Media

Het briljante businessmodel van Elsevier: universiteiten uitknijpen

Foto HH

Het Brits-Nederlandse uitgeversconcern Reed Elsevier (29.200 werknemers) heeft alweer goede maanden achter de rug blijkt uit de kwartaalupdate van vanochtend. Op veel universiteiten zien ze het liever anders. Liefst 14.815 academici hebben zich inmiddels aangesloten bij The Cost of Knowledge: een in 2012 gelanceerde boycot van de uitgever. Zij weigeren nog langer te publiceren in Elsevier-bladen.

Waarom zijn academici boos?

Elsevier is uitgever van belangrijke wetenschappelijke databases en tijdschriften zoals The Lancet. Daardoor heeft het nogal veel macht in academische kringen. En die maakt het te gelde.

Vorig jaar publiceerde Elsevier ruim 350.000 wetenschappelijke artikelen in ruim 2.000 bladen en dat maakt het bedrijf onmisbaar. Voor universiteiten, omdat ze niet kunnen zonder abonnementen op die tijdschriften en voor wetenschappers, die om relevant te zijn moeten publiceren in die vakbladen.

Volgens de boycotters buit Elsevier die machtspositie uit en boekt het “gigantische winsten”. Zij pleiten voor een open access-systeem om wetenschappelijke kennis (vaak betaald met belastinggeld) wereldwijd gratis uit te wisselen.

Hoogleraren informatica Krzysztof Apt (Universiteit van Amsterdam) en Wan Fokkink (Vrije Universiteit ) vatten het eerder als volgt samen. Wetenschappelijk onderzoek publiceren is voor uitgevers als Elsevier een zeer lucratieve business, goed voor zo’n zeven miljard euro per jaar.

“Maar in feite doen wetenschappers vrijwel al het werk, zonder kosten in rekening te brengen. Zij schrijven de artikelen, treden op als redacteuren die tijdschriften beheren en beoordelen het werk van vakgenoten om te beslissen welke artikelen van voldoende kwaliteit zijn.”

Wat verdient Elsevier dan?

In het eerste half jaar boekte Elsevier een nettowinst van 736 miljoen euro: een stijging van 5 procent. Het uitgeversconcern doet het beduidend beter dan het beursgemiddelde.

Dat is mede te danken aan de wetenschappelijke tak die met omgerekend ruim 1 miljard euro goed is voor bijna de helft van de bedrijfswinst.

Het is moeilijk om die bedragen nader te specificeren. Universiteiten moeten een geheimhoudingsverklaring over de abonnementsprijzen tekenen. Elsevier-bons David Tempest was daar vorig jaar op een Oxford-conferentie (onbedoeld) eerlijk over: zonder geheimhoudingsclausule dalen de prijzen.

Dankzij The Cost of Knowledge is wel wat bekend. Zo zijn de Elsevier-wiskundebladen met gemiddeld 1,3 dollar per pagina beduidend duurder dan het gerenommeerde wiskundeblad The Annals of Mathematics (12 dollarcent) van Princeton. Een Amerikaanse universiteit als Cornell is 1,9 miljoen dollar per jaar kwijt aan abonnementen.

Heeft Elsevier last van die wetenschappers?

Volgens hoogleraar Fokkink ligt het antwoord in de beurskoers. En die toont een stijgende lijn. “Elsevier heeft de boel nog steeds in een houdgreep.” Al gelooft Fokkink wel degelijk in de de toekomst van open access. “Ik zou geen aandelen Elsevier kopen.”

In analistenland maakt men zich nog niet veel zorgen. Sander van Oort van zakenbank Kempen & Co wijst erop dat de overgang naar open access langzaam gaat.

“De impact is bij Elsevier bovendien niet goed zichtbaar in de resultaten vanwege de groei elders zoals de introductie van nieuwe journals, digitale platforms en prijsverhogingen.”

Johan Van Den Hooven van SNS Securities zegt dat open access wel iets is om rekening mee te houden op de lange termijn. “Het heeft nu een marktaandeel van een paar procent, dat het tien of twintig procent wordt zie ik zo gauw niet gebeuren.” Komt bij dat wetenschappers zelf het qua prestige nu nog veel te belangrijk vinden om in de Elsevier-tijdschriften te staan.

Ook The Cost of Knowledge-initiatiefnemer Tyler Neylon gaat het “niet snel genoeg”. Hij mailt:

“I hope the boycott will - at very least - make it socially acceptable, if not socially expected, for individuals to act on their wishes to move the academic research world into a new era of knowledge that is free and available to all.”

Elsevier zelf benadrukt overigens open access belangrijk te vinden.