‘Man, wat is díé jongen toch links’

Zelfs vanuit de oppositie is het onaardigste wat over Jeroen Recourt (44) valt op te tekenen, niet al te negatief. „Geen geboren debater. Wel zeer integer.”

Vandaag ‘doet’ Recourt van coalitiepartij PvdA de begroting van het ministerie van Algemene Zaken. Hij zal pleiten voor meer openheid rond en een ‘normalisering’ van het Koninklijk Huis. De PvdA vindt dat de koning belasting moet betalen, net als iedere Nederlander. Een voorstel dat er niet snel van zal komen, want coalitiegenoot VVD ziet het niet zitten.

Over het Koninklijk Huis is niets afgesproken in het regeerakkoord, daarom kan Recourt er vrij en kritisch over spreken. Tegen afspraken ingaan ligt niet in zijn aard. Je moet je een betrouwbaar coalitiepartner tonen, zo zit hij in elkaar.

Jeroen Recourt was rechter op Aruba voordat hij in 2010 voor de PvdA in de Kamer kwam. In zijn eerste twee jaar was aandacht krijgen makkelijk: je hoefde maar te roepen dat de rechtsstaat eraan ging onder het eerste kabinet-Rutte. Nu krijgt Recourt van de oppositie exact dezelfde kritiek en moet hij het beleid juist verdedigen.

„Moeilijk”, vindt hij dat. Vooral omdat hij beeldvorming wil weerleggen die VVD-bewindslieden Opstelten en Teeven maar al te graag van zichzelf neerzetten. „Zij leggen steeds de nadruk op repressie en zien harder straffen als oplossing van alle problemen. Dan zeg ik: je moet óók aandacht hebben voor preventie.”

Recourt is de afgelopen jaren bevriend geraakt met zijn liberale tegenspeler in de Kamer, justitiewoordvoerder Ard van der Steur van de VVD. Ze hebben geregeld etentjes samen. Van der Steur vindt dat vooral een mooi verhaal: „Man, wat is die jongen links. Maar dat geeft niks, wij respecteren dat de ander wat zijn opvattingen betreft totaal in de war is.” Recourt is voorzichtiger en twijfelt of zoiets nou publiek moet worden. „Je moet elkaar wel professioneel en kritisch blijven benaderen.”

In de PvdA-fractie zit Recourt in het groepje van tien, twaalf Kamerleden dat ertoe doet, zegt één van zijn collega’s. Hij kent zijn dossiers, is rustig, een harde werker, begrijpt politieke gevoeligheden. De keerzijde van al die stabiliteit: een enorme politieke ontwikkeling zien collega’s niet bij hem. Illustratief is zijn steady plek op de PvdA-kandidatenlijst: in 2010 en 2012 stond hij op plaats 21.

Over zijn politieke ambities is Recourt voorzichtig. Of slim genoeg om ze niet uit te spreken. „Als je hardop zegt dat je het wilt, weet je zeker dat je het nooit wordt.” Van der Steur ziet ooit een „uitstekend staatssecretaris of minister in hem”. Is dat wel eens ter sprake gekomen? „Ik klap niet uit de school over onze privégesprekken.”