Stilte na Lasershow in Spanje

Ondanks twee gouden medailles valt er na Santander genoeg te evalueren voor de Nederlandse zeilers

Ze zeilden als de wind in de Baai van Santander: er viel geen peil op te trekken. De ene dag konden de Nederlanders hun geluk niet op aan de Cantabrische kust, een dag later tuigden ze vloekend hun boot af op de kade.

Met twee wereldtitels op donderdag sleepte Nederland dankzij de Laserzeilers Nicholas Heiner en Marit Bouwmeester direct twintig procent van alle gouden medailles in Santander binnen. Uiteindelijk goed voor de tweede plek op de medaillespiegel, achter Frankrijk. Maar na de historische Lasershow ging de wind liggen in het Nederlandse kamp. Met name de prestaties van olympisch kampioen Dorian van Rijsselberghe (achtste bij de windsurfers) en Finnzeiler Pieter-Jan Postma (26ste) vielen zwaar tegen. „Pieter-Jan presteerde hier heel slecht”, oordeelde bondscoach Ian Ainslie hard. „En Dorian heb ik nog nooit zo slecht zien zeilen sinds ik bondscoach ben.”

Twintig uur zitten ze vandaag in de auto, op de weg terug naar Nederland – een set olympische boten aan de trekhaak: Ian Ainslie, topsportmanager Serge Kats en Jaap Zielhuis, coach van Marit Bouwmeester, on the road. Tijd genoeg om een aantal stekelige vragen te beantwoorden, erkende Ainslie na de laatste race van de laatste Nederlanders, gistermiddag.

Die haalden weer een knap resultaat, geheel in lijn met de achtbaan voor de Nederlanders in Santander. Het jonge duo Annemiek Bekkering en Annette Duetz in de 49er FX, de spectaculaire nieuwe vrouwenskiff, finishte als tweede in de medalrace en kwam met een vierde plaats nog dicht bij het podium.

De dag daarvoor hadden ze hun medaillekansen echter al vergooid met twee hopeloze races. „Superwaardeloos”, zei stuurvrouw Bekkering. Zij hield gemengde gevoelens over aan haar eerste WK met Duetz. „We deden zaterdag ineens dingen die we nooit doen – op rare momenten gijpen bijvoorbeeld. Het zal een combinatie zijn van een lang seizoen en een lange week in Santander, met veel druk”, zo schatte ze in.

Voor de bond wordt het, halverwege de Road to Rio, nog een hele toer een afgewogen evaluatie te maken van de belangrijkste krachtmeting van het jaar. Elke sportbond gaat bij een wereldtoernooi uit van meer medailles dan het vorige grote evenement. Vergeleken met de laatste WK voor de tien olympische klassen in het zeilen, in 2011 (Perth), viel de score voor Nederland lager uit in Santander: in Perth waren was er goud voor Van Rijsselberghe en Bouwmeester, en zilver voor Postma. Londen (2012) bracht Van Rijsselberghe goud, Bouwmeester zilver en het inmiddels gestopte 470-duo Lobke Berkhout en Lisa Westerhof brons.

Maar bondscoach Ainslie bekijkt die telling met de nodige nuance. „Natuurlijk hadden we liever meer medailles gehad. Dat had ook gekund. Een aantal boten hebben onder hun kunnen gepresteerd, dat kunnen we niet ontkennen. Maar over het algemeen ben ik toch positief. Ik denk dat we voor Rio op koers liggen.”

Rio is al twee jaar het toverwoord, en daar presteerden veel Nederlandse boten vorige maand goed, tijdens de pre-olympische testwedstrijden op de Guanabara Baai. Rutger van Schaardenburg (Laser) werd er tweede, Van Rijsselberghe eerste. Wellicht lag de focus deze zomer te veel op Rio, want een aantal verscheen in Santander oververmoeid aan de start, onder wie windsurfster Lilian de Geus. Zij was in Rio nog tweede, nu strompelde ze naar een tiende plek.

Ook Van Rijsselberghe blijft met vragen achter, na een slecht WK. Hij leek in Santander in een totaal andere wereld. Ontspannen is hij altijd, maar hij miste de concentratie die hij destijds in Weymouth wel had. „Misschien inspireert mij dit minder dan de Spelen”, erkende hij gelaten, zoekend naar een verklaring. „Zo’n WK is compleet anders dan de Spelen.”

Waar hij zich in Weymouth nog afschermde voor alles en iedereen, was afgelopen week iedereen welkom bij hem – voor, tijdens en na zijn races. Daarnaast lijkt hij op zijn minst afgeleid door zijn bruiloft op Texel, volgende week. In juli werd het huwelijk met de Canadese Sasha Plavsic, zus van zijn oude trainingsmaatje Zach, al voltrokken in Vancouver. „Het zat vooral in het hoofd. Al die andere dingen kan ik normaal gesproken afsluiten. Maar soms is het lastig.”

Ian Ainslie denkt dat de sportieve dip louterend zal werken voor de olympisch kampioen. „Ik ben blij dat hij niet ook door deze regatta heen is gegleden. De anderen zijn beter geworden. Als Dorian hetzelfde doet als hij deed voor de Spelen in Londen, wint hij niet nog eens. De lat moet verder omhoog. Maar er is tijd genoeg”, aldus de Zuid-Afrikaan.

Ainslie vestigde liever de nadruk op de jonkies, zoals Bekkering en Duetz en de twee vrouwenteams in de 470-klasse, die beide in de toptien eindigden. Of windsurfer Kiran Badloe, die achtste werd. „Vooraf hadden we twijfels hoe een aantal jonge zeilers het zou doen op dit niveau. Met hun prestaties zijn we heel blij.”

Van een andere orde was het fiasco van Pieter-Jan Postma. Hij haalde twee keer zilver op een WK (Cascais, 2007 en Perth, 2011), terwijl hij in Weymouth heel dicht bij olympisch goud was. Maar Santander liep uit op een drama van ongekende omvang.

De Fries deed afgelopen jaar een poging een plaats te bemachtigen aan boord van de boot van Brunel in de Volvo Ocean Race, die over twee weken van start gaat. Die missie mislukte. „Dat was een klap voor mijn zelfvertrouwen. Ik heb deze week gezien dat dat vertrouwen wat fragiel was.”

De bond zal hem voorlopig steunen, maar er zal stevig worden gesproken over zijn schommelingen, vooral op het mentale vlak. Ainslie: „Ik ben optimistisch, ik hoop dat we de boten die minder hebben gepresteerd weer op de rit krijgen. Pieter-Jan moet heel snel terug naar de top. Technisch is hij een geweldige zeiler. Maar we moeten echt werken aan zijn mentale instelling. De Volvo Ocean Race is geen excuus. Die schommelingen heeft hij al langer.”