Hoeveel kans maak jij op een literatuurprijs?

Gisteravond werd de shortlist bekend van de AKO Literatuurprijs. Altijd klinkt de klacht dat vooral Nederlandse, mannelijke veertigers literatuurprijzen winnen. Dat klopt. De statistieken zijn duidelijk.

Gokje wagen op de winnaar van de AKO Literatuurprijs? Wat ons betreft kun je je geld dan het beste inzetten op Frank Westerman. Gisteravond werd in Nieuwsuur de shortlist met zes genomineerden bekendgemaakt – de winnaar wordt over anderhalve maand verkozen.

Waarom Westerman de beste papieren heeft? Niet omdat Stikvallei een mooi boek is. We zeggen het vooral om statistische redenen: de auteur is een man, hij is Nederlander én hij wordt op de dag van de uitreiking 50 jaar oud. Daarmee komt hij het dichtst in de buurt van de gemiddelde AKO-winnaar: man, Nederlander en 47 jaar oud.

De Nederlandse literatuurprijzen worden gedomineerd door Nederlandse, mannelijke veertigplussers. Die klacht klinkt geregeld, en de gegevens die wij verzamelden wijzen ook in die richting. De aanleiding: toen onlangs de longlist bekend werd, klonk het nog dat er „veel jongeren” op die lijst stonden. Pardon? Precies drie van de 25 schrijvers waren de veertig niet gepasseerd. De helft van de heren en dames (en het waren vooral heren) was boven de vijftig.

En nu de shortlist er is? Het is een goed jaar voor de Vlamingen (2 nominaties), maar een slecht jaar voor de vrouwen (nul) en de veertigminners (ook nul). Nu is dat geen enorme verrassing, als je kijkt naar alle nominatielijsten uit de geschiedenis. De Vlamingen en vrouwen zijn steevast in de minderheid: vijf vrouwen hebben de prijs ooit gewonnen, en drie Vlamingen. En sinds de AKO Literatuurprijs in 1991 voor het eerst werd uitgereikt, zijn er slechts twee twintigers geweest die bij de laatste zes eindigden: Joost Zwagerman was 28 toen hij in 1992 genomineerd werd met Vals licht, en de 29-jarige Arnon Grunberg werd in 2000 genomineerd met zijn roman Fantoompijn. Én won.

Wie jong is wint dus relatief vaak, maar al te oud is statistisch juist weer ongunstig: nog nooit ging de prijs naar een zeventigplusser. Dit jaar kwam de jury met een bovengemiddeld oude shortlist: dit jaar is de gemiddelde kanshebber 65, terwijl de leeftijd van genomineerden in eerdere jaren gemiddeld 48 was.

Daarmee zou dit de shortlist van dit jaar ‘kampioen kansloze oudjes’ kunnen zijn: Wessel te Gussinklo en Guus Kuijer zijn 72 en K. Schippers wordt begin november 78. En Vlamingen Tom Lanoye en Stefan Hertmans zijn respectievelijk 56 en 63 jaar oud.

Zijn zij ook kansloos? De laatste jaren is de jury wel steeds ‘Vlaamsgezinder’: ondanks dat de Vlamingen even weinig genomineerd werden als altijd, vielen zij wel vaker in de prijzen. Dus is er dan toch misschien een kansje voor Vlaming Tom Lanoye? Op 12 november weten we het.