Sterrenstelsels die botsen eindigen vaak als pannekoek

Elk kleurig vlekje op de afbeelding hiernaast bestaat uit twee sterrenstelsels. Ze zijn bezig samen te smelten, nadat ze eerder met elkaar in botsing zijn gekomen.

Nooit eerder zijn de gevolgen van zulke kolossale botsingen zo helder in beeld gebracht. En op basis van hun onderzoek kan de internationale groep astronomen die het heeft uitgevoerd meteen een aloude opvatting weerleggen (Astrophysical Journal Supplement, augustus). Lang is gedacht dat twee botsende sterrenstelsels meestal resulteren in één groter, elliptisch stelsel, lijkend op een rugbybal. Maar aan de nieuwe plaatjes is af te lezen dat het gas in bijna alle gevallen bezig is om zich tot een grote pannekoek te organiseren – een schijf die om een nieuw, gezamenlijk middelpunt draait. Botsende stelsels veranderen dus meestal in grote schijfstelsels – sterrenstelsels van het soort waartoe ook onze Melkweg behoort.

Het internationale team gebruikte voor het onderzoek negen radiotelescopen, waaronder de vorig jaar officieel geopende ALMA-telescoop in de Atacamawoestijn in het noorden van Chili. Al deze grote schotelantennes vangen de radiostraling op die door gasmoleculen in de stelsels wordt uitgezonden. Hun afstand tot de aarde varieert van 40 tot 600 miljoen lichtjaar.

Op het beeld hiernaast is de bewegingsrichting van het gas aangegeven met een kleur. Gebieden die blauw zijn ingekleurd komen onze kant op, de rood gekleurde gebieden bewegen van ons vandaan. De dichtheidsverdeling van het gas is aangegeven met witte contourlijnen.

Hoe de botsende sterrenstelsels er vóór hun ontmoeting uitzagen, is onbekend. Verder is nog onduidelijk of álle grote schijfstelsels in het heelal op deze manier zijn ontstaan. Ook voor onze Melkweg is dat onbekend.