Meer intimiteit had de toneelversie van ‘De laatkomer’ goed gedaan

Alle bejaarden dragen een blauw feesthoedje op Désirés verjaardag, behalve de jarige zelf. Hij is oud noch dement, hij simuleert op virtuoze wijze zijn ouderdomsgebreken. In een lange monoloog, recht uit de roman De laatkomer, vertelt Hans Dagelet als Désiré over zijn listige spel. Vitaal is hij, veerkracht schuilt in zijn schouders. Hij viert het leven in de ontluisterende entourage van Home Winterlicht.

Om hem heen de oude medemens in rolstoel of dramatisch schuifelend door de gang, weggeborgen, ten prooi aan zorgpersoneel. In de toneelversie van De laatkomer (2013) brengt regisseur Ola Mafaalani veel bijwerk aan: tal van personages dolen als geesten over het toneel en Adelheid Roosen presenteert met Iets Zachts oude ‘wijze’ bejaarden die bij entree van de schouwburg in een kring op de grond liggen. Het is overbodig. Hierdoor raakt een gevoelige lijn, die van de opbloeiende liefde van Désiré voor Rosa (Malou Gorter), op de achtergrond. Pas wanneer Lies Pauwels als de dochter in een aangrijpende monoloog haar vader toespreekt krijgt de voorstelling diepte. Briljant toont zij de verwarde gevoelens van zorg en compassie, gemengd met besef van naderend einde van haar vader. Dagelet incasseert prachtig haar woorden. Twee mensen op het toneel, dat is eigenlijk voldoende. Meer intimiteit had goed gedaan; het geweldige samenspel van Dagelet en Pauwels redt op het nippertje een te overvolle en onevenwichtige boekvoorstelling.