Echte sporthelden zie je in de bios

Nogal wat sporters bezondigen zich aan huiselijk geweld en racisme. Een incident bezorgde „de natie een collectief trauma”.

Football-speler Ray Rice vóór zijn schorsing deze zomer. Foto AFP

Een eenvoudige honkslag: gejuich vanaf de tribunes. Een routineuze worp naar de eerste honkman: ovationeel applaus. De laatste wapenfeiten van honkbalheld Derek Jeter vormen deze maand een hartverwarmende reflex in de spiegel die sportminnend Amerika zichzelf graag voorhoudt.

Nog een kleine week en de loopbaan van de 40-jarige Jeter zit er op. Zijn club, honkbalgrootmacht de New York Yankees, is waarschijnlijk uitgeschakeld voor het naseizoen. De Yankees worden buiten New York door velen gehaat, maar dat geldt nadrukkelijk niet voor hun aanvoerder.

Jeter is een ambassadeur voor zijn sport: maximale inzet in het stadium, onbesproken gedrag daarbuiten. Hij heeft zich nooit schuldig gemaakt aan het gebruik van stimulerende middelen. Hij komt uit een modelgezin, met een Afro-Amerikaanse vader en een blanke moeder. Hij staat voor normen en waarden, belichaamt het deugdzame sportideaal van good clean fun met een stichtelijk sausje.

Het contrast tussen de bewieroking van Jeter en andere sporten is groot. Amerika beleeft een inktzwarte sportzomer, waarin verhalen over huiselijk geweld en kindermishandeling (football), racisme (basketbal) en bestuurlijke incompetentie (tennis) om voorrang strijden.

Zwaar weer

Vooral football, verreweg de populairste sport van het land, verkeert in zwaar weer. Over huiselijk geweld onder spelers is inmiddels een brede maatschappelijke discussie losgebrand.

De gefilmde vuistslag waarmee Ray Rice van de Baltimore Ravens zijn verloofde Janay Palmer (inmiddels zijn echtgenote) in een lift van een hotel vloerde heeft, in de woorden van sportschrijver Michael Powell van The New York Times, „de natie een collectief trauma bezorgd”. Verhalen over mishandeling van hun vriendinnen door drie andere spelers in de NFL volgden. En dan was er nog een geval van kindermishandeling; Adrian Petersen (Minnesota Vikings) bracht zijn vierjarige zoon discipline bij met de tak van een boom.

Nader journalistiek onderzoek over wangedrag van football-spelers in het verleden maakte de zaak er niet beter op. Conclusie: huiselijk geweld werd vóór de hoek van Rice gedoogd. Justitie hield zich afzijdig. De bond kneep een oog dicht. Sterren die zich er schuldig aan maakten kregen een berisping, of een schorsing van hooguit twee wedstrijden. Ze waren immers hard nodig in het wekelijkse spektakel dat de NFL een aan football verslaafde natie aanbiedt.

Rake klap

Nu is het omslagpunt bereikt. De voorzitter van de NFL, Roger Goodell, ligt onder vuur. Hij zag de crisis die de rake klap van Rice na publicatie begin september veroorzaakte niet aankomen, en heeft sindsdien vooral formeel gehandeld. Hij stelde een voormalig FBI-directeur aan die de reactie van de bond op de zaak-Rice gaat onderzoeken. Hij benoemde een task-force van vier vrouwen die zich gaat specialiseren in geweld op en rond de velden. Binnenkort begint de bond met een bewustwordingscampagne.

Stuk voor stuk keurige maatregelen. Maar het land eiste persoonlijke betrokkenheid en een voorzitter die diep door het stof ging. Of zijn hoofd. Dat zit er niet in.

De vraag is of het opstappen van Goodell zoden aan de dijk zou zetten. In een scherp essay schreef John Branch afgelopen zondag in de Times dat de kern van het probleem wordt veroorzaakt door geweld – tevens de essentie van het product dat NFL in de markt heeft gezet. Sponsoren wisten waar ze hun merknaam aan leenden. Vrouwen (bijna 50% van het publiek) wisten dat de gladiatoren op het veld niet strijden om de titel rolmodel van het jaar. Televisiezenders wisten dat de snoeiharde tackles in slow motion kippenvel veroorzaakten bij de kijkers. Hersenletsel lag op de loer, maar dát gevecht werd uitbesteed aan aanklagers en advocaten.

Steve Bisciotti, eigenaar van de Baltimore Ravens, maakte zich zorgen nadat hij het contract van Ray Rice had verscheurd. „Sommige fans zullen na een jaar terugkomen, andere na drie jaar, nog weer anderen na vijf jaar. En enkele zullen nooit terugkeren.” Ten onrechte. Het stadion zit nog steeds vol. In Baltimore en in de rest van het land.

Misschien is de NFL wel te groot om te mislukken, net als de banken die na de financiële crisis van 2008 overeind werden gehouden. Met gemiddeld 20 miljoen televisiekijkers per wedstrijd is football een commerciële goudmijn. Reclamespotjes doen tussen de 500.000 en 600.000 dollar per halve minuut. Ruim 30 miljoen Amerikanen spelen mee met het spel fantasy football, dat draait om de competitie. De footballindustrie wil doorgroeien naar een jaaromzet van 25 miljard.

Wie verlangt naar een ander soort football kan terecht in de bioscoop. De populaire film When the Game Stands Tall draait om een succesvol middelbare schoolteam in Californië, met een trainer als klassieke opvoeder en idealist. Teamgeest en karaktervorming zijn belangrijker dan winnen. Thank God voor Derek Jeter en trainer Bob Ladouceur uit de film.