Rechter: wiet telen is logisch gevolg van het gedoogbeleid

De rechtbank in Groningen deed eind vorige week een opmerkelijke uitspraak. Voor het eerst kregen wiettelers geen straf opgelegd, omdat ze zouden handelen in lijn met het softdrugsbeleid. Dit verhoogt de druk op de regering om na de verkoop van wiet ook de teelt ervan te legaliseren.

John en Ines kweken biologische cannabis. Foto´s: Sake Elzinga
John en Ines kweken biologische cannabis. Foto´s: Sake Elzinga

De druk op het Nederlandse cannabisbeleid neemt toe. Voor het eerst heeft een rechter twee henneptelers schuldig verklaard zonder straf op te leggen.

Volgens de rechtbank in Groningen sluit de hennepteelt van de ‘modelkwekers’ namelijk aan bij het Nederlandse gedoogbeleid. Het Openbaar Ministerie heeft beroep aangetekend tegen de uitspraak.

De rechtbank in Groningen oordeelde vorige week dat twee wietkwekers uit Bierum de Opiumwet hebben overtreden. Tegelijkertijd hebben ze, aldus het vonnis, „gehandeld binnen de belangrijkste doelstellingen van het door de overheid ontwikkelde softdrugsbeleid, te weten het belang van de volksgezondheid en het handhaven van de openbare orde”. Daarom verdienen ze geen straf.

Braaf belasting betaald

John (49) en Ines (39) verbouwden hun planten ‘veilig en verantwoord’ op een steenworp afstand van de Waddenzee. Ze veroorzaakten geen overlast. Er werd biologisch geteeld, zonder gif en bestrijdingsmiddelen, en geen elektriciteit illegaal afgetapt. Het duo betaalde de hoge energierekeningen en droeg over de opbrengst belasting af, op advies van de fiscus zelf. Ze deden uitsluitend zaken met twee coffeeshops in bezit van een ‘gedoogvergunning’.

Het is nog niet eerder voorgekomen dat henneptelers op deze gronden bij de rechter vrijuit gingen. Wel kregen verschillende coffeeshopeigenaren met een te grote handelsvoorraad wiet geen straf. „De achterdeur is ten dele opengezet”, constateerde strafrechtadvocaat Tim Vis namens de verdachten op de zitting.

De uitspraak onderstreept de paradox van het Nederlandse gedoogbeleid. Dat schrijft voor dat je wiet mag kopen en mag verkopen in een coffeeshop als die over een gedoogverklaring van de burgemeester beschikt. Dit wordt vaak de gelegaliseerde voordeur van het Nederlandse softdrugsbeleid genoemd. Tegelijkertijd blijft het verboden hennep te telen in hoeveelheden zoals de twee in Bierum deden. Dit is de, voorlopig illegale, achterdeur van het gedoogbeleid. Om aan de wiet te komen die ze legaal mogen verkopen, moeten coffeeshophouders dus zaken doen met telers die in strijd met de wet wiet verbouwen.

    • Wubby Luyendijk