Is dit de weg naar Bandol?

Inmiddels zitten we al een paar weken in Bandol. Of beter gezegd: in Saint-Cyr-sur-Mer.

Werkvakantie. Studiereis. Alibi.

Ik schrijf echter maar Bandol. Bijna niemand kent Saint-Cyr. Nou ja, u dan toevallig.

Houden zo. Dan komen er minder mensen.

Lekker rustig.

Bovendien staat het huis waar we verblijven ook nog eens aan een voor verkeer doodlopend weggetje langs de kust.

Nog rustiger.

Af en toe wat wandelaars die het pad langs het huis naar – jazeker - Bandol volgen.

‘Bonjour.’

Ook bonjour.

Tik tak tikken de nordic stokken – ook hier- verder over het onbehouwen steen.

In het een autokwartiertje noordelijker gelegen Le Castellet komen daarentegen heel veel mensen.

Cité médiévale, nou dan weet je het wel.

Maar ook daar is de auto niet welkom.

Leveranciers krijgen vijftien minuten om te laden en te lossen. Dan moeten ze weer wegwezen. Anders gaat het middeleeuwse gevoel verloren.

We parkeren onze gehuurde Opel Mokka (hij is overigens rood) op een van de twee parkeerplaatsen net buiten het dorp.

Kost € 3,40. Mag ie de hele dag blijven staan. In Amsterdam niet eens een uurtje.

Nu is een uurtje ook wel genoeg om Le Castellet te zien, cité médiévale of niet.

Soort Zaanse Schans. Of Volendam, zo u wilt. Oude huisjes met winkeltjes.

Zeep. Tafelkleedjes. Antiquités. Herbes de Provence.

Een opvallend aanbod van vogelkooitjes overigens waar geen vogels in zitten maar lavendel.

Ook zijn er twaalf horecagelegenheden.

Een crêperie. Een brasserie. Een ijswinkel. Smoothies hebben eveneens hun intrede gedaan in de middeleeuwen.

Er is echter een restaurant dat zeker een uurtje extra verdient: Le Pied de Nez.

Voor wie gezeten op hun terrasje de goede kant op kijkt: vue panoramique.

Voor wie de andere kant op kijkt: vue parking.

Voorts is er een eenvoudige spijskaart. Met vandaag als menu du jour een adequate venkelsalade met mosselen, aardige varkenslapjes met zelfgemaakte béarnaise en niet zo goede tonijn in tempura: visje is ‘doorgeslagen.’

Het wijnaanbod - Le Pied de Nez is tevens cave à vin- is daarentegen zeer de moeite waard:

Bourgogne Beaune 1er Cru van het zeldzame Domaine Fanny Sabre.

De verzamelaarschampagne van Vouette et Sorbée Fidèle Extra Brut

De unieke Chablis Monopole van Château de Béru.

De onvergelijkbare Rhône van Gramenon

De perfecte Beaujolais’ van Thévenet en Lapierre.

Om maar wat te noemen. En nog très sympa geprijsd ook.

Maar ja, je bent in de buurt van Bandol of niet: dus Tempier rosé.

Geen klagen. Integendeel.

‘Of we al aan het dessert toe zijn?, informeert op zeker moment de eveneens très sympa serveerster.

We wijzen op de fles Tempier die nog zeker twee glazen in zich heeft.

Ons dessert.

De tafel met het echtpaar naast ons is wel aan zoet toe.

Opvallend is de lichaamstaal van mensen als zij de dessertkaart aangereikt krijgen.

Zo anders dan wanneer de gewone kaart wordt aangereikt.

Eerst wipt het achterwerk iets van de stoel. Weer geland, een aarzelend heen en weer schuiven. Een verwachtingsvolle glimlach om de lippen. Een kort moment van onderlinge samenzwering boven de tafel. Een blik die het midden houdt tussen blij en ondeugend.

Let u er maar eens op.

Ik kijk weer opzij, naar de parkeerplaats.

Ik zie de Mokka staan.