René Jacobs maakt van ‘Die Entführung’ opruiend feest

Politiek correct – nee, dat is Mozarts Die Entführung aus dem Serail (1782) anno 2014 allerminst. Dat ‘muzelmannen’ tuk zijn op onthoofden, daarover klagen christelijke gijzelaars uit volle borst, ondersteund door de Turkse trom.

Een vol Concertgebouw reageerde zaterdag met lachgrage welwillendheid op Die Entführung (1782), gebracht in zeldzame onbekorte versie. De lange gesproken dialogen werden door dirigent/musicoloog René Jacobs wel gemoderniseerd. Dat lijkt ingrijpend, maar is in de geest juist authentiek: in Mozarts tijd benaderde men die speelscènes ook heel vrij.

Jacobs nam eerder alle grote Mozart-opera’s op. Die Entführung (precair en lastig) bewaarde hij tot nu: de concertuitvoeringen zijn de kroon op het opnameproces. Ook Die Entführung is een triomf volgens de methode Jacobs: pittige tempi, ritmische flair met de tekst als ontbrandingsmechanisme en – de essentie – maximale focus op wat het werk zelf nu eigenlijk écht te vertellen heeft, zowel muzikaal als dramaturgisch.

Het culmineerde in een semiscenisch feest met opgangen vanuit alle deuren en een vonkend subtiel spelende Akademie für Alte Musik, met véél extra lagen in het fortepiano. Jacobs engageerde een bijna perfect zangerskwintet, waarbij acteertalent net zo zwaar telde als vocale brille. Naast een bleke Konstanze (Robin Johannsen) viel Dimity Ivashchenko op als bronstige Osmin. De Oostenrijkse topacteur Cornelius Obonya gaf schor stem aan de barmhartige Bassa Selim. Onvergetelijk.