Allemaal een daderprofiel. Ook gij Lodewijk A.

4 oktober 2012 – In de de week waarin Nederland ten strijde trok tegen een gewelddadige beweging waar de meeste mensen een jaar geleden nog nooit van hadden gehoord, ontstond onder de radar te weinig opschudding over een binnenlands gevaar. Vadertje Staat zelf. De overheid trekt de elektronische teugels aan en zet de burger weer

4 oktober 2012 - In de de week waarin Nederland ten strijde trok tegen een gewelddadige beweging waar de meeste mensen een jaar geleden nog nooit van hadden gehoord, ontstond onder de radar te weinig opschudding over een binnenlands gevaar. Vadertje Staat zelf. De overheid trekt de elektronische teugels aan en zet de burger weer iets naakter in het detectiepoortje van de bureaucratie.

Verdacht tenzij het tegendeel blijkt. Dat is steeds meer de realiteit van een overheid die diep argwanend is geworden. Een overheid die zich als weldoener misbruikt voelt. Daarom worden alle systemen ingericht op het in de gaten houden van wat burgers zeggen en wat zij doen als ontvangers van uitkeringen en belastingfaciliteiten. Wij allemaal dus.

Aanleiding is het vóór de zomer door de Tweede en Eerste Kamer goedgekeurde besluit om ‘systeem risico informatie’ (SyRI) te verzamelen. Bla, bla, technisch, dachten ze kennelijk in het parlement. Bestrijding van uitkeringsfraude is altijd goed. Een maand geleden trad het Besluit zonder champagne in werking. Deze week zetten De Volkskrant het op de agenda.

Wat tientallen jaren werd voorspeld, niet in de laatste plaats door Frank Kuitenbrouwer in deze krant, is weer een stap dichterbij gekomen. De koppeling van databestanden om de oplichters uit ons midden te vissen. U allen, 16,8 miljoen profijttrekkers, wordt in de het vizier gehouden. Uw watergebruik, uw AOW-claim, uw vriendin, uw zorgtoeslag, uw boetes, uw strafblad, uw zorgaanspraken, Big Daddy kijkt wiens verhaal niet klopt met alle opgeslagen data.

Bijvangst: flarden van het gedrag en het meest persoonlijke leven van die 16,x miljoen burgers die de boel niet flessen. Geen wonder dat het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) het voorgenomen besluit in twee instanties op fundamentele gronden verwierp (hier en hier). Ook de Raad van State – geen relschoppers van nature - adviseerde het plan niet door te voeren.

Het gaat niet om één systeem. Allerlei uitkeringsachtige organisaties kunnen een projectvoorstel doen. Dan kunnen de voor hun onderwerp relevante gegevensbestanden worden gekoppeld en rollen de potentiële verdachten er zo uit. Handig toch?

Minister van sociale zaken Lodewijk Asscher is de coördinerend SyRI-bewindsman. Hij reageerde als de wiedeweerga met een vrij gedetailleerd verweerschrift op de berichtgeving. De feiten klopten niet allemaal. Met de kritiek was wel degelijk rekening gehouden.

Brandje geblust? Het zal afhangen van wat er verder in het nieuws komt, maar het onderwerp verdient blijvende aandacht. Zonder de hele Orwell-bibliotheek open te trekken kan er niet genoeg worden gekeken naar oorzaken en gevolgen van dit geïnstitutionaliseerd wantrouwen. Hoe komt het dat een heel kabinet en twee Kamers van het parlement denken dat dit praktisch, veilig en juist is?

Minstens even fascinerend is de vraag hoe het komt dat een bewindsman die in zijn vorige leven studie maakte van het informatierecht zich nu tot tolk maakt van de krachten die met dit soort megaprojecten greep hopen te krijgen op al die gauwdieven die het voorzien hebben op de staatskas. Als hij de politiek niet in was gegaan zou Lodewijk Asscher nu misschien hoogleraar op dit vakgebied zijn. En waarschijnlijk groot bezwaar hebben tegen deze zee aan gluurmogelijkheden voor allerlei overheidsdiensten.

Dan zou hij wijzen op de zorgelijke reputatie van de overheidsautomatisering, op de onvermijdelijkheid van immense datalekken, op de toenemende kans op foute conclusies bij al die koppelingen van databestanden van zeer wisselende kwaliteit. Hij zou aandacht vragen voor de ingewikkelde en toch veel te vluchtige garanties voor burgers dat zij niet ten onrechte als potentiële verdachte in een of meer van die systemen terecht zouden komen.

Zoals het College Bescherming Persoonsgegevens en de Raad van State hebben gedaan. CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm, ook geen wilde actievoerder, liet er deze week op de radio geen misverstand over bestaan dat het Besluit, ook na de door de minister genoemde aanpassingen, niet door de beugel van de geldende wetgeving ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer kan.

Kennelijk is de logica van het bestuur, ook voor een goed jurist, zo dwingend geworden dat hij meewerkt aan de instrumentalisering van het recht. Wetgeving is een beleidsinstrument geworden. Een tool, niet een samenhangende serie principes.

Het bestel raakt steeds verder gedejuridiseerd – ach, allemaal regeltjes. Minderregels.nl, meldpunt ter vermindering van regeldruk. Geweldig, maar de poging uitwassen van de bureaucratie in te perken leidt ook tot erosie van de democratische rechtsstaat.

Het misverstand hier is dat wetgeving te traag is voor de snelle wereld van vandaag, en dient om het beleid vorm te geven. De wet als codificatie van rechten en plichten van burger én overheid wordt door de bestuurlijke vlottocultuur niet hoog aangeslagen. Zie het Kamerdebat over een scherpere Nederlandse variant van de Europese regels ter beperking van het bonusbeleid bij banken. Politiek-symbolisch nodig, maar door vaagheid en uitzonderingen kwetsbaar in de realiteit. Etalagewetgeving.

Het gaat er hier niet om schuldigen aan te wijzen. We zijn allemaal een beetje burgemeester in oorlogstijd. Gesteld geraakt op al die fijnmazig uitonderhandelde rechten, vertrouwend op steeds ingewikkelder regels om misbruik door de buren te voorkomen. Uitnodigingen tot sjoemelen. Het resultaat is t een collectieve staat van beschuldiging. Iedereen een daderprofiel.

email: opklaringen@nrc.nl; twitter: @marcchavannes