De vorige keer betaalde Parijs wél

François Hollande verklaarde „nooit te zwichten voor chantage” na de ontvoering van Hervé Gourdel (55). Daarop hebben Algerijnse jihadisten de berggids woensdag onthoofd. Frankrijk vreest nieuwe aanslagen.

Honderden Fransen kwamen gisteren bijeen in Saint-Martin-Vesubie, de woonplaats van Hervé Gourdel (55), om de laatste eer te bewijzen aan de berggids. Woensdag bleek dat Gourdel door jihadisten is onthoofd. Foto AFP

Met de onthoofding van een Franse toerist in het noordoosten van Algerije is de strijd tegen Islamitische Staat (IS) ook voor Frankrijk dichtbij gekomen. Slaagde Parijs er bij eerdere ontvoeringen in onstuimige regio’s vaak in gijzelaars onder nooit helemaal opgehelderde omstandigheden vrij te krijgen, nu had president François Hollande direct stellig verklaard „nooit te zwichten voor chantage”. Dat werd de zondag ontvoerde Hervé Gourdel, een 55-jarige berggids uit Nice, woensdag fataal.

Met zijn ferme houding leek Hollande een eind te willen maken aan de toenemende Amerikaanse ergernis over de Franse dubbelzinnigheid bij gijzelingen in het buitenland. Officieel onderhandelt Frankrijk nooit met terroristen, maar zelfs president Barack Obama zei onlangs tegen The New York Times dat niet te geloven.

Frankrijk betaalde al 20 miljoen

Om vier journalisten in Syrië vrij te krijgen, zou Parijs eerder dit jaar volgens Duitse media via bemiddelaars 13 miljoen euro hebben betaald. Gijzelnemers in de Sahel ontvingen volgens Le Monde 20 miljoen voor een viertal werknemers van mijngigant Areva in Niger. „Iedere betaling is een aanmoediging voor een nieuwe ontvoering”, zei de Amerikaanse VN-ambassadeur Samantha Power in januari toen de Veiligheidsraad een resolutie aannam om de betalingen te stoppen. Die boodschap was volgens diplomaten vooral aan Frankrijk gericht.

Maar voor Hervé Gourdel was geen cent losgeld gevraagd. Zijn ontvoerders eisten dat Frankrijk de aanvallen tegen IS in Irak zou stoppen.

De Franse regering was gisteren in crisisoverleg bijeen om „nieuwe doelen” te bepalen in Irak en om maatregelen te nemen die „de beveiliging van Franse burgers verbeteren”, aldus Hollande vanuit New York. Vorige week vrijdag gingen de eerste Rafales de lucht in om stellingen in Noord-Irak te bombarderen.

In een in Frankrijk alleen voor vraagstukken van oorlog en vrede gereserveerd klimaat van „nationale eenheid”, zeggen politici van links en rechts dat de moord op Gourdel hun „vastberadenheid” om deel te nemen aan de internationale coalitie tegen IS slechts „versterkt” heeft. „Frankrijk is in oorlog”, klonk het in de Assemblée Nationale, waar juist deze week over de Franse bijdrage aan de IS-coalitie gedebatteerd werd.

„Hervé Gourdel is dood omdat hij Frans was”, zei een felle Hollande gisteren voordat hij de VN toesprak. „Omdat zijn land, Frankrijk, strijdt tegen het terrorisme, omdat hij een volk vertegenwoordigt, het onze, dat bevangen door vrijheid de menselijke waardigheid tegen de barbarij verdedigt.” Frankrijk, zei hij, „zal blijven strijden tegen het terrorisme, overal en vooral tegen de groep Daech”, zoals de Franse regering IS noemt.

Gourdel was vorige week vertrokken voor een tiendaagse tocht door het ruige Durdjura-park in Noordoost-Algerije toen hij ontvoerd werd door een groep die zich Jund al-Khilafa (‘soldaten van het kalifaat’) noemt. Woensdag dook online een filmpje op (‘Boodschap in bloed aan de Franse regering’) waarin hij net als eerder de Amerikanen James Foley, Steven Sotloff en de Brit David Haines onthoofd werd.

Toevluchtsoord voor radicalen

De regio waar hij wilde wandelen staat al sinds de jaren negentig bekend als een toevluchtsoord voor radicale islamitische groepen en volgens de Franse inlichtingendiensten zouden de laatste maanden ook uit Mali verdreven strijders van Al-Qaeda in de Islamitische Maghreb (AQIM) hier zijn neergestreken.

Meteen na het begin van de Franse aanvallen vorige week had een zegsman van IS opgeroepen tot het doden van „ongelovige” Amerikanen of Europeanen, „in het bijzonder de vreselijke en smerige Fransen”.

Dat dreigement kwam in Parijs hard aan. Naar schatting 900 jonge Fransen hebben zich volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken aangemeld bij jihadistische groepen in Irak en vooral Syrië – 120 van hen zijn inmiddels teruggekeerd naar Frankrijk, van wie er 55 vastzitten. Een van hen is de aan België uitgeleverde Mehdi N., verdachte van de schietpartij in het Joods Museum in Brussel.

Drie andere teruggekeerden meldden zich zelf bij de gendarmerie. Een van hen was de zwager van Mohammed Merrah, de ‘scootermoordenaar’ die in Toulouse zeven mensen doodschoot. „De vraag is niet wanneer maar waar een nieuwe aanslag plaats zal hebben”, aldus een door AFP geciteerde politiebron.