Schotland bespaart zichzelf en Europa een stap in het duister

Moet Schotland een onafhankelijk land zijn? Op die vraag hebben de Schotten helder antwoord gegeven: nee. Met een grotere marge dan het zich tijdens de spectaculaire, harde campagnes nog liet aanzien, is dit de beste uitkomst. Voor Schotland, het Verenigd Koninkrijk en voor Europa.

Het lidmaatschap van de Unie met Engelsen, Welsh en (Noord-) Ieren, heeft de Schotten al driehonderd jaar voordeel gebracht: bescherming tegen buitenlandse bedreigingen, toegang tot wereldwijde markten en een bovenmodaal aandeel in bestuur en cultuur. In tijden van globalisering geldt dat onverkort: eendracht maakt macht.

Schotland had al forse eigen bevoegdheden; dat worden er nu nog meer. Alex Salmond, premier van de Schotse deelregering en als leider van de Scottish National Party het gezicht van de stem voor onafhankelijkheid, is een risicovolle stap in het ongewisse bespaard gebleven. Hij heeft de brede afkeer van het verre Londen briljant geëxploiteerd. Maar voor het volledig doorsnijden van de banden zijn de Schotten gelukkig teruggeschrokken. Salmond verbond daaraan gisteren consequenties door te vertrekken als partijleider en premier. Maar zijn opvolger blijft in een comfortabele onderhandelingspositie.

De Britse Unie valt dus niet uiteen. Premier Cameron, die twee jaar geleden al te lichtvaardig dit referendum uitschreef toen de peilingen hem gunstig leken, hoeft niet af te treden. Engeland en Schotland blijft financiële instabiliteit en een vechtscheiding bespaard. Tegelijkertijd is het goed dat ‘Londen’ zich realiseert dat de Unie geen gegeven is. Het had zomaar een ‘ja’ kunnen zijn – een nuttige reality check voor een land dat nog wel eens lijkt te vergeten dat het geen wereldrijk meer heeft, en sindsdien een gewoon middelgroot land is aan de rand van Europa.

Dat Europa is ook een stap in het duister bespaard gebleven. Maar alleen al het idee van een onafhankelijk Schotland, met potentiële navolgers uit Spanje of Italië, bracht aan het licht hoe zeer de Europese Unie gebouwd is op traditionele eenheidsstaten, en hoe weinig ze raad weet met eigenwijze regio’s die zich óók onder een Europees dak thuis willen voelen.

Brussel krijgt nu gelukkig geen politiek, economisch, militair en cultureel verzwakt Medium Britain aan tafel, plus een geruite nieuwkomer. De Britten kunnen hun, soms ergerniswekkende maar nuttige rol blijven spelen. Hun trans-Atlantische, marktgerichte perspectief is ook het belang van Nederland.

Een Brittannië zonder Schotland zou een dreigende Britse uitstap uit de EU zeker dichterbij hebben gebracht, al was het alleen al omdat de Schotten in meerderheid pro-Europees zijn. De argumenten die Londen tegen een Schotse exit predikte – samen sterk – zou ze zichzelf in Europees verband nu ook beter moeten aantrekken.

Het Koninkrijk heet nog Verenigd, de interne verhoudingen zullen wel ingrijpend veranderen. De maximale autonomie die de Schotten uit het referendum slepen, zullen de anderen, te beginnen de Engelsen, nu ook voor zichzelf opeisen. Bij een eerdere emancipatieronde kregen Schotland, Wales en Noord-Ierland een eigen parlement. De Engelsen, met 50 miljoen de grootste ‘deelnatie’, kregen niets. Zij mochten zich niet meer bemoeien met Schotse kwesties, maar in het landsparlement in Westminster bleven Schotten meebeslissen over Engelse kwesties. Dat is nu onhoudbaar geworden. De roep om een Engels bestuur voor de Engelsen zal – terecht – toenemen. Het betekent dat het Verenigd Koninkrijk onafwendbaar opschuift naar een federatiemodel.

Voor de grote partijen, het Londense establishment waartegen de SNP te hoop liep, breken onzekere tijden aan. Onder Camerons Tories wordt bijvoorbeeld al gemord dat de premier te veel concessies aan de Schotten heeft gedaan. Zijn positie is niet sterker geworden.

Vóór het referendum werd al somber opgemerkt dat de Unie ‘spiritueel’ dood was als Schotten en Engelsen ongeacht de uitslag goeddeels hun eigen weg zouden gaan. Toch was de Unie altijd al minder een kwestie van liefde dan een verstandshuwelijk. Na een knallende ruzie hebben Schotten én Engelsen nu besloten hun relatie voort te zetten. Dat vraagt energie, inschikkelijkheid, creativiteit en een dosis zelfspot. Precies waar deze eilandbewoners vanouds nogal goed in zijn.