaterdag in NRC Handelsblad (€):

“Camerons woedeaanval lijkt vooral het gevolg van de politieke situatie in eigen land: de anti-Europese UKIP timmert electoraal flink aan de weg ten koste van Camerons eigen Tories. Vóór 1 december moet bovendien het Britse Lagerhuis beslissen over een zogenaamde opt in – het meedoen van de Britten met 35 Europese justitie- en politiemaatregelen. Zo’n honderd parlementariërs van Camerons Tories hebben gezegd te zullen rebelleren. De kans daarop is nu groter, terwijl Cameron juist te boek wil staan als leider die successen behaalt in Brussel.

Er staat veel op het spel: in 2017 wil hij, als zijn partij de verkiezingen wint, een referendum over het EU-lidmaatschap organiseren. Cameron wil naar eigen zeggen een ‘Brexit’ voorkomen. „Dit helpt zeker niet”, zei hij vrijdag. Wat ook niet helpt is dat Frankrijk, dat vorige week een gammele, veel bekritiseerde nationale begroting inleverde in Brussel, juist geld terugkrijgt: ongeveer een miljard.”