Remarkable Rotterdam

Buitenlandse media noemen Rotterdam de must see van 2014. BBC-correspondent Anna Holligan vindt dat terecht.

Foto’s HH, anp, Julia Dusee, Keke Keukelaar

Sommige Nederlandse vrienden slaakten kreten van verbazing en ontzetting toen The New York Times en de Rough Guide Rotterdam aanwezen als een van de must see-bestemmingen van 2014. Hoe konden die gerespecteerde media Rotterdam hoger op de ranglijst zetten dan bewonderde steden als Leiden of Amsterdam? Er waren zelfs cynische bloggers die opperden dat het een pr-stunt was: om likes en shares te genereren. Maar wie Rotterdam links laat liggen, mist een van de levendigste, cultureel meest diverse steden van de lage landen, een metropool die zichzelf doorlopend vernieuwt.

Ik ben als buitenlandcorrespondent gestationeerd in Den Haag, stad van orde en conventie, en vind het chaotische Rotterdam een openbaring. Misschien ook doordat het zo vertrouwd aandoet: ik kom uit Hackney in Oost-Londen, vanouds het terrein van gewelddadige bendes. Tegenwoordig beleeft Hackney een nieuwe bloei – net als Rotterdam. In voorheen verlaten ruimten schieten ontwerpstudio’s uit de grond, jonge bebrilde yuppen met baarden en fietsen bevolken de pop-up stores.

Rotterdam heeft een soort shabby chic die ook aan de Berlijnse wijk Kreuzberg doet denken. Dezelfde cafés met graffiti, verlaten industriële gebouwen waar kunstenaars wonen en werken, dezelfde onvoorspelbare, dynamische sfeer. De parken zijn misschien niet zo wereldberoemd als het Vondelpark, maar er is ’s zomers altijd plek om te zitten en je kunt er fietsen zonder hordes toeristen te hoeven ontwijken. Je stuit telkens weer op iets onverwachts of ongewoons.

The New York Times merkt op: „De wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog heeft het gezicht van een van de grootste havens van Europa ingrijpend veranderd en de opvallende, hoekige architectuur geeft vorm aan de modernste skyline van het land.” Soms lijkt het wel alsof tien architecten tegelijk een bouwvergunning hebben gekregen en meteen zijn begonnen, zonder oog voor continuïteit. Maar het is juist de charme van de stad dat zulke onconventionele gebouwen naast elkaar kunnen bestaan; een mooie metafoor voor de culturele samenstelling van de tweede stad van Nederland.

Aan de winkels en restaurants is te zien dat Rotterdam een relatief grote Antilliaanse, Surinaamse en Marokkaanse bevolking heeft. Een weelde aan diversiteit die ik in geen enkele andere Nederlandse stad heb aangetroffen. De stad probeert niet de concurrentie aan te gaan met de allure van Amsterdam of toeristen weg te lokken van de mooie geplaveide straten van Leiden. Het lijkt de Rotterdammers weinig te kunnen schelen dat Haarlem alle aandacht van de historici trekt. Het is een stad zonder pretenties, zonder druk zich aan te passen.

Door Rotterdam boven de meer voorspelbare favorieten te verkiezen, breken The New York Times en de Rough Guide met de gangbare toeristische conventies.

Zonnestralen

Natuurlijk heeft Rotterdam ook traditionele attracties en musea. Maar de grootste toeristentrekkers van Rotterdam zijn buiten te vinden. Wie over de spectaculaire Erasmusbrug rijdt, ziet de zonnestralen tussen de asymmetrische gebouwen door vallen en raakt onder de indruk van de omvang en de originaliteit van wat waarschijnlijk de opvallendste bezienswaardigheid van Rotterdam is. En de ontwikkelingen staan niet stil. Kijk naar het enorme nieuwe gebouw van Rem Koolhaas aan de overkant: De Rotterdam. Of naar de nieuwe Markthal, de kathedraalachtige overdekte markt/appartementengebouw/kunstwerk, ontworpen door Winy Maas van MVRDV. Op het gebied van de architectuur bestaat er niet veel onconventionelers dan de Kubuswoningen van Piet Blom. Zulke constructies zou je op een architectuurtentoonstelling verwachten, maar in Rotterdam zijn het gewone woonhuizen die haast terloops langs de straat balanceren. Er zijn er een paar door een budgethotelketen aangekocht; die bieden de prijsbewuste reiziger de kans om een nacht door te brengen in de huizen die kenmerkend zijn voor een stad die niet pronkt met alles wat ze te bieden heeft, maar de bezoeker zelf laat bepalen wat zijn aandacht verdient.

Mijn favoriete logeeradres is Hotel New York. De meubels in de kamers zijn van gerecycled materiaal gemaakt; gebutste kisten worden tafels, ontwrichte liftdeuren scheiden de slaapkamers van de badkamers in arlecchinostijl. Het hele gebouw is een eerbetoon aan het glorieuze zeevarende verleden van Rotterdam. En het uitzicht over de Maas is het wakker worden waard.

Eén attractie torent boven alle andere uit: de Euromast. Het hoogste gebouw van Nederland dat publiek toegankelijk is. Bij ons laatste bezoek hebben mijn vriend (nu echtgenoot) en ik urenlang over de glinsterende stad staan uitkijken. Als je vanaf die hoogte naar Rotterdam kijkt, krijg je een nieuw perspectief op de wereld en jouw plaats daarin.

Met zijn ruige reputatie en zijn onconventionele karakter spreekt Rotterdam de rebelse romanticus aan. Een van de dankbaarste toeristische ervaringen is het afdwalen van platgetreden paden. Dat verklaart misschien waarom The New York Times en de Rough Guide Rotterdam tot hun Nederlandse stad van 2014 hebben verkozen. Maar u hoeft me niet op mijn woord te geloven. Ga er zelf heen en (her)ontdek alles wat Rotterdam zo bijzonder maakt.