Heb je moeilijke collega’s? Daar is een cursus voor

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk?

Wat: Een workshop ‘Samenwerken met moeilijke mensen’ in Bunnik.

Wie: Docent Richard van Houten, en 35 cursisten onder wie: Chris van den Boogert – mede-eigenaar Spanpartner bvVincent Feenstra– teamleider IT-afdeling UMC, Saskia Zwinkels – teamleider automatiseringsafdeling gemeente Den Haag, Marieke (die haar achternaam geheim wil houden) – HR-manager, en Hanneke.

Zweetdruppels parelen op het voorhoofd van Hanneke, een veertiger in roze fleecejack. “Richard”, stamelt ze, “Ik vind dat je slecht functioneert.” Richard laat een onnodig lange stilte vallen. En zegt dan: “O ja, joh? Wat is het probleem dan?” In drie passen staat hij voor haar neus. Hanneke begint het nu écht warm te krijgen. “Goed. Welk type is Hannekes baas volgens jullie?”, vraagt Richard van Houten – docent van de cursus ‘Samenwerken met moeilijke mensen’.

Lastpakken moet je aanpakken

Hij wendt zich tot zijn publiek: vijfendertig enthousiast mee-schrijvende cursisten die vandaag eíndelijk zullen leren hoe ze om moeten gaan met hun lastige collega’s. Lastpakken, noemt Van Houten ze. Figuren als Hannekes werknemer bijvoorbeeld, met veel te veel praatjes.

Hoe? Met trucs die Van Houten zijn cursisten middels rollenspellen voor de klas laat uitproberen: “Je hebt vier typen collega’s.” Voor het gemak schrijft hij de getallen één tot en met vier op de flipover achter hem. Type één is dominant, intimiderend en een tikje narcistisch. Type twee: communicatief en innemend - belooft van alles maar komt uiteindelijk geen afspraken na. Het derde type beschikt over een indrukwekkende hoeveelheid feitenkennis waarmee zijn of haar collega’s keihard worden afgetroefd. En nummer vier is een soort Calimero, zegt Van Houten. Onzeker, een pleaser, durft geen nee te zeggen. Zodra je de typen herkent, kun je hun gedrag manipuleren.

En dat doe je zo. Van Houten gaat wijdbeens voor de klas staan. Overdrijf wat je bij de ander ziet, zegt hij. “Slaat je baas, een typisch type één, met een pen op tafel? Doe hetzelfde met een stift. Blijft die collega, type drie, maar feitjes oplepelen? Leer álles over haar vakgebied en betrap haar op een fout.”

Breng je collega’s uit balans

Van Houten stuitert door het lokaal. Speelt elk typetje met gemak: de narcistische baas – ook wel ‘de kleine dictator’ in de vaktermen van Van Houten, de feitenkenner – of beter: de ‘zuigende zeikerd’, wederom een Van Houtentje. En het gladde innemende type twee.

Van Houten is ze allemaal tegengekomen toen hij nog op de marketing en sales-afdeling van eerst Praxis, toen Nestlé, en vervolgens Bols werkte. “Je moet je moeilijke collega’s verrassen, iets doen dat ze niet zagen aankomen. Ze uit balans brengen.” Een blik op de nog altijd rood aangelopen Hanneke. Een zucht. “Je colléga’s dus, niet jezelf.”