Verrot Nigeria maakt zich niet druk om Boko Haram

In het toonaangevende zuiden van Nigeria is men vooral op zoek naar geld en macht. Om het arme noorden bekommert zich niemand.

Nigerianen bekijken in Abuja kandidatenlijsten van de presidentsverkiezingen die begin 2015 worden gehouden. Foto’s Reuters

De tweet #Bringbackourgirls was een uiting van internationale walging over de ontvoering een half jaar geleden van meer dan tweehonderd Nigeriaanse schoolmeisjes door de terreurgroep Boko Haram. Het was tevens een dringende oproep aan president Goodluck Jonathan van Nigeria om hen zo snel mogelijk te bevrijden.

Op wrange wijze vormden deze maand aanhangers van de president de spreuk om tot een verkiezingsleuze: #Bringbackjonathan – vooruitlopend op de verkiezingen die begin 2015 plaatsvinden. Voordat Jonathan na een golf van afkeer de slogan had ingetrokken, noemde de Nigeriaanse schrijver en Nobelprijswinnaar Wole Soyinka de gewraakte verkiezingsslogan „ethische degeneratie”, een symbool van „het verrottingsproces van Nigeria’s collectieve ziel”.

In het olierijke Nigeria onderscheiden de politieke omgangsnormen zich van die in de rest van Afrika. De graaicultuur van zijn politieke klasse en de legerleiding kent zijn weerga niet in Afrika. Corruptie, machtsmisbruik, criminaliteit, al deze problemen lijken zich in Nigeria in de overtreffende trap voor te doen.

Het 170 miljoen inwoners tellende Nigeria is druk, divers en uitgestrekt. De terreurdaden van Boko Haram in het noordoosten van het land houden de parlementaire politiek bezig, maar een groot deel van de Nigeriaanse bevolking ligt er minder wakker van. In de overvolle economische hoofdstad Lagos en andere delen van het economisch bruisende zuiden nemen veel mensen de dreiging van Boko Haram niet zo zwaar op. Iedereen is bezig een aandeel in de consumptiemaatschappij op te eisen.

De terreur in het verre noordoosten, waar overwegend moslims wonen, staat ver van de christenen in het zuiden af. Daarom zal Jonathan ondanks zijn lakse reactie op de ontvoering van de meisjes, de verkiezingen in februari vermoedelijk winnen.

Goodluck Jonathan werd drie jaar geleden president met de belofte het land te hervormen. Weg met de oligarchieën, gekochte verkiezingen, politieke manipulatie. Maar het is de vraag of de mild en vriendelijk overkomende Jonathan hiertegen is opgewassen.

Vijftien jaar geleden droegen de militairen de macht over aan burgers. „Burgerbewind betekent nog geen democratie”, zegt Jasper Veen, directeur van het Amerikaanse Nationale Democratische Instituut in de hoofdstad Abuja. Een coterie van tycoons wint verkiezingen door de kiezers te masseren met zakken vol bankbiljetten. Miljarden dollars uit de oliewinning zijn voor dit doel al ‘verdwenen’ in de aanloop naar de verkiezingen van 2015. Intimidatie en geweld, door opponenten te arresteren en knokploegen in te zetten, is heel gewoon.

Internetjournalist Chude Jideomwo (30) werd geboren tijdens het militaire bestuur. Hij koesterde eerst veel sympathie voor de burgerpresident. „Direct na zijn beëdiging ging hij te rade bij jongeren en niet-gouvernementele organisaties. Hij is een intellectueel en gaf ons hoop. Maar onze problemen met wanbestuur blijken dieper te liggen dan we aannamen. Een samenleving kan zich niet hervormen als daarvoor de wil niet bestaat.”

Vals paradijs?

Chude ziet nog genoeg politici en zakenlui die knabbelen aan het systeem, die van binnenuit aan hervormingen werken, om hoopvol te blijven. „Democratie gaf me de mogelijkheid weer te dromen. De markt liberaliseert en dat creëert kansen voor jongeren. Daarom ben ik optimistisch. Maar soms vraag ik me wel eens af of ik over een vals paradijs droom.”

Sanusi Lamido was tot februari de hervormingsgezinde gouverneur van de Centrale Bank, totdat hij Jonathan verweet dat onder diens bestuur ten minste twintig miljard dollar is verdwenen. Dat geld wordt vermoedelijk aangewend door de regeringspartij, de Democratische Volkspartij (PDP), om herverkiezing veilig te stellen. Jonathans slaapvriendinnetje, Diezani Allison-Madueke, bezet het meest lucratieve ministerie in Nigeria, dat van Oliezaken. Zij houdt namens de president de patronagenetwerken tevreden.

Chaos beteugelen met geld

Jonathan is afkomstig uit de Delta, het gebied in het zuidoosten waar olie wordt gewonnen. Zijn grootste verdienste is dat hij de opstand van militanten heeft beëindigd die vijf jaar geleden de oliewinning in gevaar bracht. In Nigeria worden opstanden met geld afgekocht. Sinds 2009 werd één miljard dollar gespendeerd om de militanten uit te betalen en rustig te houden. Daarmee is de oliewinning verzekerd, maar de chaos niet beteugeld.

„Veel militanten zijn piraten geworden”, zegt Rob Meyer van Workshipsafrica, een bedrijf dat schepen verhuurt in de olie-industrie. De militanten helpen militairen en politici bij het stelen van olie. „Je moet avontuurlijk zijn ingesteld om in deze sector te investeren.” Volgens bronnen worden dagelijks 100.000 vaten olie illegaal afgetapt en wordt de lading met hulp van de militanten overgeheveld naar voor de kust dobberende schepen. En een nieuwe generatie militanten – onder wie de gewapende mannen die in mei drie Nederlanders gijzelden – komt op en wil straks ook haar aandeel in ‘gemakkelijk’ geld.

„Ontvoeringen in de Delta en de opstand van Boko Haram in het noorden, Nigeria is sinds de afscheidingsoorlog van Biafra in de jaren zestig niet meer zo verdeeld geweest als nu”, oordeelt Pat Utomi, oprichter van de Business School in Lagos.

Drie jaar geleden was hij presidentskandidaat. Utomi staat bekend als een integere politicus. „Nigeriaanse politici blinken uit door narcisme, ze houden heel erg veel van zichzelf. Jonathan beloofde aanvankelijk slechts één ambtstermijn te zullen dienen, maar nu is hij al aan zijn herverkiezingscampagne begonnen. Hij maakt Nigeria kapot. We betalen een hoge prijs voor de ego’s van een handjevol mensen.”