Red Snappers afrobeat drijft op de bas van Ali Friend

Bij Red Snapper draait het nog altijd om de staande bas van frontman Ali Friend. Maar de afrowending die de band heeft genomen, biedt nu wel meer ruimte aan andere muzikanten.

Vooral de drummer heeft het druk gekregen, blijkt al bij de openingssong Dock Running . Het Britse collectief dat bij hun debuut begin jaren negentig labels als ‘acid jazz’ en ‘triphop’ kreeg opgeplakt, voegt een nieuw genre toe aan het lijstje referenties: een eigen interpretatie van afrobeat.

Red Snapper speelde vorig jaar live in cinema’s en theaters de nieuwe soundtrack bij een oude Senegalese roadmovie uit de jaren zeventig, Touki Bouki. Daaruit komt het nieuwe album Hyena voort. Maar de concerten zitten niet vol Afrikaanse percussie en klanken, het instrumentarium blijft minimaal: gitaar, drums, sax en natuurlijk bas. De nieuwe nummers hebben wel meer een funk- en soulinslag, en het tempo ligt hoog.

Friends bas pompt, plokt en hobbelt, soms vervormd door effecten, soms bespeeld met strijkstok. Friend zingt bij een aantal bluesy nummers, maar het merendeel blijft instrumentaal. Saxofonist Tom Challenger is wisselvallig; waar hij ritmisch meespeelt met de stuwende beat klinkt er een fijne drukte die associaties oproept met een dollemansrit door de straten van Dakar. Maar hij misbruikt zijn sax ook voor voorspelbare popsoulmelodieën. In oudere nummers als de opgefokte afsluiter Sucker Punch werkt die aanpak beter dan in de nieuwe afrojazz.