Onwillige Buma

Wat hebben Vladimir Poetin, Abu Bakr al-Baghdadi en Sybrand van Haersma Buma met elkaar gemeen? Als zij dwarsliggen, krijgt Nederland op korte termijn geen nieuw belastingsstelsel. Geen veelzeggender case is er aan het begin van dit politieke seizoen om te illustreren hoe klein de marges zijn voor een Nederlands kabinet, dat moet laveren tussen internationale ontwikkelingen en binnenlandse politieke verkruimeling.

Het kabinet denkt zo’n 5 miljard euro nodig te hebben voor een nieuw belastingstelsel. Dat is ‘smeerolie’ (extra geld) om ongelijke gevolgen voor groepen op te vangen. Uiteindelijk moet er een eenvoudiger stelsel komen waarin de belasting op arbeid lager is. Dat moet weer banen opleveren.

Waar komt die 5 miljard vandaan? In nog meer extra bezuinigen heeft niemand zin. Daarom wordt gedacht aan het reserveren van financiële meevallers. Maar die blijven uit wanneer internationale onrust het voorzichtige economische herstel in Europa verstoort, waarschuwt het kabinet zelf. Hier moeten we denken aan Poetin en Baghdadi: met de eerste moeten de verhoudingen beter worden, de tweede moet verslagen. Dat biedt geen garantie op meevallers, maar is wel nodig – net zoals groei in Duitsland.

Blijft over: het probleem-Buma. Iedereen mag meedoen aan de speurtocht naar de smeeroliemiljarden, zei premier Rutte vorige week genereus. Hij rekende op voorhand al niet alleen op de gebruikelijke Bende van Vijf – coalitiepartijen VVD en PvdA en de gedogers van D66, ChristenUnie en SGP – maar ook op het CDA.

Het leidde tot zichtbare irritatie bij CDA-leider Buma. Vorig jaar moest hij maandenlang slecht humeur laten zien voordat andere partijen geloofden dat het CDA echt niet mee wilde doen met hervormingen van het kabinet waar het CDA inhoudelijk toch niet ver vanaf zit. En nu beginnen ze weer! Buma incasseerde vorige week onverstoorbaar de kritiek van andere partijen op zijn fiscale plannen, zonder ruimte voor onderhandelingen te tonen. En deze week gaat het weer zo, wanneer de Kamer debatteert over het financiële beleid.

Waarom toch dat gelonk van Rutte naar de onwillige Buma? Begin vorige week klonk het dat hij alvast de verantwoordelijkheid voor een mislukking wilde verdelen – VVD en PvdA verschillen onderling immers ook nogal van mening over deze hervorming. Maar dat bleek anders te zitten.

Het kabinet bereidt zich al voor op nieuwe verhoudingen in de Eerste Kamer na de verkiezingen voor de Provinciale Staten in maart volgend jaar. Waarschijnlijk hebben VVD en PvdA daarna niet meer genoeg aan drie gedogers daar. En Rutte en Samsom willen nu eenmaal verder tot 2017 – desnoods met zes of zeven partijen. Dan is het CDA onmisbaar voor hervormingen zoals van het belastingstelsel. Voor de VVD is dat zelfs een aanlokkelijk perspectief – meer CDA betekent immers minder PvdA, als die partij het voorspelde verlies moet incasseren.

Vanuit tactisch oogpunt is het te begrijpen dat het CDA niet staat te springen voor zulke scenario’s. Waarom zouden de christen-democraten de wagen willen repareren die de kreupele PvdA als regeringspartij verder brengt tot 2017?

Het CDA kampt wel met grotere problemen dan gebrek aan invloed op beleid waarmee de partij het in grote lijnen eens is. Het moet zelf bewijzen nog meer te kunnen zijn dan een bijwagen in het midden, met een plafond rond 15 zetels in de Tweede Kamer. De Provinciale Statenverkiezingen zijn het volgende doel op de weg terug. Het CDA zet zich niet zo scherp af tegen het kabinet als SP en PVV doen, maar wil nog altijd geen compromissen. Het toont hoe hoog de nood is: een partij die niet meewerkt aan hervormingen die zij zelf wenst – omdat zij zo haar eigen relevantie zou schaden.