Je staat weer (iets) vaker in de file

ROTTERDAM - Medewerkers van Rijkswaterstaat herstellen de schade die is ontstaan aan de vangrail op de A16 ter hoogte van de Van Brienenoordbrug, nadat een vrachtwagen er doorheen is gereden. ANP MARCO DE SWART

Nederlanders fietsen verder, vliegen vaker en staan iets vaker in de file. Het aantal verkeersdoden daalt fors, de uitstoot van CO2 daalt slechts licht. Net als tien jaar geleden verplaatsen we ons gemiddeld drie keer per dag, en leggen we daarbij 30 kilometer af.

Het zijn enkele van de 32 ontwikkelingen die worden gesignaleerd in het Mobiliteitsbeeld 2014, dat vandaag naar de Tweede Kamer is gestuurd. Het rapport schetst de trends in het Nederlandse verkeer en vervoer en is opgesteld door het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM), een onderzoeksafdeling van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Zes verkeer- en vervoertrends, met toelichting van KiM-directeur George Gelauff.

1. Het aantal files neemt licht toe

De laatste vijf jaar stonden we minder lang in de file. Die positieve ontwikkeling stagneert. Voor 2015 verwacht het KiM een toename van files met 1 procent. Gelauff: “De economie trekt weer een beetje aan. De forse daling sinds 2008 werd veroorzaakt door de economische crisis, en sinds 2010 door de aanleg van extra rijstroken. De effecten van wegverbredingen en spitsstroken zijn vooral merkbaar op de A1, A2, A4, A9, A12 en A27. Andere factoren, zoals thuiswerken, lagere maximumsnelheden, snelheidscontroles of nieuwe wegen, hebben veel minder invloed op filevorming. Zonder de crisis zou de verkeersomvang tussen 2008 en 2013 met 7 procent zijn toegenomen, en het reistijdverlies met 17 procent.”

2. We fietsen vaker en verder

Het aantal gefietste kilometers is sinds 2004 toegenomen met 6,5 procent. Dat komt vooral doordat we meer fietsen naar werk en school, en door toenemend gebruik van de elektrische fiets. De gemiddelde gefietste afstand met een e-fiets is 6,3 kilometer, met een gewone fiets 3,6 kilometer. Gelauff: “Ruim een kwart van alle 65-plussers heeft een e-fiets. Vooral vrouwen boven de veertig fietsen veel.”

3. We vliegen vaker, en meer vanaf regionale vliegvelden

Vorig jaar namen Nederlanders 23 miljoen keer het vliegtuig. Op de regionale vliegvelden steeg het aantal vluchten met ruim 18 procent, naar 5,5 miljoen. De grootste regionale luchthaven is Eindhoven, met 3,4 miljoen passagiers. Gelauff: “Het aantal passagiers van en naar Eindhoven is in vier jaar tijd verdubbeld. Dat heeft veel te maken met de aanwezigheid van Ryanair. Passagiers vinden regionale vliegvelden ook aantrekkelijk: dicht bij huis, minder ver lopen op het vliegveld, overzichtelijk.”

4. Utrechters fietsen meer dan Rotterdammers

In Amsterdam en Utrecht is de fiets populair als lokaal vervoersmiddel, in Den Haag en Rotterdam wint de auto. In Zwolle, Groningen, Leeuwarden en Amersfoort wordt veel gefietst; fietsen maken 40 procent of meer van het lokale verkeer uit. In Arnhem, Breda, Tilburg en Maastricht wordt veel minder gefietst, in deze steden is het aandeel van de fiets 30 procent of minder. Gelauff: “We gaan uit van vijf verklaringen voor deze lokale verschillen. Studentensteden scoren hoog. Er is de demografische factor: jongeren fietsen meer. De sociaal-culturele factor: niet-westerse allochtonen fietsen minder. En dan zijn er nog de ruimtelijke ordening en het beleid: zijn er veel voorzieningen voor fietsers? We weten nog niet hoe we deze factoren onderling moeten wegen.”

5. Aantal verkeersdoden daalt, aantal gewonden stijgt

In 2013 vielen er 570 doden in het verkeer. In 2012 waren dat er 650, een daling van 12 procent. Onder de verkeersdoden waren meer voetgangers, fietsers, brom- en snorfietsers: zij maakten vorig jaar 57 procent uit van het aantal slachtoffers in 2013. Gelauff: “De daling van het aantal doden komt deels door veiliger auto’s: airbags, cruise control, antiblokkeersystemen. Weginrichting speelt ook een rol: er zijn meer rotondes gekomen en meer 30- en 60-kilometerzones.”

6. Groei, groei, groei

Het KiM voorziet voor komend jaar drie keer groei. Het wegverkeer stijgt licht door de aantrekkende economie. Het goederenvervoer profiteert van aantrekkende internationale handel. Ook de luchtvaart zal verder groeien.