De dood en het meisje

Schrijfster Pia de Jong verhuisde met haar gezin van Amsterdam naar Princeton, in de Verenigde Staten. Ze schrijft over wat haar opvalt.

Illustratie Eliane Gerrits

Meryl Streep gaat tussen de muzikanten op het podium zitten in een elegante zwarte wikkeljurk en hoge hakken. Met haar blonde haar in een hoge paardenstaart straalt ze iets meisjesachtigs uit. De zwart gerande bril maakt haar gezicht gelijktijdig uitdagend en ingetogen.

Ik zit in het universiteitstheater in Princeton. Vandaag staat Schuberts strijkkwartet Der Tod und das Mädchen op het programma. Maar eerst leest Meryl Streep voor uit de novelle Everyman van Philip Roth. Eigenlijk zou de acteur Philip Seymour Hoffman hier moeten zijn, maar hij overleed deze zomer aan een overdosis. De dood is vanavond alom aanwezig.

Streep slaat haar blote benen over elkaar en begint voor te lezen. Meteen zijn we bij een begrafenis ergens in New Jersey. Een open graf, een toespraak van de dochter van de overledene, daarna van een van zijn drie exen en ten slotte van zijn oudere broer. In de zaal luistert Roth, de laatste grote schrijver van zijn generatie – Updike, Mailer, Cheever zijn niet meer. Zijn wandelstok houdt hij als een wapen ter verdediging voor zich.

De seksuele bekentenissen uit Roths beroemdste roman Portnoy’s Complaint (1969) spreken nog altijd tot de verbeelding, al zijn ze niet langer zo taboedoorbrekend, het meisje met de bijnaam ‘The Monkey’ dat geen genoeg van seks kan krijgen en de plastische masturbatiescènes.

Maar Everyman is andere kost. Het is een aanklacht tegen de dood, tegen de ouderdom die de oude man het dierbaarste ontzegt namelijk erotiek, de kern van het leven. En wat daaraan voorafgaat, de verovering van de vrouw.

Streep laat zich niet afschrikken door de macabere teksten. Hoe gruwelijker de scène, hoe meer ze op dreef komt. Met zachte maar indringende stem vertolkt ze de oude man die tekeergaat tegen de dood. De minutieuze beschrijvingen van de aftakeling, het verlies van vrienden aan die niemand ontziende massamoordenaar.

Tijdens de muzikale pauze kijkt ze bijna flirterig de zaal in, om daarna de ontmoeting met de grafdelver te beschrijven. Ze neemt het zuidelijke accent aan van de zwarte man, die al 31 jaar met de hand dit werk doet. Hier en daar lijkt het een instructieboek over hoeveel spaden diep je moet graven en hoe lang dat duurt, maar dankzij Streep krijgt deze lang uitgesponnen scène iets shakespeareaans. Helemaal veert ze op bij de gedetailleerde sterfscène. Dan hebben we dat maar vast beschreven, moet Roth gedacht hebben. Laat de dood me nu nog maar eens verrassen.

Maar Roth zou Roth niet zijn als hij in zijn boek niet ook de vrouwen zou noemen met wie de hoofdfiguur zo graag „het spel van de jonge man” speelt. Herinneringen worden opgehaald aan de meisjes die in de juwelierswinkel van zijn vader werkten. Lieve, welgemanierde meisjes, altijd christelijk, meestal katholiek. Door de jaren heen waren er Harriet, May, Annmarie, Jean. Er was een Myra, een Patty, een Kathleen en een Corine. Niets liever wilde hij dan in de buurt zijn van deze meisjes, zelfs toen hij nog zo jong was dat hij niet begreep waarom.

Roth is 81, Streep 65. Ook zij komt uit New Jersey. Met haar vriendinnen ging ze naar de katholieke mis. Met gemak had ze een van die welgemanierde winkelmeisjes geweest kunnen zijn die Roth zo fascineerden. Tijdens het applaus laat Roth zijn stok op de grond vallen. Hij is betoverd, net als het publiek. Het enige medicijn tegen de dood is een meisje. Een meisje als Meryl Streep.