notinmyname #nietinmijnnaam #pasenmonnom

Moeten moslims afstand nemen van gruweldaden die in naam van de islam worden gepleegd? Een oproep daartoe op internet had succes. Maar er kwam ook kritiek.

Je kunt de klok er bijna op gelijk zetten. Telkens wanneer radicale moslims gruweldaden begaan zoals onthoofdingen of zelfmoordaanslagen ontstaat er een verwoed en tamelijk chaotisch debat over de vraag of andere moslims zich openlijk moeten distantiëren van hun bloeddorstige geloofsgenoten. Het luidst woedt dit debat in westerse landen, waar moslims overal een minderheid vormen. En het volume zwelt nog aan wanneer de agressie van de radicalen zich keert tegen westerlingen. Om de dood van moslims door toedoen van andere moslims lijken noch westerlingen, noch moslims zich in dezelfde mate op te winden.

Dit soort ‘distantiedebatten’ krijgt steeds meer mondiale trekken en dankzij de sociale media verspreiden ze zich sneller en worden ze massaler. Nu de Islamitische Staat (IS) in Irak en Syrië een aantal Amerikanen en Britten heeft onthoofd en een sympathiserende groep in Afrika dit voorbeeld heeft gevolgd met de executie van een Fransman, is het debat weer losgebarsten.

Tienduizenden uit de hele wereld hebben gereageerd op een initiatief van een kleine, tot voor kort tamelijk obscure hulporganisatie van jonge moslims uit het oosten van Londen. De Active Change Foundation, die jeugdbendes en extremisme op lokaal niveau met hulpprojecten hun voedingsbodem probeert te ontnemen, vroeg moslims in een filmpje op YouTube van iets meer dan een minuut om openlijk afstand te nemen van IS. Daarbij hielden ze borden omhoog met de twittertekst #notinmyname. Kijkers worden aangemoedigd via Twitter hun sympathie voor de actie te uiten.

Het initiatief kreeg een enorme impuls toen ook president Barack Obama het tijdens zijn rede bij de Verenigde Naties, waarin hij pleitte voor harde actie tegen IS, vorige week uitdrukkelijk noemde. Een en ander resulteerde in een golf steunbetuigingen van moslims en niet-moslims maar ook van anderen die betoogden dat IS het gedachtengoed van de islam totaal perverteert.

#nietinmijnnaam

Ook in Frankrijk volgde er al snel een variant: #pasenmonnom. In Nederland is er #nietinmijnnaam. „De islam is synoniem met vrede en schoonheid. Ik haat degenen die haar willen bezoedelen. Daar zullen ze niet in slagen”, twitterde bijvoorbeeld Amadou Kah op de Franse versie. Een andere typerende boodschap, van Athkaar, luidde: „Wij moslims veroordelen de afschuwelijke daden van ISIS, deze terroristen vertegenwoordigen niet onze godsdienst.”

Maar er kwam ook vrijwel direct een krachtige tegenbeweging op gang. Niet zozeer van mensen die steun betuigden aan IS – die zijn zeldzaam – maar vooral van mensen die het onnodig vonden voor moslims om zich te verontschuldigen of zich te distantiëren. Willekeurige christenen worden toch ook niet steeds onder druk gezet om zich openlijk te distantiëren van katholieke priesters die kinderen hebben misbruikt? Volgens hen wordt er met twee maten gemeten en moeten moslims daaraan niet meedoen via zulke veroordelingen en verklaringen. Daarmee speel je slechts de radicalen in de kaart.

Een Franse twitteraar onder de naam ‘pur sang arabe’ noemt de actie debiel en betoogt: „Wij moslims hoeven niets te bewijzen. Het is niet onze fout als dat zulke klootzakken zijn.” Anderen wezen erop dat de Amerikanen zich dan bijvoorbeeld wel eens zouden mogen distantiëren van de Ku Klux Klan en de Joden van de Israëlische regering, die niet terugdeinst voor bombardementen in Gaza. De hashtagactie kreeg zo al snel een tamelijk verwarrende wending.

Al snel ook vonden allerlei satirische en sarcastische commentaren hun weg naar een eigen hashtag #MuslimApologies. Daar staken moslims de draak met de excuus- en veroordelingsbeweging. Onder de naam ‘theconsciousmuslim’ zei er een: „We zouden ons ook graag excuseren voor de geweldige architectuur, bijvoorbeeld de Taj Mahal. Het spijt ons echt.” Een ander ging een stap verder en schreef: „Sorry voor de algebra, camera’s, universiteiten, ziekenhuizen en oh ja, ook koffie.”

#wij zijn ook smerige Fransen

IS zelf ontketende vooral in Frankrijk een nieuw debat door van „boosaardige en smerige Fransen” te spreken, nadat die hun steun voor luchtacties tegen de beweging hadden bekendgemaakt. Een twintigtal intellectuelen onder leiding van Azzedine Gaci, imam van een moskee in een voorstad van Lyon, publiceerde daarop vorige week een manifest op de website van het conservatieve dagblad Le Figaro. Daarin zeiden ze onder meer: ‘Wij eisen de eer op om te zeggen: wij zijn ook smerige Fransen.’ Zo was een nieuwe geuzennaam geboren.

Le Figaro koppelde er maar meteen een internetpeiling aan met de vraag of de moslims de daden van IS naar de opvatting van de lezers „voldoende” hadden veroordeeld. Dit rijkelijk neerbuigende gebaar leidde echter alom tot woede, waarna de krant de peiling – mede onder druk van zijn eigen journalisten – schielijk staakte.

Sommigen lieten het niet bij een virtuele bijdrage. In Frankrijk gingen afgelopen weekeinde honderden moslims de straat op om te demonsteren tegen de onthoofding van de Franse berggids Hervé Gourdel in Algerije, met name bij de Grote Moskee in Parijs.

In de Verenigde Staten publiceerden moslimleiders en theologen vorige week een open brief waarin ze het gedachtengoed van IS punt voor punt verwierpen, met name voor wat betreft het doden van onschuldige mensen en de jihad. In Groot-Brittannië, waar al zo’n soortgelijk ‘distantiedebat’ woedde na de zelfmoordaanslagen van radicale moslims in Londen van 2005, klommen drie vooraanstaande moslimgeestelijken in de pen voor een oproep aan IS om de Britse gijzelaar Alan Henning, een ambulancechauffeur, vrij te laten. Hem executeren is volgens hen volledig in strijd met de shari’a.

In Libanon stelde de dichter Mazen Zahrenddine intussen: „Islam staat voor mij te boek als terrorisme tot we de woede zien die deze daden verdienen.”

Advertentie Fethulah Gülen

Vanuit zijn ballingschap in de Verenigde Staten noemde de omstreden Turkse islamgeleerde Fethullah Gülen via een advertentie in tal van westerse kranten, waaronder NRC Handelsblad, het optreden van IS „een schande voor het geloof”.

In Nederland zei Geert Wilders al een paar weken geleden in de Tweede Kamer dat moslims in Nederland met een dubbele nationaliteit een ‘anti-jihadverklaring’ zouden moeten tekenen, een voorstel dat overigens geen enkele kans heeft om te worden aangenomen. De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb, geen politieke vriend van Wilders, schreef onlangs dat moslims hun „stem moeten verheffen tegen IS, liefst met een megafoon”.

Maar de schrijver Özcan Akyol distantieerde zich daar juist weer krachtig van in een artikel in deze krant. „Geert Wilders weet dat hij niet van mij kan verlangen dat ik afstand neem van barbaarse baardmannen in de woestijn die hun dogmatische interpretatie van de islam aan de buitenwereld willen opdringen. Ik heb niets met hen gemeen, hoogstens de kleur van mijn haar.”

Of al deze pro’s en contra’s veel indruk maken op de strijders van IS is uiterst onwaarschijnlijk. Een van de kenmerken van deze organisatie is immers juist dat ze zo overtuigd is van haar eigen gelijk en volstrekt niet vatbaar lijkt voor andere opvattingen.