Skiles geven én stufi ontvangen

De basisbeurs verdwijnt. Studenten die een tussenjaar wilden, hebben toch een manier gevonden om studiefinanciering te krijgen.

Student Pieter stopt na een maand met zijn studie, maar hij blijft studiefinanciering houden en gaat de rest van het jaar werken als skileraar.Foto ANP

Pieter is begonnen aan een of andere interdisciplinaire studie. Een maand, en dan hangt-ie „een zielig verhaal” op en stopt hij met studeren. De rest van het jaar gaat hij werken als skileraar.

Willem heeft de afgelopen maand even sociologie gedaan, een studie die hij „normaal nooit zou kiezen”. Nu houdt hij alweer op en trekt hij vier maanden naar Cambridge en daarna naar Valencia.

Nout begon dit jaar als student technische aardwetenschappen in Delft. Maar nu zit hij in Valencia: de komende acht maanden gaat hij er Spaans leren en hockeyen.

Alexander is dit studiejaar met geschiedenis begonnen. Iets wat hij volgend jaar zeker niet verder zal studeren. Maar bij geschiedenis komt hij gegarandeerd binnen, geen loting, geen matchingdagen.

Emma koos voor een studie psychologie aan de Universiteit van Amsterdam. Zou best kunnen, zei ze toen ze zich inschreef, dat ze het nog leuk gaat vinden ook. Maar haar voornemen was om de rest van het jaar op reis te gaan.

Al deze studenten (die niet met hun achternaam in de krant wilden) hebben twee dingen gemeen. Ze wilden na hun eindexamen afgelopen voorjaar eigenlijk een tussenjaar nemen, vol reizen en avonturen, en pas volgend jaar gaan studeren. Maar ze wilden ook graag studiefinanciering ontvangen, en de studiefinanciering wordt na dit jaar wordt afgeschaft.

Door zich in te schrijven voor zomaar een studie en na een maand – „kan ook na een dag al”, zegt Willem – te stoppen, kunnen ze allebei krijgen. Stoppen en uitschrijven voor 1 oktober is essentieel, want dan kunnen zij (of liever: hun ouders) het grootste deel van het collegegeld nog terugkrijgen. „Het mag gewoon”, zegt Willem. „Het is een maas in de wet”.

Iedereen belde direct z’n moeder

De plannen voor hun tussenjaar hadden ze allang gemaakt, toen op 28 mei 2014 werd besloten dat de studenten vanaf het studiejaar 2015/2016 geen beurs meer krijgen. Vlak daarna zaten Willem en Nout met wat vrienden bij Alexander thuis en lazen ze een nieuwsbericht waarin deze sluiproute naar hun tussenjaar uit de doeken werd gedaan.

Wie zich voor dit jaar inschrijft aan universiteit of hogeschool, houdt de volle tijd van zijn studie recht op de beurs, hoe kort hij het eerste jaar daarvan ook feitelijk studeert, was het bericht. Alexander: „Iedereen belde meteen naar zijn moeder.”

Emma heeft het van haar zus, die haar wilde helpen haar reisplannen door te zetten. „Ik wilde graag weg, maar die studiefinanciering scheelt gewoon heel veel geld.”

Bang dat ze betrapt worden zijn deze vijf studenten niet. „Het is niet crimineel”, zegt Willem. „Ik hoop dat het lukt zonder problemen, maar als het uitkomt is het niet zo dat ik word gepakt of zo.” Nout: „Het is niet strafbaar op dit moment, dus waarom zou ik zenuwachtig zijn?”

Nee, strafbaar is het niet, beaamt woordvoerder Michiel Hendrikx van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Hij zegt erbij: „Studiefinanciering is om van te studeren.” Op het ministerie weten ze dat deze sluiproute naar een tussenjaar bestaat, maar nog niet hoe intensief die wordt bewandeld. „We weten wel dat het alleen dit jaar kan”, zegt Hendrikx.

De universiteiten waar deze vijf studenten zich hebben ingeschreven, horen er voor het eerst van als deze krant ze ernaar vraagt. Noch de Universiteit van Utrecht noch de Universiteit van Amsterdam hebben een stijging gezien in het aantal inschrijvingen dit jaar. Woordvoerder Yasha Lange van de Universiteit van Amsterdam: „Pas als we op 1 oktober een piekje zien in het aantal uitschrijvingen, dan weten we dat er mensen zijn die deze route hebben gekozen.” „Die stijging in het aantal inschrijvingen, zegt een woordvoerder van de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten, „heeft vorig jaar al plaats heeft gevonden. Toen was er al sprake van dat het nieuwe leenstelsel zou worden ingevoerd, en namen vwo-scholieren voor de zekerheid maar geen tussenjaar meer.”

Zonder stufi zou ook kunnen

Zouden Nout, Pieter, Alexander, Willem en Emma financieel in de problemen komen als zij geen beurs kregen? Zouden zij bijvoorbeeld niet kunnen studeren als ze een lening moesten afsluiten, zoals alle studenten vanaf volgend studiejaar moeten?

Niet als je kijkt naar de sociaal-economische positie van hun ouders, allemaal mensen met een bovengemiddeld inkomen. „Ik zou in principe ook zonder studiefinanciering kunnen”, zegt Willem. „Maar als het er is, moet je er gebruik van maken. Ik betaal later ook relatief meer inkomstenbelasting.”

Wat zeiden hun ouders dan toen ze die belden om over de sluiproute te overleggen? „Mijn vader zei dat het niet erg is zolang het mag”, zegt Willem. „Het is net als met belastingen, je probeert altijd zo min mogelijk te betalen. Je benut, binnen de wet, je aftrekposten maximaal.”

Alexanders ouders hadden er wel moeite mee – dat wil zeggen, zijn moeder. „Zij vond het eigenlijk niet goed”, zegt Alexander. „Het is tegen de regels, zei ze.”

Alexanders moeder is rechter en zijn vader is advocaat. Alexander: „Mijn vader zei: als iedereen het doet en het kan gewoon, dan ga ik toch niet 10.000 euro betalen voor helemaal niks? Kunnen we beter iets leuks gaan doen van dat geld.”