Leerschool op het gras

Feyenoord en andere clubs bereiden jongeren met problemen en jonge gehandicapten voor op een baan – nog wel. De projecten lopen gevaar. „Als het kan, blijf ik mijn hele leven in De Kuip.”

In Gorredijk worden jongeren met problemen op de arbeidsmarkt door ex-proefvoetballers via onder meer sport en rollenspelen begeleid. De bedoeling is dat ze daarna op zoek gaan naar werk.

Op Varkenoord, het trainingscomplex van Feyenoord, schildert Nick Schroten (20) een muurtje wit. Of eigenlijk vooral de plekken die hij eerder was vergeten. Nick – blauwe overall, zwart petje – liep een hersenbeschadiging op toen hij als peuter bijna verdronk. Sinds zijn achttiende heeft hij de speciale Wajonguitkering voor jonge gehandicapten. Het vmbo maakte hij niet af, hij werd van school gestuurd omdat hij een stoel naar een leraar had gegooid.

De afgelopen jaren deed hij niets anders dan gamen, skaten, uitgaan. Maar dat is voorbij, Nick Schroten is tot volgend jaar zomer ‘jobscorer’ bij Feyenoord: hij kreeg een van de elf werkervaringsplekken die de club sinds 2012 heeft voor werkloze jongeren met een handicap. Een jaar lang werken ze onder begeleiding in De Kuip. Ze doen klusjes, werken in het magazijn, helpen achter de bar. En ze leren een cv schrijven en solliciteren. Doel: een echt arbeidscontract bij een ander bedrijf, meestal een sponsor van Feyenoord.

Maar Nick hoeft niet zo nodig weg. „Als het kan, blijf ik mijn hele leven in De Kuip.”

Er zijn maar weinig clubs in het betaald voetbal die het de afgelopen jaren níét hebben gedaan: op sportvelden en in kantines werkloze gehandicapten voorbereiden op de arbeidsmarkt. Feyenoord doet dat zelf, en bij die club sporten de deelnemers niet. Veel andere verenigingen hebben zich vanaf 2012 aangesloten bij de Dutch Career Cup van de stichting Life Goals, met een kantoor op het terrein van de KNVB. De Wajongers, meestal in een groep van vijftien, trainen een half jaar bij de clubs en doen mee aan landelijke toernooien: op een half veld, zeven tegen zeven.

Uitkeringsinstantie UWV huurt voor de clubs het reïntegratiebureau USG Restart in. Dat levert een ‘jobcoach’, organiseert sollicitatiecursussen en zoekt bedrijven met vacatures. Het kost 5.700 euro per deelnemer, voor een half jaar sporten en nog een half jaar begeleiding. USG Restart krijgt het grootste deel van dat geld, maar alleen als de deelnemer een baan krijgt. Voor de clubs is er 1.500 euro per deelnemer. Daar worden de kosten van betaald voor een trainer, sportkleren, de organisatie van de toernooien en het vervoer.

„Als de clubs het slim organiseren, houden ze geld over”, zegt Arne de Groote, directeur van Life Goals. Maar niet veel, de clubs doen mee omdat dat goed is voor hun imago, ze laten zien dat ze iets ‘terugdoen’ voor hun stad of regio. De Groote: „Van hen wordt ook gevraagd dat ze aan hun verplichting van maatschappelijk ondernemen voldoen. En als ze hierdoor een extra sponsor binnenhalen, maken ze winst.”

Minder kandidaten

Sinds 2012 hebben ruim vijfhonderd Wajongers meegedaan met de Dutch Career Cub, onder meer bij Ajax, Vitesse, Sparta, Ado Den Haag, PEC Zwolle, FC Utrecht. Volgens UWV-projectmanager Roy Loos vonden zo’n 180 deelnemers echt werk.

Feyenoord krijgt zijn Wajongers ook van het UWV, maar de club laat de begeleiding doen door de eigen jobcoach Mark Smit, die het hele project organiseert. Voor een jaar kost een ‘jobscorer’ het Rotterdamse UWV ruim 8.000 euro. Volgens Feyenoord krijgt iets meer dan de helft van de deelnemers via het project een arbeidscontract.

Maar de projecten zijn in gevaar. Het UWV vindt steeds minder makkelijk kandidaten: veel Wajongers zijn al eens benaderd voor de Dutch Career Cup. Als ze eerder al niet wilden of niet geschikt waren, is dat nu meestal niet anders. En de groep groeit niet meer. Vanaf volgend jaar krijgen gehandicapten die 18 jaar worden en deels kunnen werken, geen Wajonguitkering meer. Ze komen in de bijstand. „De vijver raakt leeggevist”, zegt De Groote van Life Goals.

Daar komt bij dat er concurrentie is ontstaan: steeds meer bedrijven vragen het UWV om werkloze Wajongers, die ze met eigen projecten een kans geven. Ze moeten wel. Er dreigt een quotumwet te komen: die verplicht bedrijven om een minimumaantal gehandicapte werknemers te hebben. De aanbiedingen van bedrijven gaan vóór het voetbalproject, want bij de clubs gaat het alleen om de voorbereiding op werk. Loos van het UWV: „We hebben nog niet alle teams van de Dutch Career Cup voor het komende half jaar gevuld. Het loopt tot het voorjaar van 2015. Daarna weten we het niet.”

Er is een kans dat gemeenten de projecten overnemen: vanaf volgend jaar moeten zíj proberen om gehandicapten aan een baan te helpen. Life Goals en USG Restart vragen gaan bij gemeenten langs om te vragen of ze willen meedoen. Dat is veel werk, succes is niet verzekerd.

Liever lui dan moe

In Nijmegen is er al wel een gemengd team van Wajongers en bijstandsgerechtigden dat meedoet aan de Dutch Career Cup. En ook andere gemeenten gebruiken voetbal om bijstandsgerechtigden aan het werk te krijgen. Opsterland in Friesland huurt daarvoor bij SC Cambuur de oud-profvoetballers René van Rijswijk en Lody Roembiak in.

Op het sportveld van het dorpje Gorredijk proberen zij in vijf weken een groep van zo’n tien werkloze jongeren actief te krijgen. Ze voetballen, ontbijten en lunchen samen, ze doen rollenspelen, moeten zich presenteren voor de camera. „Ze hebben allemaal de neiging om te denken dat het aan de buitenwereld ligt dat ze in de bijstand zitten”, zegt René van Rijswijk. „Het komt door die ene leraar op school, de Polen en Roemenen, hun ouders, hun baas.”

De bedoeling is dat de jongeren gaan inzien waarom ze werkloos zijn en of hun verwachtingen van werk realistisch zijn. „We zoeken de confrontatie op”, zegt Van Rijswijk. „Heel bewust: wat houdt jou tegen om aan het werk te zijn?”

Bij de groep in Gorredijk zitten ook jongens die in een andere gemeente vermoedelijk een Wajonguitkering zouden hebben gekregen: er zijn er met een autistische stoornis, extreme faalangst, sommigen beheersen moeilijk hun agressie.

„Volgens mij ben jij liever lui dan moe”, zegt Van Rijswijk bij de lunch tegen een jongen van 27. „Dat valt mee”, zegt de jongen. „Ik doe veel voor mijn familie.” Van Rijswijk: „Jij denkt: ik ga lekker naar mijn familie en heb toch een uitkerinkje.”

De jongen, die een productiebedrijf in horrorfilms wil beginnen, reageert opgewonden. „Ik heb tijd nodig en geld. Ik moet een betere camera hebben.”

De gastspreker van deze dag, café-eigenaar Arman Stoelwinder uit Leeuwarden, had de groep ’s ochtends uitgelegd hoe hij zelf was begonnen: als flesjessorteerder in de kelder. Hoe zagen de jongens dat voor zich?

De meesten zeiden: niks voor mij. Ze werden ongelukkig van een lopende band. Eén jongen had strak voor zich uit gekeken. Later in de week had hij een sollicitatiegesprek in een fabriek: productiewerk. Al wil hij het liefst jongeren begeleiden met sport en spel. Bij de lunch zegt hij: „Ik ben het zat om als bijstandstrekker met de nek te worden aangekeken.”

Op een van de eerste dagen mocht de groep voetbalschoenen uitzoeken op kosten van de gemeente. De meesten sporten nooit. Erwin Knol (25) weegt 150 kilo en krijgt extra dure schoenen omdat hij maat 48 heeft. Maar na de tweede training gaat hij door zijn rug, hij kan wekenlang niet voetballen.

Erwin ruimt steeds op na de lunch. „Ik doe alles voor een baan”, zegt hij. Tot vorig jaar zat hij achter de kassa in de Primera-winkel van zijn vader. Zijn zus werkte er ook. Hij had steeds ruzie met zijn familie, op een dag stompte hij zijn zus in de maag. Daarna nam hij ontslag. In de groepsgesprekken zegt hij dat hij spijt heeft. Maar hij weet nu dat hij niet onder een baas kan functioneren. „Ik wil mijn eigen game-winkel. En ook vrije tijd.”

Altijd begeleiding nodig

Het project van SC Cambuur kost 2.500 euro per deelnemer, de gemeente betaalt 1.500, de provincie Friesland en het Instituut GAK 1.000. Hoe de dienst Werk het project gaat beoordelen – wat geldt als een succes? – is nog niet zeker. Nu telt voor Opsterland vooral dat de jongens in beweging zijn gekomen en over zichzelf denken.

In De Kuip krijgt jobcoach Mark Smit op een ochtend een oud-deelnemer op bezoek: Richard Benjamins (27), een Wajonger met een borderlinepersoonlijkheidsstoornis. Bij Feyenoord had hij zijn werk zorgvuldig gedaan. „Mijn probleem is dat ik bang ben om anderen teleur te stellen. Maar op een gegeven moment wordt het me te veel. Dan laat ik niks meer van me horen.”

In De Kuip was dat niet gebeurd. „Mark trok me er steeds uit.” Daarna werkte hij, ook onder begeleiding van een jobcoach, in de keuken van een zorginstelling. Maar zijn coach ging met zwangerschapsverlof, Richard liep vast in zijn werk en bleef weg.

„Zelfs iemand als Richard, een van onze topdeelnemers, heeft altijd begeleiding nodig”, zegt Mark Smit. Hij maakt zich daar zorgen over: hoe zal het gaan als mensen zoals Richard geen speciale Wajonguitkering meer krijgen van het UWV, waar begeleiding met een jobcoach bij hoort? De gemeente kan ervoor kiezen om vooral kansrijke kandidaten te laten meedoen aan zo’n project van Feyenoord. Dat kost minder aan begeleiding en de kans dat ze niet terugvallen op de bijstand is groter. „Dan valt deze doelgroep tussen wal en schip.”