Sophia’s kookboek

Sophia Loren. Wist u dat ze haar echtgenoot Carlo Ponti ‘involtino’ placht te noemen? ‘Runderrolletje’, lief hè. Er is al veel over de Italiaanse filmdiva gezegd sinds ze vorige week tachtig werd en haar autobiografie verscheen. Haar schoonheid, haar films, haar blote jurken (en bijbehorend okselhaar), het kwam allemaal weer voorbij. Ik heb ervan genoten. Ik heb voor de zoveelste keer gehuild bij een scène uit Una Giornata Particolare – het was niet eens mijn lievelingsscène; dat is die waarin Marcello Mastroianni een frittata voor haar bakt. En ik heb voor de gelegenheid haar kookboek maar weer eens uit de kast gehaald.

In cucina con amore verscheen in 1971. Mijn Nederlandstalige exemplaar, Koken con amore, kocht ik ooit voor twee gulden bij een antiquariaat. Het is wat je noemt beduimeld, de pagina’s vergeeld en bevlekt. Maar het boek heeft zo’n cultstatus verworven dat ik het inmiddels zou kunnen verpatsen voor misschien wel het vijftigvoudige. Niet dat ik dat ooit zou doen. Daarvoor is het me veel te dierbaar.

Stelt u zich een cover voor waarop La Loren staat in een mouwloos roze gevalletje. In haar rechterhand een reusachtige houten vork en in haar linkerhand net zo’n lepel. Tussen het bestek door kijkt ze recht in de camera met die superieure blik van haar. Zelfbewust. Een klein beetje stout, alsof ze zeggen wil: „Ik heb net drie borden gnocchi alla gorgonzola gegeten, niet verder vertellen hoor.”

En dan binnenin nog talloze van dat soort foto’s. Loren in een gebloemd zomerjurkje, zwemmend in een zee van tortellini. Loren die in een hemelsblauw schort een pizzabodem de lucht in gooit. Loren in een jaloersmakende spijkeroutfit (donkere flarebroek, blouse met puntkraag, hoofddoekje) bij de barbecue. Zo heerlijk seventies allemaal.

Het gekke is dat de recepten in het boek helemaal niet ouderwets aandoen. Nu ja, een beetje wellicht, want wie maakt er nu nog sneetjes roggebrood met mierikswortelboter of geflambeerde bananenschuitjes? Maar dat zijn de exoten. Lorens klassieke Italiaanse recepten kun je met de beste wil van de wereld niet gedateerd noemen. Tagliatelle met truffel. Saltimbocca alla romana. Piselli con prosciutto. Dat maken we nog steeds, en niet veel anders dan zij het deed.

Een Duitse uitgever heeft het boek onlangs opnieuw uitgegeven. Ik heb het nog niet in handen gehad, maar ben ontzettend nieuwsgierig naar wat de vertalers gedaan hebben met teksten als deze, waarin Sophia zich richt tot haar seksegenoten: „(…) u zult er plezier in hebben en het geen sleur vinden als u de voldoening smaakt iets te hebben klaargemaakt waarvoor uw man en ook uw kinderen u een complimentje maken.”

Jaja, de tijden veranderen. Alleen de Italiaanse keuken, die blijft zoals hij altijd is geweest.

Janneke Vreugdenhil