Khalid Amakran

Maartje Stapel (16): ‘Ik denk soms: al die volwassenen, ik kan het zelf wel ietsje beter’

In de rubriek Jong! vertellen pubers over zichzelf, de wereld en elkaar. Deze week: Maartje Stapel (16). Aanmelden: pubers@nrc.nl.

Zelf ontworpen sieraden

„Op mijn negende zag ik armbandjes liggen in winkels en dacht: jeetje, dat is duur. Dat kan ik zelf ook. Ik ben kraaltjes gaan kopen op internet en in de kralenwinkel in de stad. Dat werd een soort handeltje op het schoolplein, waar ik later een bedrijf van heb gemaakt. Ik heb nu een collectie zelf ontworpen sieraden die ik laat maken in het buitenland en verkoop via mijn webshop, Little March. Het eerste dat ik liet maken was een ring, met een soort Romeinse cijfers. Ik moest er meteen vijftig bestellen anders was het te duur. Daar was ik veel geld mee kwijt, dat kon ook misgaan. Normaal ben ik best perfectionistisch. Ik doe heel hard mijn best op school. In mijn bedrijf heb ik iets meer ballen. Ik neem belachelijk veel risico. Maar ik ben nog steeds niet failliet.”

Waterverfpatronen

„Ik heb ringen, armbandjes, oorbellen. De oorbellen draag ik zelf het meest, ik heb drie gaatjes in ieder oor. Ik ben altijd bezig met inspiratie opdoen. Ik zoek op internet… niet eens per se sieraden maar waterverfpatronen, schetsen waar mijn creativiteit van gaat kriebelen. Zodat ik met mijn supplier kan gaan appen over een nieuw ontwerp. Ik heb al veel suppliers gehad. Een fabriek in China is de beste, daar ben ik elke dag mee in contact. Ik moet er wel hard achteraan. Chinese verkopers zijn goed, maar het kan soms een tandje sneller. Ik ben ook niet de meest gewilde klant, ik kan geen grote aantallen inkopen. Ik heb geen grote investeerder ergens zitten. Dat wil ik ook niet, ik wil alle touwtjes zelf in handen hebben. Zometeen gaat er iets fout. Dan wil ik niet dat iemand anders daarbij betrokken wordt.”

Khalid Amakran
Khalid Amakran
Khalid Amakran
Khalid Amakran

Even opbellen

„Wij hebben best een hecht gezin. Mijn ouders werken veel, vooral mijn moeder. Dat is soms lastig. Dan denk ik: waar is mijn moeder, waar is mijn vader. Even opbellen. Uiteindelijk komt het goed. Het is ook leuk om mijn eigen gang te gaan, ik vind mijn vrijheid thuis top. Mijn moeder heeft als wethouder een zware portfolio. Jeugdzorg, tienermoeders - best heftig. Ze kan goed tegen kritiek, maar soms zit ze er wel mee als ze negatieve reacties krijgt. Wij zeggen dan: het is politiek, het is de bedoeling dat je het niet met elkaar eens bent. Maar bij een heel persoonlijke aanval denk ik: logisch dat ze het zich aantrekt. Ze is ook een mens. Vrouw. Moeder. Ze werkt zo onwijs hard. Iemand mag die vrouw ook wel eens een schouderklopje geven.”

De politiek in

„Op school zit ik in de debatclub. Ik zou misschien ook best in de politiek willen. Ik denk soms: al die volwassenen, ik kan het zelf wel ietsje beter. Voor welke partij zou ik niet weten. Mijn moeder zit bij D66 maar ik sta los van mijn moeder daarin. We hebben als gezin wel duidelijke meningen. Ik heb geleerd: je moet mensen welkom heten, lief zijn voor elkaar. Bij sommige politici heb ik het gevoel: hoe kún je zo zijn. We zijn een democratie. Heb respect voor elkaar. Ook als degene niet denkt zoals jij denkt. Nee, ik noem geen namen. Ik wil mensen niet persoonlijk aanvallen. Ik zeg ook weleens iets verkeerds. Door één uitspraak ben je niet slecht.”

In de rubriek Jong! vertellen pubers over zichzelf, de wereld en elkaar. Aanmelden: pubers@nrc.nl.