Vaarwel topfunctie, dag hoog salaris

Marco van Basten trad deze week zélf terug. Hij wil geen hoofdtrainer meer zijn. Dat zie je niet vaak. Ook in het bedrijfsleven geldt: wie aan de top zit, zet zelden een stap terug. Dat deden Marijke Horstink en Peter de Neef wél.

Peter de Neef (54) had bij fabrikant Kone 35.000 werknemers onder zich, nu 35.Marijke Horstink (44) zat in de directie van ABN Amro. Ze ging weg om een uitzendbureau te starten. Foto’s Olivier Middendorp

Toen Marijke Horstink (44) in 2007 in het ziekenhuis terechtkwam met een gecompliceerde blindedarmontsteking, moest ze een week rust houden. „Het enige wat ik deed, was slapen en kranten lezen.” Daarin las ze over de problemen in de zorg, over de ontevredenheid onder verpleegkundigen, de lage salarissen en de werkdruk. „Toen dacht ik: er moet een leuk arbeidsconcept komen voor verpleegkundigen. Met meer aandacht voor hun persoon en hun ontwikkeling.”

Drie maanden later zegde ze haar directiefunctie bij ABN Amro op. En daarmee haar salaris van 175.000 euro per jaar. „Dat salaris loslaten vereiste wel wat moed. Maar de fusieperikelen hadden geleid tot een enorm gekonkel bij de bank. Dat gezaag aan stoelpoten en ellebogenwerk paste niet bij mij. Daar kwam bij dat het een hectische baan was: ik gaf leiding aan duizend mensen in 28 landen en reisde me dus een ongeluk. Ik was nooit thuis.”

Collega’s verklaarden Horstink voor gek. „Met die fusie voor de deur had ik een jaar later zeker een vertrekpremie kunnen krijgen. Maar ik wilde geen jaar meer wachten. Ik wilde een uitzendbureau opzetten voor verpleegkundigen. Ik verlangde naar zelfstandigheid en resultaten behalen voor mezelf.”

De helft zou wat anders willen doen

Arjan Eleveld, directeur van HR-adviesbureau LTP, ziet vaker mensen met een topfunctie die een stap terug doen, in positie en salaris. „De crisis heeft gezorgd voor nogal wat verschuivingen in bedrijven. Vooral in de financiële sector heeft zich heel wat ‘herenleed’ voorgedaan.” Eleveld schat dat zeker de helft van de topbestuurders in Nederland (raad van bestuur en de laag eronder) wat anders zou willen doen. „Je hoort het ze vrijwel nooit zeggen, maar veel toppers voelen zich niet thuis in de corporate ratrace.”

Zo’n topfunctie lijkt van buitenaf gezien heel mooi: de baas zijn over duizend man, een eigen secretaresse, een mooie auto en een goed inkomen. Zeker als je in de raad van bestuur zit, heb je het voor de buitenwereld helemaal gemaakt. „Maar een hoge manager wordt ook geconfronteerd met vervelende dingen: voortdurende bezuinigingen, onzekerheid, afhankelijkheid van nog hoger geplaatsten.”

Niet zo gek dus, volgens Eleveld, dat veel mensen aan de top hunkeren naar meer autonomie, meer waardering en minder afhankelijkheid van anderen. „Maar vaak komt het pas in mensen op om te vertrekken als er iets fout gaat rond hun functie.” Als ze ontslagen worden of op de nominatie daarvoor staan, of worden weggepromoveerd. „Vrijwel altijd ligt er een negatieve motivatie ten grondslag aan hun vertrek, die naar de buitenwereld meestal wordt verpakt in termen als ‘meer vrijheid, meer tijd voor het gezin, een nieuwe draai geven aan het leven’. Zelden hoor je alle ins en outs. Overigens geldt hetzelfde voor zzp’ers, die zijn ook niet allemaal uit vrije wil voor zichzelf begonnen.”

Voor Peter de Neef (54) was het vooral zijn relatie die hem deed besluiten zijn functie in de raad van bestuur van de liften- en roltrappenfabrikant Kone op te geven en uit Finland terug te keren naar Nederland. „Voor een bepaalde periode is een weekendrelatie geen probleem, op de lange termijn wel. Bovendien was ik na dertien jaar bij Kone, waarvan vijf jaar in de raad van bestuur, wel toe aan iets nieuws.”

De Neef werd directeur bij e-Traction, een technologiebedrijf dat onder meer innovatieve elektromotoren voor stadsbussen bouwt. Had Kone 35.000 werknemers, bij e-Traction werken er 35. „Dat e-Traction zoveel kleiner is, daar heb ik geen moeite mee, ik ben niet zo statusgevoelig. De uitdaging hier is om de technologie te vervolmaken, nieuwe markten te veroveren en strategische partners te vinden.”

30 procent minder salaris

Ook de teruggang in salaris van zo’n 30 procent vindt De Neef niet erg. Het leukst aan zijn nieuwe baan vindt hij dat de elektromotoren van e-Traction bijdragen aan een beter milieu. „Dat voelt als een beloning.” Kan hij zich voorstellen dat hij ooit weer bij een grote multinational gaat werken? „Ja, als ik maar genoeg kan bereiken. Maar de dynamiek van een klein bedrijf in een snel groeiende nieuwe markt zal ik daar niet snel vinden.”

Marijke Horstink werkt inmiddels weer net als voorheen in een grote organisatie: haar bedrijf HappyNurse heeft nu zo’n duizend verpleegkundigen en vijftien vestigingen. „Mijn overstap van ABN Amro naar een eigen bedrijf is een sprong in het diepe geweest. Ik weet nog dat ik dacht: als ik na een jaar geen omzet heb weten te realiseren, dan doe ik kennelijk iets fout en ga ik gewoon weer een baan zoeken.” Maar dat viel mee: na zeven maanden had ze 30.000 euro omzet en na anderhalf jaar begon ze winst te maken. De omzet ligt nu op 6,5 miljoen euro per jaar. „Het eerste jaar heb ik mezelf geen salaris gegeven, maar nu heb ik weer een goed inkomen. Het is ook een soort sport om van minder salaris rond te komen. Bovendien heb ik ook minder behoefte om geld uit te geven.”

Maar heel weinig mensen met een topfunctie zetten de stap naar een eigen bedrijf, aldus Eleveld van LTP. „De onzekerheid wat het leven dan gaat brengen, de teruggang in salaris en het lagere aanzien doet hen daarvoor terugdeinzen.” Toch worden de meeste mensen gelukkiger als ze een hoge positie achter zich laten en kiezen voor iets anders, is de ervaring van Eleveld, die in de loop der jaren veel toppers heeft gecoacht.

Dat geldt ook voor Marijke Horstink. Ze somt moeiteloos de voordelen van haar nieuwe baan op: „Ik heb niet meer het gevoel dat ik voor een ander moet presteren. Ik zie heel rechtstreeks resultaat van mijn werk. Als ik een idee heb, ga ik het gewoon doen. Geen zure heren en dames die alleen maar beren op de weg zien en geen risico’s durven nemen. Geen eindeloze dagen met vergaderingen meer. En ik werk vanuit huis. Nee, ik wil nooit meer anders!”