De beschaafde rechter is ook barbaars

Ben je al bang? Voor die barbaarse islamitische terroristen? Nergens voor nodig, liet een reeks weldenkende opiniemakers vorige week al weten, want de kans dat je iets overkomt is klein. Het is irrationeel om je daar zorgen over te maken.

Maar van het nieuwe boek van Ian McEwan word je wél bang – en dan niet per se bang voor de religieuze extremist die erin voorkomt. De kinderwet laat zien dat er minstens zoveel te vrezen is van een type mens dat wij daar met onze westerse beschaving tegenover stellen. Namelijk: de familierechter.

Want die familierechter is de hoofdpersoon van De kinderwet en niet de extremist – en dat wil ik graag tegenover de mening van collega-recensent Rob van Essen zetten, die vindt dat de ‘verbijsterende overtuigingen van Jehovagetuigen’ meer aandacht hadden verdiend. Dat vind ik niet. Juist de nadruk op de familierechter maakt dit een briljant boek.

De rechter die whisky drinkt...

De dreiging van de familierechter wordt in het eerste hoofdstuk al voelbaar, als de 59-jarige familierechter Fiona Maye op haar Londense chaise longue ligt – een toonbeeld van beschaving. Nou ja, ze nipt wel aan haar tweede glas whisky (met water), terwijl ze in principe aan het werk is. Ze ‘was nu rechter van dienst, beschikbaar voor elke plotselinge oproep, ook al lag ze te herstellen’. Herstellen: van de mededeling van haar echtgenoot dat hij graag een affaire met een jongere vrouw zou willen beginnen – maar dan wel graag met behoud van zijn gelukkige huwelijk en met de instemming van Fiona. Een redelijk verzoek, toch? Maar redelijk wil en kan zij er niet over denken.

De dienstdoende rechter, met aangelengde alcohol en huwelijksproblemen – dat kan nooit goed gaan, voel je dan al, en ook McEwans knappe gevoel voor tempo geeft De kinderwet meteen een thrillerachtige spanning. Helemaal als het gevreesde werktelefoontje komt: de dringende zaak van de zieke minderjarige Jehova’s getuige, die een levensreddende bloedtransfusie weigert omdat dat tegen zijn geloofsovertuiging ingaat. De familierechter moet dan gaan bepalen of het wetmatig is om tegen die wens in te gaan, zoals het ziekenhuis eist.

... is wel een toonbeeld van ratio

Een duivels dilemma, maar gelukkig hebben we de wet. Toch? De vraag is: is de redelijkheid van de wet beter dan de irrationele geloofsovertuiging? En is die scheiding tussen rationeel en irrationeel wel zo gemakkelijk te trekken?

Daarmee is het boek van McEwan een ongelooflijk interessante ‘studie’ over emotie versus ratio, want hoe rationeel is de beslissing van de rechter eigenlijk? We krijgen minutieus haar juridische overwegingen te lezen (die secuur maar toch soepel opgeschreven zijn: mateloos interessant), en tegelijk bekruipt je soms het gevoel dat dit ook maar mensenwerk is – zo lastig is de zaak. Terwijl Fiona beroepsmatig een toonbeeld van ratio is, kampt ze in haar privéleven met ontwrichtende emoties. Dat moet enig effect hebben.

En is zo’n zaak überhaupt wel door een rechter te beoordelen zonder dat die een gevoel krijgt bij de doodzieke jongen? Als Fiona, tegen de gewoonte maar niet tegen de regels in, met Adam zelf spreekt, blijkt hij een weldenkende jongen met rotsvaste irrationele overtuigingen. De ‘kinderwet’ uit de titel schrijft voor dat ‘als een rechter oordeelt over enig vraagstuk inzake ... een opgroeiend kind ... dan zal deze rechter het welzijn van het kind vooropstellen’.

Wie is hier nou beschaafd?

Daardoor laat Fiona zich leiden – maar wat is precies het welzijn van het kind? En hoe weet Fiona wat dat is en hoe dat uitpakt? Nadat Fiona haar vonnis geveld heeft, is de roman nog niet afgelopen. De zaak krijgt een staartje. Zonder het einde te verklappen: die laat zien dat een rationele beslissing niet automatisch de beste is.

Dat voelt hoogst actueel. Dus ja, de werkelijkheid maakt het boek wél beter – maar dan vooral de actualiteit van het nieuws. Want de tweedeling ‘beschaafde ratio’ versus ‘barbaarse emotie’ blijkt onhoudbaar. Wie tegenover geloofsextremisme beschaving zet, toont McEwan op briljante wijze, kan alsnog een barbaarse beslissing nemen. Die macht heeft de familierechter. Een besef om bang van te worden.