Ik ben ontzettend slecht in seks

Vrouwen die niet even vaak seks willen als een man zijn niet ziek en hebben dus ook geen lustpil nodig, meent Myra Bosman.

Staat er nu echt ‘slecht in seks’? Grote kans dat je nieuwsgierigheid gewekt is door deze kop, maar vervang het woord ‘seks’ door ‘schilderen’, en het onderwerp is direct gewoontjes. Goed overweg kunnen, als heterovrouw, met piemel of penseel, maakt een enorm verschil in onze maatschappij.

Seks moet goed, seks moet vaak en seks moet orgastisch zijn. En anders is er iets mis, een probleem, een ziekte, een afwijking, waarvoor een oplossing moet komen. De Nederlandse makers van een lustpil voor vrouwen spelen in op deze normatieve opvatting, en maken ‘het gebrek’ aan seksuele lust van vrouwen tot reclameboodschap.

Zij verwijzen naar het ‘grote verschil’ in seksueel verlangen tussen vrouwen en mannen, dat volgens hen problematische vormen aan neemt binnen heteroseksuele relaties. Vandaar de vrouw als patiënt, met een medicijn.

Het idee van een vrouwelijk gebrek aan lust is relatief nieuw te noemen. West-Europa kent een eeuwenlange regulering van vrouwelijk seksueel verlangen en plezier. Zo moesten de ongecontroleerde en verleidelijke lusten van vrouwen door de eeuwen heen bezworen worden met onder andere koude baden, religieuze devotie en bij aanhoudend seksueel verlangen kon lobotomie hier voor eens en voor altijd een einde aan maken. Pas sinds een aantal decennia blijken vrouwen te worden gezien als seksueel minder lustvol dan mannen.

Opvallend is dat het mannelijke ‘lustniveau’ als norm wordt gehanteerd, waar dat van vrouwen op aangepast zou moeten worden. Een pil die lust van mannen vermindert, wordt niet overwogen.

En zo zitten zowel vrouwen als mannen vast aan de notie dat seks hoort in een relatie. Aan het idee dat er vrouwen zijn die lustvoller moeten worden, zit tegelijk ook het idee dat mannen dat sowieso al zijn. Zij hebben namelijk altijd en overal zin in seks is de opvatting, en dat dit onzin is – kom op vrouwen, dat weten wij ook wel –, wordt weinig geuit.

De vraag die hierbij nauwelijks aandacht krijgt: in welke seks zouden vrouwen geen zin hebben? Want wat is seks eigenlijk; wat bedoelen we daarmee, wanneer is iets seks en wanneer niet? Gemeenschap wordt vaak gezien als belangrijk onderdeel van heteroseks, maar is dit de enige vorm van seks die er toe doet?

Ook is de kwaliteit van seks minder onderwerp van aandacht dan de kwantiteit: hoe vaak je seks hebt, is belangrijker dan wat voor plezier het jou en je partner geeft.

Toch is het juist logischer om je af te vragen hoe seks, welke invulling je daar ook aan geeft, fijn en bevredigend kan zijn en blijven voor beide partners. Dat gaat zowel de vrouw als de man aan, en is niet op te lossen met een pilletje.

Het debat over de seksuele lust van vrouwen en mannen is in Nederland gebaseerd op een (vermeend) biologisch onderscheid. Terwijl het beeld van seks en lust juist sociaal wordt gedefinieerd, en dus door tijd, context en plaats verschillende vormen aan neemt. Oftewel, wij definiëren wat seks is, en welke betekenis het voor ons heeft.

Daarmee is seks geen vaststaande samenloop van handelingen, maar is de definitie en betekenis die wij geven aan seks veranderlijk. Laten we het debat daar op richten, en daarmee ruimte geven aan seksueel plezier in al haar facetten in plaats van seksuele lust, of het gebrek daar aan.

Want soms gaan we, vrouw of man, gewoon liever schilderen.