Bij griep reageert de afweer van zwangere vrouwen juist te sterk

Het afweersysteem van zwangeren is in verhoogde staat van paraatheid. Daardoor reageert het soms te heftig.

Vrouwen hebben meer kans op complicaties of zelfs overlijden als ze griep krijgen tijdens hun zwangerschap. Dat is een bekend fenomeen dat altijd toegeschreven werd aan een onderdrukking van de afweer tijdens de zwangerschap. Maar het omgekeerde is waar, schrijven onderzoekers van Stanford University vandaag in PNAS (early edition, online).

Al vóór de infectie met een griepvirus blijkt de afweer van zwangeren verhoogd. Het bloed van 21 zwangeren bevatte in vergelijking tot leeftijdgenoten relatief meer witte bloedcellen die ontstekingseiwitten uitscheiden die weer het afweersysteem activeren. Bij vaccinatie met geïnactiveerd griepvirus schoot die concentratie witte bloedcellen verder omhoog, tot niveaus vele malen hoger dan die bij niet-zwangeren.

Zo’n versterkte ontstekingsreactie kan bij een echte griepinfectie al gauw leiden tot hoge koorts. Tijdens pandemieën hebben zwangere vrouwen daardoor een hoger overlijdensrisico. Bij de Spaanse griep van 1918 overleed 1 procent van de geïnfecteerden, maar van de zwangeren wel 27 procent.

De oude theorie van een verlaagde afweer tijdens de zwangerschap was voornamelijk gebaseerd op de waarneming dat de ernst van autoimmuunziekten (bijvoorbeeld reuma) dikwijls afneemt. De tolerantie voor lichaamsvreemde objecten zou dan iets zijn toegenomen, om te voorkomen dat het kind zou worden afgestoten. Experimenteel bleken witte bloedcellen inderdaad minder agressief te reageren op prikkelende chemische stoffen.

Maar in werkelijkheid zit de regulatie van het immuunsysteem bij zwangeren dus veel ingewikkelder in elkaar, concluderen Catherine Blish en haar collega’s.

De onderzoekers dringen er daarom op aan dat alle zwangeren een griepprik halen. In Nederland vindt de Gezondheidsraad dat overigens alleen zinvol voor vrouwen met extra risico, zoals diabetes of een nierziekte.