Column

Spannende confrontaties tussen verschillende stammen

Amelanders, Hagenezen, moslims – ‘eigen identiteit’ is in de mode en dat biedt inspiratie voor tv-formats, ziet Hans Beerekamp.

Het kon niet uitblijven dat de huidige obsessie voor tribale identiteit zich dicht bij huis zou vertalen in meerdere volkenkundige ‘formats’ die nu op tv te zien zijn. Zo heeft de als 19de-eeuwse onderzoeker verklede Michael Schaap in het tweede seizoen van De Hokjesman (VPRO) weer „het opzoeken, opmeten, ontleden en doorgronden” van verschillende groepen Nederlanders ter hand genomen.

Het is opnieuw door Jurjen Blick schitterend geregisseerde toptelevisie. Vrijdag leerden we dat Amelanders zichzelf geen Friezen vinden, maar dat hun label voorbehouden is aan wie op het eiland geboren is. Of, zoals de jachtopziener Richard het op een andere manier uitdrukt: „Jullie, dat zijn de mensen van de andere kant van het water.” Die zijn niet welkom op 5 en 6 december, tijdens het geheimzinnige Sunneklazen, wanneer gemaskerde Amelandse mannen de vrouwen met stokken het huis injagen. Het feest schijnt de laatste jaren weer aan belang te winnen, zoals alle uitingen van etnische eigenwaarde.

Zwarte Piet is slechts een van de vele stenen des aanstoots in het voortreffelijke nieuwe programma Typisch Nederlands (VARA). Het is een sterk verbeterde versie van het door Channel 4 uitgezonden Why Don’t You Speak English? De confrontatie tussen autochtonen en nieuwkomers werd daar uitgevochten door de laatsten in vier witte gezinnen bijles te geven. Het uitgangspunt van Typisch Nederlands is daarentegen volstrekte gelijkwaardigheid tussen acht Hagenaars, die een paar dagen bij elkaar in een huis worden gezet. Jeroen Pauw komt af en toe langs om te informeren hoe het gaat en neemt het gezelschap mee naar „de witste plek” die hij kan verzinnen: het zeilerseiland De Kaag.

Zodra Hassan zijn kleedje op een grasveld heeft uitgerold om te bidden komt de snackbarexploitant naar buiten gestormd om iedereen te verjagen. Dat schept een band, ook met Scheveninger Dennis, die niet veel van „buitenlanders” en de islam moet hebben. Eigenlijk vinden Hassan en Dennis elkaar best aardig, verenigd in weerzin tegen de overheid.

De ergernis zit dieper bij tennisster Nicole en Curaçaose Ama, die niet snappen waarom ze Hassan niet mogen aanraken. Ook homo Tim vindt dat het wel erg veel over de islam gaat. Surinaamse Dominique houdt het daarentegen niet droog, als ze op een 18de-eeuws schilderij een negerslaafje ontdekt.

Het is allemaal ontzettend gepland, de hobbels die de cohesie van deze acht Nederlanders voortdurend op de proef stellen, maar met effectieve ironie leidt Pauw (tevens producent van de reeks) ons langs de voetangels en klemmen: je kunt niet gaan zeilen met twee kapiteins op een schip, dus moet iemand de baas spelen. Je kunt het niet gezellig maken als een van de huisgenoten van tafel loopt omdat er alcohol op staat. En de gesluierde, stille Fatima vindt het zo jammer dat het nooit gaat over wie ze is, maar uitsluitend over de vraag in welk hokje zij en de anderen thuishoren.

Je had het bijna niet beter kunnen schrijven in een fictieserie. Het gaat weer iets beter met Nederland, als NPO1 vrijdagavond op prime time een programma als dit uitzendt.