Philips wil zijn lampen kwijt

Elektronica

De ‘gloeilampenfabrikant uit het zuiden des lands’ splitst de lichttak af. Het concern concentreert zich op medische apparatuur.

Door een onzer redacteuren

Philips splitst zichzelf op in twee verschillende bedrijven. Het elektronicabedrijf in Eindhoven, ooit begonnen met gloeilampen, verzelfstandigt zijn lampentak en zal die mogelijk afstoten.

Het afscheid van de lichttak komt niet helemaal onverwacht. In juni had Philips al aangekondigd dat het een belangrijk deel van de lichtdivisie wil verzelfstandigen. Toen ging het nog alleen om Lumileds, een Amerikaans dochterbedrijf dat led-chips produceert, en de autoverlichtingstak. De omzet van deze twee onderdelen bedroeg vorig jaar 1,4 miljard euro. Nu wordt de héle lichttak losgemaakt van het bedrijf. Dat is een hele stap, vindt Philips zelf. Bestuursvoorzitter Frans van Houten is zich bewust van „de omvang van deze beslissing”, laat hij weten in een vanochtend verspreid persbericht. Maar, vindt hij ook, „de tijd is rijp voor de volgende strategische stap”. Daar horen lampen dus niet meer bij.

De lichtdivisie wordt ondergebracht in een aparte juridische entiteit. De overige twee divisies, die Philips ‘healthcare’ en ‘consumer lifestyle’ noemt, worden samengevoegd tot een. Het is nog onbekend wat Philips met het nieuwe lichtbedrijf van plan is. Het concern overweegt „verschillende mogelijkheden voor alternatief eigendom”, schrijft het in een persbericht. Mogelijk wordt het verkocht of naar de beurs gebracht.

Philips (116.000 werknemers) is allang geen lampenbedrijf meer. „Philips is een gezondheidszorgbedrijf geworden met nog wat andere dingen”, vat ABN Amro-analist Marc Hesselink het samen. De lichtdivisie die verzelfstandigd wordt, had vorig jaar een omzet van 8,4 miljard euro. De andere twee divisies die nog overblijven, hadden een gezamenlijke omzet van 14,8 miljard euro.

De manier waarop Philips de lichtdivisie nu apart zet, is niet nieuw. Het bedrijf heeft vaker onderdelen losgemaakt. Zo is de bekende chipmachinefabrikant ASML, ook gevestigd in Eindhoven, in 1984 voortgekomen uit een joint venture tussen ASM International en Philips. Ook chipfabrikant NXP is een voormalig onderdeel van Philips. In 2006 verkocht Philips de meerderheid van dat bedrijf aan investeringsmaatschappijen, die NXP in 2010 naar de beurs brachten. In 2011 verkocht Philips zijn televisietak aan een joint venture met het Chinese bedrijf TPV. Tot dit jaar had Philips daarin ook nog een klein belang. De merknaam Philips wordt nog wel gebruikt voor de televisies.

Beleggers lijken de verzelfstandiging van de verlichtingstak een goed idee te vinden. Terwijl nagenoeg alle grote beursfondsen verloren in de ochtendhandel, steeg de koers van Philips licht.