Droombeelden van een idyllische jeugd

De herfst is gevallen en wie in dit seizoen warmte zoekt, moet naar de tentoonstelling van Karin Hanssen. Al jaren schildert zij bergmeertjes en boslandschappen, het water diepgroen, de lucht zachtblauw. In deze tentoonstelling vullen die natuurscènes de kelder van de galerie, waar de bedompte ruimte haar idylle nog onwaarschijnlijker maakt. Boven hangen nieuwere schilderijen: stijlvolle interieurs uit de jaren vijftig met designmeubelen, in oker, aubergine, herfstrood. Daarin figureert steeds eenzelfde huisvrouw, met boek of tussen haar twee spelende kinderen, het huis aan kant.

Of het nu een bergmeer is of een huiskamer, alles schildert Hanssen in een zalvende schildertoets waar je net geen echte expressie in ziet. Het blijft een modelwereld, waarin de personages niet onderling communiceren. Ook haar natuurscènes zijn desolaat. Pas als je weet dat ze haar schilderij met herten baseerde op een scifi-film over een grimmige betonnen toekomst, waar een stervende man een natuurfilm mag zien, begrijp je waarom uit dit doek zo’n verdrietig verlangen spreekt. Deze wereld is zo mooi, hij kan niet echt zijn.

Minstens zo spannend zijn haar kleine schilderijtjes, die elk een fragment uit die interieurs tonen: een tafeltje, een klok, een meisje dat schildert, op de rug gezien en dus voor altijd anoniem. De tentoonstellingstitel A Room of one’s own verwijst naar een essay van Virginia Woolf over hoe weinig ruimte vrouwen hebben in de wereld. Ook Hanssens huisvrouw zit opgesloten, in één schilderij trekt een schaduw over haar anonieme gezicht.

Maar er is meer aan de hand. Dat schilderende meisje, dat is Hanssen zelf. Ze portretteert haar jeugdige zelf in een thuis met een liefdevolle moeder, maar groeide in werkelijkheid op in een weeshuis. Haar werk is niet enkel sceptisch. Je voelt een echt verlangen, maar terwijl Hanssen die ideaalwereld schildert, wordt hij alleen maar onechter en onbereikbaarder. Hoe zichtbaarder haar droom wordt, hoe meer hij uit elkaar spat. Die tragiek verbeeldt ze weergaloos.