Een archeoloog mag niet bevooroordeeld te werk gaan

Elke carrière kent wel een leermeester. Archeoloog Robby Vervoort (40) heeft er twee: professor Philip Van Peer en archeoloog Koen De Groote.

„‘En, heeft u al wat gevonden?’ vragen voorbijgangers regelmatig als wij archeologisch onderzoek verrichten in een stad. Het is verleidelijk om meteen allerlei theorieën los te laten op de vondsten. Maar van professor Van Peer leerde ik hoe belangrijk het is om niet te snel conclusies te trekken. We zijn bijvoorbeeld allemaal gewend om te redeneren vanuit onze tijd. Omdat we tegenwoordig in rechthoekige gebouwen leven denken we bij sporen die in een rechte lijn onder de grond liggen meteen aan een gebouw, terwijl huizen er vroeger heel anders konden uitzien. Vaak vergeten we daarbij te kijken naar ronde of gebogen vormen. Je moet in zo’n geval letterlijk out of the box-denken.

„Tijdens zijn lessen heeft Van Peer me het vak echt leren begrijpen: als archeoloog moet je objectief onderzoek doen zonder bevooroordeelde aannames. Maar de praktijk daarvan leerde ik vervolgens van mijn begeleider tijdens het veldwerk: Koen De Groote. Ook hij hamerde erop dat je tijdens het onderzoek je interpretaties steeds moet bijstellen en je fouten moet toegeven. In Dendermonde stuitte ik bijvoorbeeld eens op een gedempte kelder. Tenminste, ik dácht dat het een kelder was, maar toen we het gat al aan het leegruimen waren kwam ik steeds meer organisch materiaal tegen. De kruidige geur en de structuur wezen erop dat het om uitwerpselen uit de Middeleeuwen moest gaan. We realiseerden ons dat de plek die we onderzochten waarschijnlijk een beerput was geweest in de vijftiende eeuw.

„Die ontdekking deden we net op tijd, want een beerput vraagt om een heel andere tactiek. Een beerput is archeologisch gezien veel interessanter en je moet voorzichtig en preciezer te werk gaan. Een kelderruimte kun je gewoon leegscheppen, maar bij een beerput graaf je laag voor laag om zoveel mogelijk informatie te krijgen over de ontwikkeling in welstand en de sociale status van de gebruikers. Alleen zo kun je een chronologisch verhaal vertellen. Want dat ene pannetje uit de Middeleeuwen vind ik op zichzelf niet zo interessant, maar met archeologische vondsten kunnen we de geschiedenis reconstrueren.”