Obama’s beveiliging is zo lek als een mandje

Opnieuw is de dienst die verantwoordelijk is voor de beveiliging van de Amerikaanse president in verlegenheid gebracht. Obama stond in een lift met een gewapende, eerder veroordeelde beveiliger.

Secret Service-agenten in een straat in Las Vegas, waar president Obama op bezoek is. foto reuters
Secret Service-agenten in een straat in Las Vegas, waar president Obama op bezoek is. foto reuters

Washingtonians zijn er trots op. Het Witte Huis is geen Buckingham Palace, of Versailles. Het is een toegankelijk woonhuis, middenin de stad. Groter dan andere huizen, maar geen paleis. Zo was het ooit bedoeld, toen de eerste president George Washington het liet bouwen. Hij wilde breken met de protserige Europese cultuur en laten zien dat presidenten burgers zijn.

Met die toegankelijkheid is het binnenkort gedaan, vrezen stadsbewoners. Voor het vriendelijke, niet al te hoge hek dat het Witte Huis van Pennsylvania Avenue scheidt, is een tweede hek geplaatst. Vermoedelijk zal de geheime dienst binnenkort nog meer barrières opwerpen. De geheime dienst heeft het verprutst, klinkt het, en wij betalen de prijs.

De beveiliging van het Witte Huis is opeens een politiek beladen onderwerp. Op vrijdag 19 september klom Omar Gonzalez over het hek aan de noordzijde van het Witte Huis, een plek waar altijd veel toeristen staan. De Irak-veteraan die psychische problemen zou hebben, had een mes op zak. In zijn auto lagen een vuurwapen en veel munitie. Een bewaker riep hem, maar hij rende door. De waakhond die volgens het protocol van de geheime dienst meteen op de indringer moest worden afgestuurd, bleef aan de lijn.

De nooduitgang van het Witte Huis was niet op slot, dus Gonzalez kon eenvoudig binnenkomen. Hij sloeg niet rechtsaf, naar de presidentiële kantoren, maar ging gek genoeg naar links. Vanuit de grote East Room, waar Obama recepties houdt, voert een trap rechtstreeks naar Obama’s woonkamer. Hier werd Gonzalez betrapt door een medewerker van de geheime dienst die vrij had en toevallig door de kamer wandelde. De Obama’s waren niet thuis, het had veel slechter kunnen aflopen.

Het Congres is verbijsterd over de slechte beveiliging van de president. Dinsdag richtte het Huis van Afgevaardigden zijn woede op Julia Pierson, het hoofd van de geheime dienst. Pierson gaf de fouten toe, beloofde beterschap, maar is gisteren alsnog opgestapt. Niemand ging ervan uit dat zij nog zou aanblijven.

Vijf andere indringers

Pierson gaf in de hoorzitting toe dat Gonzalez niet de eerste was: het afgelopen jaar klommen vijf anderen over het hek. Sinds 2009 gebeurde het zestien keer.

In 2011 schoot een man met een semi-automatisch geweer op het Witte Huis – en raakte daarbij enkele woonkamers. Een van Obama’s dochters was thuis met haar oma, de moeder van Michelle Obama. De geheime dienst wist dat er in de buurt geschoten was, maar dacht dat het om bendes ging. Pas na vier dagen werd duidelijk dat het Witte Huis was geraakt, toen een schoonmaakster glasscherven vond op een balkon.

Pierson werd lange tijd over dit incident ondervraagd. „Waarom heeft u niet iedere centimeter van het Witte Huis onderzocht? U kunt toch wel een plaats delict bekijken? Dit is geen hogere wiskunde”, zei Republikein Trey Gowdy sarcastisch.

The Washington Post onthulde deze week nog een blunder. Een paar weken geleden liet de geheime dienst Obama in een lift staan met een gewapende beveiliger van een privaat bedrijf. De man had een strafblad wegens geweldsmisdrijven.

Pierson gaf toe dat de protocollen van de geheime dienst niet goed zijn uitgevoerd. Ze beloofde beterschap, maar werd door het Congres niet vertrouwd. Verscheidene Afgevaardigden van beide partijen riepen om haar ontslag.

Obama is voor zijn veiligheid afhankelijk van de geheime dienst, die hem altijd begeleidt. In maart kwam de dienst ook in opspraak tijdens Obama’s bezoek aan Nederland, voor de National Security Summit (NSS). Drie leden van het Counter Assault Team, dat Obama moet beveiligen tegen aanvallers, werden dronken aangetroffen. Eén lag te slapen in de gang van Huis ter Duin. Het drietal werd ontslagen.

Dit is temeer een probleem, omdat Obama veel meer bedreigingen binnenkrijgt dan zijn voorgangers. Het aantal dreigementen is al drie keer zo hoog als dat van George W. Bush. En presidenten zijn in de geschiedenis regelmatig het doelwit van aanslagen geweest. Vier werden vermoord tijdens hun presidentschap: Lincoln (1865), Garfield (1881), McKinley (1901) en Kennedy (1963). Na iedere moord is de beveiliging, in ieder geval op papier, verscherpt. Lincoln was de laatste president die de deur van het Witte Huis altijd had openstaan.