‘Mama is mama, met of zonder haar. Dat is mooi’

Paul van der Hoeven (40) en Hilde Kloosterman (40) wonen in Rhoon met hun twee kinderen. Hilde verloor al haar haar. Nu adviseert ze vrouwen die ook met haarverlies te maken hebben. „Je verliest je hele identiteit.”

Paul: „Elke keer dat ik je zonder haar zag, schrok ik me dood. ‘Je bent doodziek’, dacht ik dan.” Foto David Galjaard

‘In zeven weken al mijn haar kwijt’

Hilde: „Vier jaar geleden heb ik onverwacht al mijn haar verloren, door een auto-immuunziekte. In zeven weken was ik al mijn haar kwijt. Ik heb geen wenkbrauwen meer, geen wimpers, geen haar meer op mijn armen.”

Paul: „Het was net een nare film. Ik heb er heel erg aan moeten wennen.”

Hilde: „Ik wist meteen: dit zit niet goed. Er kwamen zulke haarballen uit mijn haar, iedere dag, dat ik het niet eens meer door de wc kon spoelen. Na anderhalve week zat ik bij de huisarts. Ik zei letterlijk ‘stuur me met spoed door naar het ziekenhuis’ – alsof ze het daar met een wonderpilletje kunnen stoppen.”

Paul: „Dat haar was na zeven weken wel weg. Maar elke keer dat ik je zonder haar zag, schrok ik me dood. ‘Je bent doodziek’, dacht ik dan.”

Hilde: „Ik verloor alleen mijn haar. Bij alopetia denkt je lijf dat je haren indringers zijn, ze stoten het af.”

Paul: „Dus een pilletje helpt niet. Gelukkig is het niet levensbedreigend.”

Hilde: „Van dat haarverlies heb ik mijn werk gemaakt. Ik geef vrouwen advies die hun haar verliezen. Vaak door chemotherapie, maar ook door ouderdom. Ik verzorg haarwerken. Ik noem het bewust een ‘haarwerk’. Een pruik draag je met carnaval.”

‘Je verliest je identiteit’

Hilde: „Ik heb echt stad en land afgezocht naar mooie oplossingen voor mijn haarwerk. Dat viel nog niet mee. Parallel aan die zoektocht zag ik ook best veel mensen in mijn omgeving die werden getroffen door kanker. Die komen in een rollercoaster terecht. Je krijgt de diagnose, dan moet je meteen aan de chemo en krijg je een lijst met wat er moet worden gedaan: bloed prikken, scan zus, scan zo, en oh ja, je moet ook nog wat regelen voor je haar. En heel veel vrouwen geven aan dat juist de stress van dat haarverlies gigantisch is.”

Paul: „Sla een vrouwenblad open en je ziet wenkbrauwen, make-up, haar. Als man sta je er niet bij stil hoe dramatisch dat is voor een vrouw.”

Hilde: „Je verliest je hele identiteit.”

Paul: „Het was het kruispunt van ons leven. We hadden allebei een drukke baan, de kinderen waren superjong.”

Hilde: „Een en drie.”

Paul: „Maar je moet toch door, de kinderen gaan ook door. Ik werkte toen bij Eneco, nu nog steeds.”

Hilde: „Volgende week vrijdag is mijn nieuwe haar klaar. Dat wordt op Bali geknoopt en daar heb ik dan helemaal de regie over.”

Paul: „Hilde is daar heel open over. Het mooie is dat er kinderen naar haar toekomen die zeggen: ik ga mijn haar doneren. Nu wordt er van schoolvriendinnetjes van onze dochter Roos een nieuw haarwerk gemaakt. Roos zegt ook ‘ik ben haar aan het sparen voor mama’. Als je dat hoort, moet je wel even slikken.”

Hilde: „De pruik houd ik altijd op, tijdens het sporten, ook ’s nachts.”

Paul: „Soms niet.”

Hilde: „Alleen als ze in de was zijn.”

Paul: „Soms ziet ze een BN’er op tv en zegt ze: die draagt een haarwerk.”

Hilde: „In de supermark ben ik geneigd mensen met een haarwerk aan te spreken en te zeggen: het kan zo veel beter, kom bij mij.”

Paul: „Ik heb het nu niet meer zo door, behalve als ze hem afzet. Dan komt het toch altijd weer binnen.”

Hilde: „De badkamer is de enige plek waar hij afgaat. En die is altijd open.”

Paul: „Voor de kinderen is het ook geen geheim.”

Hilde: „Het maakt de kinderen ook niet uit. Mama is mama, met of zonder haar. Dat is ook wel mooi, dat die liefde zo onvoorwaardelijk is.”

‘Samen klussen is ook quality time’

Hilde: „Toen ik begon met mijn bedrijf hebben we alle onnodige kostenposten eruit gegooid.”

Paul: „Dat kan ook, want we zitten in een andere fase. Toen de kinderen klein waren zaten ze alle twee drie dagen op de crèche. Die kosten heb je nu niet, we hebben nu één dag BSO.”

Hilde: „Ik werk vanuit huis. Ik bezoek patiënten aan huis of in het ziekenhuis. En ik heb ook nog een spreekuurlocatie in Rotterdam-Zuid. Het schoonmaken doe ik vaak tussendoor. Als Paul de kinderen in bad doet, dan raus ik door het huis.”

Paul: „Vroeger deed de hulp het. De echte klusjes doe ik, dan helpt mijn zoon met zijn gereedschap. Dat is ook quality time. Je hoeft niet naar een pretpark om het leuk te hebben.”

‘Weer vijf dagen werken’

Paul: „Dat Hilde voor zichzelf is begonnen, heeft een andere balans in ons leven gebracht. Ik ben van vier weer vijf dagen gaan werken, om het verlies van haar inkomen op te vangen.”

Hilde: „Ik plan ook wel patiënten in de avond in, of in het weekend.”

Paul: „Papadag inleveren vond ik niet leuk. Maar nu ik weer drie, vier maanden fulltime bezig ben, merk ik ook: ik heb meer lucht. Dit voorjaar heb ik voor het eerst de Alpe d’Huez gefietst. En ik loop graag hard.”

Hilde: „En je vergeet een ding: je bent ook heel fanatiek bij de Ronde Tafel.”

Paul: „Dit jaar ben ik voorzitter van de Tafel in Rhoon. We zetten ons in voor de maatschappij en de buurt. Je leert mensen kennen in dezelfde levensfase met heel verschillende achtergronden. In de krant lees je over detaillisten of aannemers die het moeilijk hebben, maar nu hoor je ze echt.”