Je leven wagen voor Nederland is niet genoeg

De Afghaan Abdul Ghafoor Ahmadzai was tolk voor het Nederlandse leger. Hij ontvluchtte zijn land nadat de Talibaan zijn broer vermoordden: ze dachten dat hij het was. Nu stuurt Nederland hem terug.

Abdul Ghafoor Ahmadzai, voormalig tolk voor het Nederlandse leger, krijg geen asiel. Foto Ans Brys

Staatssecretaris Fred Teeven (Immigratie, VVD) maakte gisteren een einde aan de laatste hoop van de Afghaanse defensietolk Abdul Ghafoor Ahmadzai om veilig in Europa te blijven. Teeven ziet geen aanleiding om diens asielaanvraag inhoudelijk te behandelen. Immers, Ahmadzai vroeg eerder, zonder succes, asiel aan in Noorwegen. Nu moet hij terug naar Afghanistan.

Er „mag op worden vertrouwd dat de Noorse autoriteiten op basis van het volledige asielrelaas van betrokkene hebben beoordeeld of hij gevaar loopt bij terugkeer naar Afghanistan”, schrijft Teeven in antwoord op vragen van Tweede Kamerleden van D66.

Het verhaal van Abdul Ghafoor Ahmadzai verscheen vorige maand in deze krant. De tolk werkte jaren voor de legers van de Verenigde Staten en Nederland voordat hij in 2010 Afghanistan ontvluchtte. Hij vertelde hoe zijn broer door de Talibaan was vermoord toen die voor Abdul werd aangezien. En hoe hij, nadat de daders achter hun vergissing kwamen, zelf werd bedreigd. Toen Noorwegen hem uitzette, kwam hij via Duitsland naar Nederland in de hoop nu wel asiel te krijgen in een land waarvoor hij gewerkt had.

Geen bijzondere omstandigheid

De staatssecretaris bevestigt dat de tolk in Uruzgan voor het Nederlandse leger werkte, maar „het enkele feit” dat de tolk daar zijn leven waagde voor Nederland „is onvoldoende”, om zijn zaak hier opnieuw te toetsen, aldus de staatssecretaris. Daarmee is de kwestie voor hem afgedaan.

Om te voorkomen dat asielzoekers in verschillende landen gaan ‘shoppen’, zijn er Europese afspraken gemaakt dat alleen het land van aankomst een asielaanvraag hoeft te behandelen. Op die zogenoemde Dublin-regel mogen betrokken landen echter uitzonderingen maken. Als „bijzondere, individuele omstandigheden” daarom vragen, kan een asielaanvraag in een tweede land opnieuw behandeld worden. Volgens het kabinet is tolken voor onze defensie in oorlogsgebied dus niet zo’n omstandigheid.

Ahmadzai zal nu worden teruggestuurd naar Noorwegen, dat hem vervolgens zal uitzetten naar Afghanistan. Hij kreeg dat nieuws gisteren te horen in het asielzoekerscentrum waar hij verblijft en reageerde wanhopig. „Waar heb ik het aan verdiend dat het land met wiens soldaten ik schouder aan schouder heb gevochten mij nu de dood instuurt?” zei hij.

„Noorwegen is na de beoordeling van de asielaanvraag tot de conclusie gekomen dat er geen gronden zijn om aan te nemen dat betrokkene te vrezen heeft voor vervolging of onmenselijke behandeling”, schrijft Teeven. Afghanen die voor de westerse strijdkrachten gewerkt hebben, lopen daar echter aantoonbaar gevaar. Tolken van verschillende bondgenoten zijn vermoord. Veel landen die militair actief waren in Afghanistan hebben daarom speciale asielregelingen voor hun vertalers. Het Nederlandse kabinet voelt daar niet voor. Noorwegen heeft wel een dergelijke regeling, maar alleen voor eigen tolken.

Eén belangrijke vraag liet Teeven onbeantwoord. De Kamerleden vroegen hem ook hoe het blind uitzetten van Ahmadzai zich verhoudt met de eerdere uitspraak van minister Jeanine Hennis-Plasschaert (Defensie, VVD) dat „mensen die in levensgevaar verkeren omdat zij voor de Nederlandse missie gewerkt hebben, op steun moeten kunnen rekenen”. Hennis zelf zei gisteren na afloop van de ministerraad dat dit betekent dat Defensietolken „bijzondere aandacht” verdienen, maar „niet een automatisch recht” hebben op asiel in Nederland.

Defensie zegt tolken in het missiegebied zo goed mogelijk te beschermen, onder andere door ze niet herkenbaar in media te laten verschijnen. In de zomer 2009 was Ahmadzai echter te zien en te horen in een BBC-reportage over de Nederlandse troepen in Uruzgan. Teeven noemt dat „ongelukkig”, maar lijkt het niet mee te wegen in zijn oordeel.

Het Noorse oordeel

Teeven, die gisteren na de ministerraad weigerde verdere toelichting te geven, schrijft dat zijn Immigratie- en Naturalisatiedienst de zaak niet inhoudelijk hoeft te beoordelen omdat Noorwegen dit al heeft gedaan. Maar zijn collega Hennis zei dat zijn zaak „uiterst zorgvuldig” was bekeken. Daarmee leek ze te impliceren dat zijn Noorse dossier op de betrokken ministeries wel degelijk feitelijk bestudeerd is.

Wil Eikelboom, Ahmadzai’s advocaat, noemt dat „merkwaardig”. „Nederland moet of het Noorse oordeel blind vertrouwen of de zaak inhoudelijk beoordelen. Als er twijfels zijn, moet ook de asielzoeker zelf opnieuw gehoord worden. Dat is nu niet gebeurd. De overheid mag niet stiekem zijn dossier bekijken.”

De militaire vakbond AFMP noemt de beslissing „schandalig”. Voorzitter Anne-Marie Snels vindt dat „Defensie de morele plicht en verantwoordelijkheid heeft om ook voor de veiligheid van ex-werknemers te zorgen”. Volgens haar „krijgt Ahmadzai geen eerlijke kans omdat de bewindspersonen bang zijn voor precedentwerking”.

Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma van D66 vindt de antwoorden van Teeven „teleurstellend” en wil de betrokken bewindslieden verder over de kwestie ondervragen. „Misschien is hun reactie procedureel juist. Maar zeker na de eerdere uitspraak van Hennis, kun je het ook als een erezaak zien om in ieder geval het vluchtverhaal van deze tolk te checken.”

Advocaat Eikelboom heeft beroep aangespannen bij de Raad van State. Maar het is onwaarschijnlijk dat die anders oordeelt dan de staatssecretaris en eerder de asielrechter. De Raad van State-procedure vormt ook geen beletsel voor de overheid om Ahmadzai uit te zetten. Eikelboom hoopt dat „de staatssecretaris zo sjiek is om daarop te wachten”.

Nog voordat Teeven met zijn finale oordeel kwam, probeerde de Dienst Terugkeer en Vertrek al begin deze maand Ahmadzai naar Noorwegen te sturen. Na vragen van deze krant bleek die uitzetpoging een vergissing en werd zijn vliegticket geannuleerd.

Ook over die fout verantwoordde Teeven zich gisteren schriftelijk tegenover de Tweede Kamer. „In organisaties waar mensen werken, worden nu eenmaal fouten gemaakt”, schrijft de staatssecretaris.