Kiefer in Londen in twee schilderijen

Aan de hand van twee sleutelwerken gaan we nader in op het werk van Anselm Kiefer, een groot Duits schilder, wiens overzicht in de Royal Academy in Londen momenteel meer dan zeventig werken omvat – waaronder deze twee.

Door

1Margarethe, 1981 Schilders schilderen meestal met verf, Kiefer met heel veel verf, zo dik dat je het bijna kunt ploegen. Geen twee maar drie dimensies, geen illusie maar adembenemende echtheid. Bij verf bestaat er geen verband tussen wat wordt afgebeeld en waar dat van gemaakt is, zoals er doorgaans ook geen verband is tussen klank en de betekenis van een woord. Bij Kiefer is dat wel zo.

Kiefer (Donaueschingen, 1945) schildert vaak aarde, en dan is het doek ook deels van aarde of zand gemaakt. Zo kwam hij af van de illusie die aan figuratieve schilderkunst ten grondslag ligt, op een heel andere manier dan abstracte kunstenaars voor hem dat hadden gedaan. Als Kiefer aarde schildert, dan schildert hij, in ieder geval gedeeltelijk, met aarde. Materiaal is bij hem niet alleen grondstof, het is ook onderwerp. Behalve aarde voegt hij lood, as, schellak, hout, zonnebloemen, foto’s, zelfs schoenen, televisies en landbouwwerktuigen aan zijn schilderijen toe. Soms laat hij een schilderij een paar nachten buiten staan, in regen of sneeuw, of elektrocuteert hij het om tot een doorleefd oppervlak te komen. Aan Margarethe voegde Kiefer stro toe.

Het stro is op dit schilderij niet alleen landschappelijk. Het is, dankzij de titel, ook haar, mensenhaar. Vrouwenhaar, dat wel eens stroblond wordt genoemd. Dankzij die metafoor worden je gedachten al snel een richting opgestuurd waar ze misschien niet heen willen. Want is dat haar stroblond omdat het bij deze aarde hoort. Met huid en haar? Bij Blut und Boden? Zo’n ongemakkelijk gevoel geeft het werk van Kiefer vaak; hij stuurt je een pad op dat geplaveid is met taboes. In dit geval is de bron onverdacht: Margarethe verwijst naar een gedicht van de Roemeense jood Paul Celan, dat in de Royal Academy op de muur naast het schilderij is afgedrukt. Dit gedicht is een van de bekendste verwerkingen van de Holocaust in poëzie, waarin de dood ‘een meester uit Duitsland’ wordt genoemd. Steven Spielberg moet het als inspiratie voor Schindler’s List hebben gebruikt. Maar door het gedicht wordt de Blut und Boden-lezing eigenlijk bekrachtigd; alsof Duits en blond iets met elkaar te maken hebben en dat dat niet toevallig is. Kleuren zijn niet onschuldig, metaforen evenmin. Wacht even, Celan noemt Margarethes haar goud(blond), niet stro(blond). Zou Kiefer geen geld hebben gehad voor goud?

Over het weergeven van de Holocaust in de kunst begon na de oorlog een debat dat nog steeds niet is uitgewoed. Was het wel mogelijk om die gebeurtenis weer te geven en zo ja was dat dan wenselijk? Binnen de beeldende kunst was die vraag nog het minst relevant. Want de historieschilderkunst, ooit het genre met de hoogste status, bestond eigenlijk niet meer. Niet alleen de Holocaust, geen enkele belangrijke gebeurtenis werd meer geschilderd weergegeven. Wie ziet een schilderij voor zich als hij aan de Eerste of de Tweede Wereldoorlog denkt? Foto’s (documentair) en later films (fictie) hebben de plaats ingenomen. Kiefer bracht de recente geschiedenis terug in het museum. Werd hij daar wel gemist? Als je denkt aan het gekrakeel dat Kiefers werk veroorzaakte, was hij misschien niet bij iedereen welkom. Maar wie van kunst meer verwacht dan troost of ironie kan schilders als Kiefer alleen maar met open armen ontvangen. Bombast en pretentie nemen we dan maar op de koop toe.

Kiefer bracht de geschiedenis niet alleen met beelden terug, maar ook met woorden. Margarethe is niet alleen de titel van het schilderij uit 1981, de naam staat er ook op, in Kiefers eigen hanepoten. Kiefer schrijft vaak op zijn schilderijen, soms onleesbaar, maar altijd zo aanwezig dat het iets te betekenen moet hebben. Het kan om één woord gaan, maar ook om een heel gedicht, zoals op Aschenblume uit 2006. Soms lijken die letters een zwaktebod – hij schrijft wat hij niet kan schilderen. Maar je kunt het ook omdraaien: waarom zou hij schilderen wat hij ook kan schrijven? Kiefer maakte ook veel boeken, bijvoorbeeld van lood, die je dan weer niet kunt lezen.

Ik kijk nog eens naar het stro op Margarethe. Er lijken kleine vlammetjes uit te slaan. Is het de aarde die hier wordt verschroeid of is het haar dat verbrandt? Het is niet te weten. In Kiefers visuele alchemie loopt veel in elkaar over.

2The Morgenthau Plan, 2013 Vijf zalen en dertig jaar later. De recente Duitse geschiedenis is soms ingeruild voor andere verhalen. Egyptische en Noorse mythologie, joodse kabbala, Europese alchemie. Kiefer breidt zijn onderwerpen steeds uit. In retrospectief worden de Duitse schilderijen er minder beladen van, en daardoor neemt hun kracht af. Alsof het Derde Rijk een griezelig sprookje is geweest.

Kiefer schildert nog steeds het land, op nog steeds gigantische doeken. Alleen was de aarde die hij vroeger weergaf als verschroeid alsnog tot bloei gekomen. Zijn palet van grijzen en bruinen is minder somber geworden, er is groen en geel. ‘Walther von der Vogelweide’ schreef hij op een schilderij van de nieuwe serie. Von der Vogelweide – what’s in a name – was een lyrische dichter uit de Middeleeuwen. ‘Unter der Linden/Bei der Heide,/Wo unser zweier Bett gemacht./ Da mögt ihr finden./Wie wir beide/Pflückten im Grase der Blumen Pracht’, scheef hij bijvoorbeeld. Wel wat anders dan Paul Celan.

De serie grijpt ook terug op het werk van Van Gogh, zoals vaak bij Kiefer. Zelfs toen hij in 2012 gevraagd werd om in het Rijksmuseum te reageren op het werk van Rembrandt, ging het over Van Gogh. Tegenover de Nachtwacht stelde hij een installatie met zijn karakteristieke uitgebloeide zonnebloemen. Op Morgenthau verwijst Kiefer naar Van Goghs korenvelden. Een ander schilderij uit de serie heet dan weer Freya’s Garden, wat een verwijzing naar Noorse mythologie zal zijn, zodat er een typische kieferiaanse cocktail ontstaat, alleen dit keer wat vrolijker van smaak. Maar er zit wel een adder onder het gras. Want Morgenthau verwijst naar het plan uit 1944 om na de oorlog van Duitsland een agrarische staat te maken, zonder zware industrie. Een flink deel van de bevolking zou daardoor verhongeren. Op de schilderijen kijken we dus naar het tegenovergestelde van het mede door het Marshallplan veroorzaakte Wirtschaftswunder, een alternatieve geschiedenis voor Duitsland. De tekst ontdoet het beeld zo van zijn idylle.

De korenaren op de Morgenthau-schilderijen roepen het stro van Margarethe in herinnering. De meeste aren zijn geschilderd, sommige zijn echt. Kiefer noemt zich graag een alchemist, en zijn voorkeur voor esoterische theorieën schemert soms ook door in zijn schilderijen. Schilders zijn op een bepaalde manier verwant aan alchemisten, met hun transformatie van materialen en hun eeuwige zoektocht om van lood goud te maken. Ook dat laatste is Kiefer gelukt. Een anekdote: met het eerste geld dat hij met zijn schilderijen verdiende, kocht hij een paar diamanten, die hij vervolgens ergens begroef. Een romantisch gebaar. Dertig jaar later presenteert hij schilderijen die letterlijk schitteren: er zitten allemaal diamanten op geprikt. Romantisch is dat niet: eerder banaal. Alsof Kiefer niet meer romantisch hoeft te zijn. Op Morgenthau gaat hij nog verder. Daar is één korenaar met goud overdekt.