Wanneer kan dat pensioengeld eens gaan rollen?

Plannen voor investeringen in de economie blijven steken in bureaucratie en weinig animo.

Geld moet rollen. En wie aan geld denkt, ziet twee soorten. Pensioengeld: 1.000 miljard euro. De beleggingen van verzekeraars: 400 miljard.

Al ruim een jaar hamert PvdA-leider Diederik Samsom op de mobilisatie van het geld van pensioenfondsen en verzekeraars ten bate van economische groei. Voor nieuwe kredieten aan het midden- en kleinbedrijf. Duurzame energie. Huizen. Scholen. De vorige werkgeversvoorzitter Bernard Wientjes was een bondgenoot.

Juist de gebrekkige financiële infrastructuur van Nederland, waarin banken voor de financiering van vrijwel alles de hoofdrol spelen, geldt als tekortkoming van de economie. Als de banken de hand op de knip houden blijft de economie in malaisestemming. Meer diversiteit onder geldschieters en kapitaalverschaffers is het credo. Daarom is het ook een kabinetstaak.

Vast in de bureaucratie

Wat is tot nu toe het rendement van Samsoms campagne? Er is geen zichtbaar resultaat, klaagde hij vorige week bij de Algemene Politieke Beschouwingen in de Tweede Kamer. „Dit stoort mijn fractie.”

Drie nieuwe financiële instellingen liggen inmiddels op de de tekentafel.

Vanuit de pensioen- en verzekeringswereld moeten twee nieuwe organisaties de economische structuur versterken: de nationale hypotheekinstelling en de nationale investeringsinstelling. De hypotheekinstelling gaat woninghypotheken van banken opkopen. Zo gaan de rentekosten op hypotheken omlaag: meer concurrentie leidt tot lagere prijzen. De banken op hun beurt krijgen met het geld dat zij voor die woningleningen ontvangen extra ruimte voor nieuwe kredieten aan het bedrijfsleven. Dat gaat echt voordelen brengen, zei minister-president Mark Rutte (VVD) vorige week in de Tweede Kamer.

Inmiddels is er, uit de koker van D66-leider Alexander Pechtold, een derde initiatief: het Toekomstfonds dat een deel van de aardgasopbrengsten wil investeren in innovatieve bedrijven en fundamenteel wetenschappelijk onderzoek.

Waar staan we nu?

Eerste het goede nieuws. Drie pensioenfondsen, waaronder die van de bouw en het fonds van de sector metaal en techniek zegden vrijdag 1,75 miljard euro toe voor de financiering van woninghypotheken.

Het slechte nieuws? De oprichting van die hypotheekinstelling zit vast in de bureaucratie. Eerst zou het begin dit jaar gebeuren. Toen voor de zomer. Nu is de startdatum onduidelijk. Het kabinet overlegt, zo schrijft minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) in de begroting, met de Europese Commissie om te zorgen dat staatssteunregels bij de hypotheekinstelling niet worden overtreden. Dat overleg was ook bij het eerdere uitstel al het argument.

De tweede troef uit de koker van Samsom is al wat verder dan de tekentafel: de nationale investeringsinstelling. Die instelling heeft een zogeheten kwartiermaker, begint officieel per 1 oktober en heeft al mooie rapporten gepresenteerd. Een daarvan is een studie naar de financiering van windenergie op zee, een cruciale investering in duurzame energie die het hart vormt van het energieakkoord van kabinet, werkgevers en milieuorganisaties.

Het kabinet ziet hier voor zichzelf alleen een rol op papier: als sponsor die een deel van de aanloopkosten betaalt. De nationale investeringsinstelling wordt „door private partijen gerealiseerd en gedragen”, heet het officieel. Dat zien sommige van die partijen dan weer als een zwaktebod: wie zelf geen geld investeert, is niet zo geloofwaardig om van anderen wél investeringsgeld te vragen. Maar serieus geld voor serieuze projecten is er niet. Pensioenfondsen zijn bijvoorbeeld huiverig om kapitaal te steken in windenergie omdat zij bang zijn dat politici tijdens zulke langlopende investeringsprojecten de subsidieregels verslechteren. De geschiedenis zit vol afgedankte subsidies.

Minister Henk Kamp (Economische Zaken, VVD) komt in zijn begroting 2015 met een nieuw doel voor de investeringstelling. Er komt een studie naar een apart investeringsfonds voor leningen aan het midden- en kleinbedrijf die het garantievermogen van die bedrijven versterken. De verzekeraars hebben eerder overigens al kapitaal toegezegd voor zo’n plan.

Zwaktebod

De derde financieringsbron voor groeiende bedrijven, het Toekomstfonds, moet zich nog helemaal bewijzen. Op papier is 200 miljoen euro startkapitaal beschikbaar. De helft daarvan was al eerder toegezegd aan een vergelijkbaar plan, dat nu moeiteloos in dit Toekomstfonds wordt geschoven. Met enig aplomp had het kabinet aangekondigd dat meevallers in de gasbaten in dit fonds gestort zouden worden. Nu schrijft het kabinet „dat meevallers kleiner en minder frequent zullen zijn dan in het verleden.”

In de Algemene Beschouwingen probeerde Samsom vorige week Rutte zo ver de krijgen een extra investeringsimpuls van de pensioenfondsen in Nederland te ‘garanderen’ ter waarde van 1 procent van hun vermogen. Dus: 10 miljard euro. Tevergeefs.

Zoals het niet lukt om pensioenfondsen te verleiden tot miljardeninvesteringen, zo lukte het Samsom ook niet om Rutte te verleiden. Een inspanningstoezegging van Rutte, meer kon Samsom niet winnen.