‘Zie voetbalfan als een bulldog’

Duitse politie experimenteert met vermindering van aantal agenten om geweld te voorkomen

Op de grootste staantribune ter wereld is ruimte voor 26.000 fans van Dortmund. Heftiger dan „Scheisse Stuttgart” naar de fans van de tegenstander werd het niet. Foto’s Reuters, Hollandse Hoogte

Het toppunt van vriendelijkheid rondom Duitse voetbalstadions: de mobiele fanshop van VfB Stuttgart die pal naast de megastore van het thuis spelende Borussia Dortmund is geparkeerd. Of: een kampeertafel met links supporters in het geel en rechts supporters in het rood en wit. Beide kampen staan later op de avond tegenover elkaar in het voormalige Westfalenstadion, maar nippen eerst in elkaars gezelschap van flinke flessen pils.

Zo gebroederlijk is de sfeer bij veel duels in Duitsland. Dat besefte minister Ralf Jäger van deelstaat Noordrijn-Westfalen ook. Daarom stelde hij begin augustus voor om een maand lang veel minder politie in te zetten. Mede door de wetenschap dat het aantal profduels in de deelstaat met tien procent was toegenomen door de promotie van enkele clubs. De veiligheidskosten zouden evenredig stijgen. „Tegenover de belastingbetaler kan ik dat niet verantwoorden”, stelde Jäger, op wiens grondgebied onder meer Bayer Leverkusen, Schalke 04, Borussia Mönchengladbach, FC Köln, SC Paderborn en Borussia Dortmund huizen.

De proef, die deze week eindigde en binnenkort wordt geëvalueerd, gold niet voor zogenoemde risicowedstrijden, zoals regionale derby’s. Maar bij ‘zachtaardige’ duels werden gemiddeld veertig procent minder agenten ingezet. Zo stonden er onlangs 240 agenten paraat bij FC Köln versus Hamburger SV, in plaats van de 400 bij de vorige ontmoeting. Het duel verliep probleemloos.

Is de vermindering verantwoord? In Dortmund lijkt het van wel. Terwijl een agente op haar gemak een maaltijdsalade wegwerkt achter het stuur van een politiebus, kunnen aanhangers van Stuttgart zich ongestoord verpozen in de Biergartens rondom het Signal Iduna Park. „Onze fans zijn vriendelijk”, verklaren de broers Robin en Kevin Beck, beiden voor Borussia Dortmund. Ze verbaasden zich vaak over de hoeveelheid groene uniformen bij duels zonder risico. „Totaal onnodig.”

Voor supporters voelt dat soms alsof ze zijn beland op de open dag van de politie. Overal zwaailichten, troepen te paard en waterkanonnen om straten mee schoon te vegen. Typisch Duitsland, weet Otto Adang, lector openbare orde en gevaarbeheersing aan de Politieacademie in Nederland. Zijn interpretatie van de Duitse gedachte: hoe meer machtsvertoon, hoe minder kans op rellen. Maar een strenge, keiharde aanpak kan juist tot het tegenovergestelde leiden. „Dan voelt iedereen zich onruststoker. Ook de goedwillende fan, omdat ze niet even naar het toilet mogen of een broodje mogen halen.” Dikwijls slaat vreedzaamheid dan om in irritatie.

In Nederland, dat op dit vlak voorop loopt en voor andere landen als voorbeeld dient, drong dat eerder door. Volgens Adang wordt hier veel minder politie ingezet. Bovendien stellen agenten zich communicatief en teruggetrokken op. Tegenwoordig gaat meer aandacht uit naar een uitgebreide risicoanalyse vooraf. Hoe groot is de kans op ongeregeldheden? Daarvoor wordt uitvoerig overlegd met supportersclubs. Is de kans klein, dan is er minder politie en hoeven fans niet verplicht met de bus.

Groot verschil met Nederland is het feit dat in Duitsland fans bij veel clubs door elkaar lopen. In Nederland zijn de groepen veel meer afgeschermd. „Het zorgt hier amper voor problemen”, zegt Oliver, verkoper in de mobiele fanshop van Stuttgart bij het stadion van Dortmund. „Het is net als met bulldogs. Houd je die aangelijnd, dan gaan ze grommend op elkaar af. Zijn ze los, dan doen ze elkaar niks.”

Toch heeft ook Duitsland zijn onruststokers. Uit het laatste jaarverslag van de Bundespolizei blijkt dat het aantal strafzaken is toegenomen, evenals het aantal politie-uren. In het seizoen 2012-2013 waren dat in heel Duitsland 780.000 uren (elf procent meer), tegen meer dan 281.000 in Nederland, dat één profdivisie minder telt.

De pilot in Noordrijn-Westfalen was daarom puur gericht op wedstrijden die weinig risico zouden meebrengen. Dus niet bij de derby Dortmund-Schalke. Of een duel zoals Hannover ’96 tegen Eintracht Braunschweig: 3.181 agenten op 23.150 toeschouwers. „Het is dus een misvatting om te denken dat het altijd gezellig is in Duitse stadions”, stelt Adang van de Politieacademie, die veel internationaal onderzoek deed naar geweld rond voetbalduels.

In zijn ogen is Dortmund een van de positieve uitzonderingen. Hooguit 400 politiemannen zien daar toe hoe 79.500 toeschouwers kalm hun plek opzoeken in het immense Signal Iduna Park. Onder dat aantal liefst 5.000 fans uit Stuttgart die vijf uur hebben gereisd om hun ploeg te steunen.

Dat doen ze hartstochtelijk. Zoveel wordt duidelijk wanneer je tussen hen staat in het gastenvak. Geen moment is het stil. Mede door de vijf volksmenners op de onderste rij, die het geheel dirigeren met behulp van megafoons. De wedstrijd volgen ze niet, wel de choreografie van hun medesupporters: klappen, zingen en springen gaat tegelijk. „Dit zijn geen hooligans”, benadrukken Jan en Sven, twee begin twintigers met capuchon over het hoofd. „Het zijn ultras.”

Ultras, met hun vlaggen, spandoeken en gelijke kledingstijl, hebben geen kwaad in de zin. „Scheisse BVB”, is het heftigste wat er voorbij komt. Waarop de 26.000 Dortmund-fans aan de overzijde, op de grootste staantribune ter wereld, hetzelfde doen: „Scheisse Stuttgart”.

Grimmiger wordt het niet. Zelfs niet als de wedstrijd in 2-2 eindigt na de 0-2 voorsprong van Stuttgart. Eenmaal buiten lopen de ultras tussen de fans van Dortmund naar hun bussen en auto’s. Het uitje zit erop. De bulldogs zijn bekaf.