Een bedrijf gegroeid op kunstmest

De Arabische Lente bezorgde OCI in Sittard-Geleen veel problemen. Het van origine Egyptische bouw- en kunstmestbedrijf richt zich nu met succes op Europa en de VS.

De voormalige DSM-fabriek in Sittard-Geleen die nu onderdeel is van kunstmestfabrikant OCI Nitrogen uit Egypte.
De voormalige DSM-fabriek in Sittard-Geleen die nu onderdeel is van kunstmestfabrikant OCI Nitrogen uit Egypte. Foto Rien Zilvold

Het is misschien wel het minst bekende bedrijf in de AEX-index van hoofdfondsen aan de Amsterdamse beurs. En ook al heeft OCI sinds januari vorig jaar een Nederlandse beursnotering, het wordt nog steevast ‘het Egyptische bouw- en kunststofbedrijf’ genoemd.

Dat is het steeds minder. De omzet komt nog maar voor iets meer dan eenderde uit Afrika en het Midden-Oosten, de rest wordt behaald in Europa en de VS. En Nederland is goed voor 20 procent. „Er zijn bedrijven in de AEX die minder Nederlands zijn”, zegt scheidend directeur Renso Zwiers van OCI Nitrogen in Sittard-Geleen, de belangrijkste Nederlandse vestiging van OCI.

OCI dankt zijn aanwezigheid in Nederland aan de overname van DSM Agro in 2010. DSM profileert zich de afgelopen jaren steeds meer als biotechnologiebedrijf en de productie van kunstmest, ammoniak en melamine paste daar niet meer in. De petrochemische activiteiten van DSM gingen naar Sabic uit Saoedi-Arabië en de kunstmesttak kwam voor 300 miljoen euro in handen van OCI (Orascom Construction Industries) uit Egypte. Beide hebben als uitvalsbasis Chemelot, het op een na grootste aaneengesloten bedrijventerrein van Nederland, waar ook DSM nog volop actief is.

Afgesloten hoofdstuk

Van oorsprong is OCI een bouwbedrijf, maar inmiddels komt bijna de helft van de 6,1 miljard euro omzet en 84 procent van de winst uit kunstmest en andere chemicaliën. OCI Nitrogen, dat behalve in Sittard-Geleen ook filialen heeft in Stein (ook in Limburg) en de Rotterdamse haven, heeft 800 werknemers en is goed voor 1,2 miljard euro omzet. Volgens Zwiers, die voor de overname ook al bij het bedrijf werkte, is DSM een afgesloten hoofdstuk. „Onze mogelijkheden zijn nu groter”, concludeert hij. „Strategisch stonden we achteraan in de rij. Als DSM moest beslissen over nieuwe investeringen viel de beslissing vaak ten gunste van anderen uit.”

De Egyptenaren werden pas in 2008 actief in de kunstmest. De Nederlandse aankoop twee jaar later maakte de onderneming onmiddellijk een grote speler op de markt. Het doel is om op kunstmestgebied de topvijf van Europa te halen, een doel dat bijna gehaald is. Wat melamine betreft behoort OCI Nitrogen al tot wereldmarktleiders.

De branche staat mogelijk ook aan de vooravond van een fusie- en overnamegolf, nu twee grote spelers – Yara uit Noorwegen en CF Industries uit de VS – vorige week bevestigden in gesprek te zijn over een fusie.

Meer stabiliteit

De turbulentie in het Midden-Oosten speelde OCI de afgelopen jaren parten. Na de val van president Hosni Mubarak werd het concern ten tijde van de regering onder leiding van de Moslimbroederschap het middelpunt van een proces wegens vermeende belastingontduiking bij de verkoop van een cementdivisie. OCI kreeg ruim 1 miljard euro boete opgelegd. Na de machtsgreep van het Egyptische leger sprak justitie OCI vrij, maar inmiddels was er al wel eenderde van het bedrag betaald.

Zwiers zegt dat hij vanuit zijn positie geen zicht heeft op de finesses van deze affaire. „Duidelijk is wel dat de Arabische Lente voor Egypte en OCI slecht heeft uitgepakt. Het land heeft ook nog weinig ervaring met democratie. De stabiliteit is nu in elk geval een stuk groter dan onder de Moslimbroederschap.” Wijs geworden door de recente ervaringen verlegt OCI de focus naar de stabielere regio’s van de wereld. De beursnotering in Amsterdam past daarbij. De bouw- en kunstmesttak worden gesplist, omdat de delen naar verwachting afzonderlijk meer waard zijn.

In Sittard-Geleen zal OCI geen nieuwe fabrieken bouwen. In Iowa investeert de onderneming 1,8 miljard dollar in een nieuwe kunstmestfabriek. Ruimte vinden voor een chemisch bedrijf van die omvang in Europa is al een hele klus, maar het zijn vooral de energiekosten die bepalen waar het geld voor nieuwbouw besteed wordt. „In de VS is aardgas afhankelijk van het jaargetijde twee tot drie keer zo goedkoop. Omdat gas voor driekwart de kosten van kunstmest bepaalt, is het rendement in de VS veel hoger.”

Investeringen bij OCI Nitrogen in Nederland (de laatste jaren zo’n 60 miljoen per jaar) gaan onder meer naar een pijplijn die vervoer over de weg en per spoor sterk vermindert en naar verbeteringen van bestaande fabrieken. Het merendeel daarvan op Chemelot dateert uit de jaren 60, 70 en 80. „Met goed onderhoud en het tijdig vervangen van onderdelen zijn ze prima draaiende te houden”, meent Gert-Jan de Geus, de gisteren aangetreden nieuwe directeur van OCI Nitrogen. „Heel erg verouderd zijn ze niet. Qua productiemethodes en -capaciteit kunnen ze nog makkelijk mee. Sommige concurrenten kunnen te weinig kilotonnen produceren. Of ze beschikken over ouderwetse fabrieken. Die gaan het eerst afvallen.”

De mogelijkheden voor productinnovatie zijn bij kunstmest beperkt. „Verbeteringen vergen enorme investeringen, maar zijn enorm lastig aan te tonen”, zegt Zwiers. „Boeren willen toch overtuigd raken dat het werkt. Het bewijs kun je alleen leveren met proeven die misschien jaren duren. En dan nog zijn er veel andere variabelen die invloed hebben gehad op de uitkomst: de hoeveelheid neerslag, het aantal zonuren.”