Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politie, recht en criminaliteit

Willem Holleeder, hem mocht Fred wel verraden

Wie in ‘het milieu’ z’n mond houdt, wordt verzorgd. Dat is de regel. Wie twijfelt, praat misschien toch. Fred Ros’ misdaadcarrière is voorbij.

Loyaliteit is een rekbaar begrip in de onderwereld. De ongeschreven code luidt dat je zwijgt. In ruil daarvoor wordt er goed voor je gezorgd als je in het gevang belandt – rekeningen worden betaald en vrouwen en kinderen onderhouden. Maar verraad ligt altijd op de loer. Een crimineel die veel weet, is een gevaar – voor vijanden én vrienden.

Fred Ros weet wat het is om in de gevangenis te zitten. Sinds deze eeuw begon, bracht hij er ruim twaalf jaar door. En toch leek ‘Fredje Hummer’ loyaal. Tijdens de grote rechtszaak over de onderwereldmoorden, tussen 2008 en 2013, deed hij zijn mond nauwelijks open. Zijn vrienden onderhielden hem. „Luister Fred, maak je niet druk als het misgaat. Wij zorgen voor je”, zeiden Dino S. en Ali A.

„Ze zijn toch bang dat je iets gaat vertellen”, zei Fred Ros later tegen de Amsterdamse politie, toen de ‘moordmakelaar’ zijn veelbesproken kluisverklaringen aflegde.

Waar kwam het wantrouwen vandaan? Na de moord in april 2006 op kroegbaas Thomas van der Bijl, die Ros organiseerde, werd al snel een verdachte aangehouden. Ros zag de bui hangen en begon te twijfelen; ze zeggen wel dat ze voor je zorgen, maar houden ze woord? „Je ging daarna niet meer afspreken omdat je ook wist dat je gevaar liep. Want hun konden denken van: wacht even. Het is makkelijker als we er nu van af komen.”

Was Ros bang dat hij zou worden vermoord, vragen de rechercheurs. „Ja, natuurlijk”, zegt hij. „Je vormt een risico.”

Fred Ros werd in augustus 2006 aangehouden. Hem stond een lange celstraf te wachten, onder een heel streng regime. En dat is zwaar, zelfs voor zo’n doorgewinterde crimineel. Ros’ opdrachtgevers zorgden voor hem en voor zijn familie. Ze betaalden zijn gezin 3.000 euro per maand. En als hij vrij zou komen, zou hij 175 euro krijgen voor iedere dag die hij had vastgezeten – zwijggeld.

Naarmate Ros’ voorarrest langer duurde, groeide ‘buiten’ de vrees voor een bekentenis. „Gaat het nog?”, vroeg een vriend. „Luister, als je wilt praten, je mag er twee offeren en voor de rest moet je je mond houden.” Een van die twee was Willem Holleeder. „

Waarom Willem, wil de politie weten. „Dat vonden ze een clown. Je offert geen serieuze mensen.” Bovendien, vertelt Ros, was hij geen echte vriend. „Willem had zich ingekocht.”

Fred Ros woog zijn kansen. Praten of zwijgen. In het voorjaar van 2007 peilde zijn advocaat of Ros een deal kon krijgen in ruil voor belastende verklaringen over alleen Willem Holleeder. Nee, zei justitie. Alles of niets.

Nadat Ros in januari 2013 werd veroordeeld tot 30 jaar cel, besloot hij toch te praten. In ruil voor zijn verklaringen over de opdrachtgevers van onderwereldmoorden, werd hem 15 jaar strafkorting toegezegd, plus geld om bescherming te regelen als hij in 2016 vrijkomt.

Zijn voormalige vrienden Dino S. en Ali A., die er volgens Ros geen been in zagen als hij Holleeder zou verraden, noemen hem nu de kroonleugenaar. Fred Ros zelf is als kroongetuige alleen nog te hóren, niemand krijgt hem meer te zien. En buiten de rechtszaal bestaat hij niet meer. Dat is de prijs van verraad.