De ene moord is wat duurder dan de andere

Een moordenaar huren? Het kon bij Fred Ros. De ene kostte 130.000 euro, de ander 150.000. Betaald werd er in Albert Heijn-tassen.

Een moord bestellen in de Nederlandse onderwereld is duur. Het gaat om tonnen, maar vaste prijzen bestaan niet. Het ene slachtoffer is duurder dan het andere. Betalingen zijn schimmig, bedragen een kwestie van onderhandelen. Na de moord is het zaak de centen zelf op te eisen, vertelt kroongetuige Fred Ros.

‘Moordmakelaar’ Ros is overgestapt naar justitie. In ruil voor vijftien jaar strafkorting en een flinke som geld voor zijn bescherming – waarde onbekend – biecht hij over opdrachtgevers en uitvoerders van zeker zeven huurmoorden.

Van een aantal liquidaties zegt Ros de beloning te kennen. Vastgoed- en drugshandelaar Cees Houtman: 130.000 euro, met een voorschot van 5.000 euro (in een avondje nachtclub opgesoupeerd). Voetbalclubvoorzitter en drugshandelaar Nedim Imaç: 150.000 euro. En kroegbaas Thomas van der Bijl: 150.000 euro. Iets meer dan de helft van dat bedrag heeft Ros hoogstpersoonlijk gekregen van Ali A., die volgens de kroongetuige een van de opdrachtgevers voor de moord was. Ros: „Informatie en betalingen kwamen [...] via Ali.” Het is een beschuldiging die Ali A. tegenspreekt.

De overhandiging van het liquidatiesalaris ging niet erg professioneel. Ros was tussenpersoon voor de moord, en had twee ‘mannetjes’ bereid gevonden Thomas van der Bijl dood te schieten. Drie dagen na de moord treft Ros Ali A., bij toeval. Dat komt goed uit, want het is tijd om te betalen. Giraal overboeken is geen optie in de onderwereld: dat is traceerbaar.

Maar er is nog iets. Ali blijkt niet te weten dat Ros de moordenaars heeft ingehuurd en denkt dat Van der Bijl is vermoord door andere criminelen. Er ontspint zich een bizar gesprek. Ali tegen Ros: „Hé ehhh, goed hè, lekker goedkoop zo.” Ros: „Hoezo?” Ali: „Het waren toch anderen?” Ros: „Dat klopt, maar wij hebben dat geregeld.”

Vier dagen later krijgt Ros zijn geld: 80.000 euro. Dat is niet het hele bedrag; de rest kan hij later ophalen. Een dag later komt Jesse R. ineens bij Ali. Hij heeft, volgens Ros, wapens en vervoer geregeld voor de moord, en komt nu zijn deel opeisen. Hij krijgt 40.000 euro. Ros: „Jesse heeft chronisch geldgebrek. Maar hij is wel slim. Die ging dan snel naar Ali toe en dan ging hij de rest ophalen en dan had hij ook weer wat.” De twee echte moordenaars krijgen 30.000 euro van Ros, in een Albert Heijn-tas.

Waar het geld vandaan komt, of van wie, blijft ook voor Ros onduidelijk. Hij denkt dat Holleeder miljoenen heeft onttrokken aan de erfenis van onderwereldbankier Willem Endstra, en vermoedt dat de groep liquidatiebazen veel mensen voor tonnen afperst.

Financiële conflicten tussen criminele groepen liggen vaak ten grondslag aan een liquidatie, denkt Ros: „Alles is op winstbejag. Geld is de bindende factor.” Maar Ros weet ook niet precies wie er betaalt. Wat maakt het uit? Als het geld er maar komt.

Hij gaat ervan op vakantie naar Spanje, in zijn gele Hummer. Daar wordt de kroongetuige op de camping gearresteerd. Zijn ‘mannetjes’ hebben hem verraden.