Dumoulin bewijst ongekend talent in tijdrit

Bradley Wiggins versloeg Tony Martin en won goud bij de WK tijdrijden. Brons ging naar de pas 23-jarige Tom Dumoulin.

Foto AFP

Naast hem op het podium grijnsde Sir Bradley Wiggins, meervoudig olympisch en wereldkampioen, winnaar van de Tour de France en nu voor het eerst wereldkampioen tijdrijden op de weg. Een treedje verder nummer twee Tony Martin, sinds 2005 al 39 keer winnaar in een tijdrit maar nu onttroond na drie wereldtitels op rij. Een Britse wielergrootheid van 34 jaar, een Duitse van 29. En daarnaast de 23-jarige Tom Dumoulin uit Maastricht, in zijn eerste WK-tijdrijden bij de profs meteen winnaar van het brons. „Hij is the next big thing”, sprak Wiggins vol lof.

Dumoulin is nu al zo goed, dat zijn derde plaats bij de WK niet eens als een grote verrassing kwam. „Ik heb het gewoon geflikt”, riep de renner van Giant-Shimano gisteren in Ponferrada voor de microfoon van de NOS. Blij maar niet verbaasd. Een derde plaats achter Martin en Wiggins, precies dat had hij zich vooraf ten doel gesteld. „Ik wist dat ik het podium kon halen.” Goede tijdrijders kennen hun eigen lichaam. Maar bijzonder was zijn prestatie wel. Stef Clement was de enige Nederlander die ooit eerder een medaille haalde op de tijdrit, sinds 1994 op het programma van het WK. De Belkin-renner verraste in 2007 in Stuttgart met brons.

„Dumoulin is de jongste renner in de top van het internationale tijdrijden”, constateerde bondscoach Johan Lammerts. „Dat hij nu al op dit niveau kan presteren, getuigt van een ongekend talent.” Zelden eerder stond een jongere renner op het WK-podium. Jan Ullrich was 20 toen hij in 1994 derde werd, Taylor Phinney (nu geblesseerd) eindigde als 22-jarige op de tweede plaats in 2012. Drievoudig kampioen Michael Rogers won zijn eerste wereldtitel op zijn 23ste, in 2003. Viervoudig titelhouder Fabian Cancellara, die in Ponferrada alleen start in de wegwedstrijd van zondag, en Martin waren 24 jaar toen ze hun eerste (bronzen) medaille pakten.

Toenmalig bondscoach Aart Vierhouten schaafde bij de beloften al aan de tijdritcapaciteiten van Dumoulin, die bij WK’s onder 23 jaar drie keer in de top tien eindigde. Na zijn overstap naar de profs ging het snel. Vorig jaar brak hij door in de Tour, met een vijfde plaats in de slottijdrit. Dit seizoen presteert hij constant op hoog niveau. Tijdritwinst in maart (Critérium International), juni (NK) en augustus (Eneco Tour). Vaker nog tweede achter Martin, zoals in de Tour

Was der Panzerwagen minder goed in vorm? „Op 95 procent is Martin nog te sterk”, wist Dumoulin voor het WK, alweer realistisch. Zoals ook Wiggins over meer inhoud beschikte. Maar ook met de opbouw van zijn race – van plaats 7 bij het eerste tussenpunt naar 3 aan het eind – toonde Dumoulin zijn uitzonderlijke klasse. „Ik had nog zoveel over”, constateerde hij na 47,1 kilometer. Zondag nieuwe kansen, in de wegwedstrijd.